Raadgever Regionale samenwerking binnen de Omgevingswet

Inwoners, ondernemers en overheden ervaren het huidige omgevingsrecht (met meer dan twintig wetten en honderden regelingen) als te complex en versnipperd. Het is vaak niet duidelijk wat per gebied wel en niet mogelijk is en een integrale benadering is haast onmogelijk. Vaak is er meer dan een bevoegd gezag betrokken. De Omgevingswet gaat dat veranderen.

Per vergunning komt er één bevoegd gezag en er zijn minder vergunningen vereist. De gemeente krijgt meer ruimte voor lokaal maatwerk. In de praktijk wordt die begrensd door beleid en verordeningen van onder meer de provincie en het waterschap. De gemeente moet in gesprek gaan met andere overheden (buurgemeenten, provincie, waterschappen, regionale Rijkswaterstaat) en met regionale uitvoeringsdiensten (omgevingsdienst, veiligheidsregio, GGD/GHOR-regio) om te komen tot eenduidig beleid. Dat is ingewikkelder dan de gebruikelijke inspraakprocedures met inzage in stukken en indienen van zienswijzen. Het gaat voortaan niet zozeer om de procedures en de regels, maar om afstemming, overleg en vertrouwen.

Deze raadgever is bedoeld om u meer grip te geven op regionale samenwerking in het kader om de Omgevingswet.

Raad niet automatisch betrokken bij regio

Gemeenteraden zijn betrokken bij de regio. Om geïnformeerd te zijn en een vinger aan de pols te houden (wat speelt er?) en om op te kunnen (bij)sturen in de gewenste richting (welke kant op?). Tegelijkertijd is er regionaal vaak een wirwar van regelingen en verbanden, waar raden niet altijd voldoende zicht op hebben.

De gemeenteraad kan op verschillende manieren betrokken zijn bij regionale samenwerking. Bij de omgevingsvisie  is het de vraag wie het voortouw neemt in de regio. Dat verschilt per gemeente. Soms is er een samenwerkingsverband of een centrumgemeente die automatisch het initiatief naar zich toetrekt. In andere gevallen komt het meer vanuit het collectief. In alle gemeenten wordt in het kader van de invoering van de Omgevingswet al regionaal ambtelijk en bestuurlijk afgestemd. Omdat de gemeenteraad verplicht is om een omgevingsvisie vast te stellen, is het zaak vroegtijdig aan te geven welke taakverdeling met het college van B&W wenselijk en haalbaar is en afspraken te maken over ruimte en mandaat.

Hoe organiseer je regionale betrokkenheid?

Enkele suggesties om de regionale betrokkenheid van de raad in te vullen:

  • Regionale stuurgroep van raadsleden voor gemeenschappelijke visie: Meerdere gemeenteraden vormen samen een werkgroep die een omgevingsvisie maakt. Dit vergemakkelijkt de afstemming met de provincie, het waterschap en de omgevingsdienst omdat de input van meerdere gemeenteraden tegelijk bij elkaar komt. Het helpt ook om de tegenstellingen die er zijn langs de gemeentegrenzen direct bespreekbaar te maken.
  • Afstemming door kerngroep van de raad: De raad vormt een werkgroep/kerngroep/begeleidingsgroep die belast is met de afstemming met andere (externe) partijen bij het maken van de omgevingsvisie.
  • Afstemming vanuit projectleiding/college: Afstemming vindt plaats door een projectleider/het college van B&W met de partijen die de raad heeft benoemd (voorbeelden: provincie, buurgemeenten, veiligheidsregio, omgevingsdienst). De projectleider/B&W informeren de raad op gezette tijden over de voortgang.

Aandacht voor goede informatievoorziening

Om regionale samenwerking succesvol te laten verlopen is informatievoorziening voor de gemeenteraad van wezenlijk belang. Informatie moet vindbaar, overzichtelijk en behapbaar zijn.

Informatievoorziening op peil

Geef als gemeenteraad aan wat de wensen zijn met betrekking tot de informatievoorziening (frequentie, vorm, inhoud enz.). Het is de taak van het college van B&W om te zorgen dat u tijdig en volledig geïnformeerd bent. Zeker als er sprake is van regionale afstemming is het van belang dat alle betrokken gemeenteraden tegelijk over dezelfde informatie beschikken. Dat geldt ook voor de informatievoorziening van de andere regionale partners, denk daarbij aan buurgemeenten, provincie, waterschap en uitvoeringsdiensten.

Planning en contouren met elkaar delen

Het is raadzaam om vroegtijdig niet alleen de planning, maar ook alvast de uitgangspunten/contouren van de eigen omgevingsvisie met die van anderen gemeenten en de provincie te delen. Zo kunnen keuzes en plannen beter op elkaar aansluiten met duidelijk ruimte voor bestuurlijke afwegingen. Het is ook belangrijk om elkaar periodiek te ontmoeten om thema’s te bespreken die voor de hele regio relevant zijn.