Raadgever Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)

mei 2018

Goede informatievoorziening is het fundament onder de omgevingswet
 

Hoe weten inwoners en bedrijven welke ruimte er is en welke regels er gelden voor plannen binnen de gemeente? Is die informatie voor een ieder beschikbaar en toegankelijk?

De Omgevingswet geeft gemeenten ruimte om lokale afwegingen te maken over veel aspecten van de leefomgeving. Gemeenten kunnen zo ruimte bieden aan initiatiefnemers, maatwerk leveren en de kwaliteit van de leefomgeving bewaken. Daarbij is (gelijke) informatie voor initiatiefnemers en betrokkenen cruciaal. De wet- en regelgeving van alle overheden moet op één plek toegankelijk zijn, zodat inwoners en bedrijven inzicht hebben in de (on)mogelijkheden en iedereen een gelijke informatiepositie heeft.

Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) biedt de voorzieningen en is de informatiebasis voor het bereiken van de doelstellingen van de Omgevingswet. De gemeenteraad moet dan ook de vinger aan de pols houden bij de ontwikkeling en aansluiting op het DSO.

Wat is het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)?

Het DSO is een samenstel van verschillende voorzieningen. In een digitaal loket worden alle gegevens over de fysieke leefomgeving geografisch (op de kaart) en tekstueel (wet- en regelgeving) gepresenteerd. Dit gebeurt in een landelijke voorziening, waar de informatie over de leefomgeving bij elkaar wordt gebracht en uitgewisseld. Dit maakt dat omgevingsbesluiten, zoals visies en plannen, via het digitaal loket terug te vinden zijn. Dat geldt ook voor gespecialiseerde informatie, zoals geluidskaarten, milieuzones en natuurgebieden.

Verschillende voorzieningen

  • Een aantal voorzieningen wordt landelijk voor alle overheden ontwikkeld, het DSO-LV (Landelijke Voorzieningen).
  • Voor gemeenten is er het DSO-CG (Collectief Gemeentelijke voorzieningen).
  • Het DSO-G (Gemeentelijke voorzieningen) is het deel dat een gemeente individueel moet organiseren en vooral ook vullen (met bijvoorbeeld Omgevingsvisie en Omgevingsplan).

Register
Achter het loket komt een register (digitaal archief) met de beschikbare omgevingsdocumenten zoals visies, plannen en verordeningen van alle overheden. Dat klinkt simpel, maar is dat zeker niet. Niet alle overheden gebruiken bijvoorbeeld dezelfde taal bij het publiceren van hun documenten. Daar worden afspraken over gemaakt. Bijvoorbeeld een algemene standaard voor vastlegging en uitwisseling van overheidsbesluiten en specifieke toepassingsprofielen voor omgevingsdocumenten. In het DSO zit ook een catalogus met standaard begrippen voor gebruikers.

Vertaalslag
Een andere puzzel betreft de vertaalslag van juridische regels naar 'toepasbare regels'. De juridische regels gaan over het beleid, terwijl de toepasbare regels over de gebruiker en zijn plannen gaan. In het DSO 'vragenbomen' komen om gebruikers in gewone mensentaal door de juridische regels heen te loodsen.

Eén loket
Er wordt gebouwd aan één digitaal loket waar gebruikers kunnen starten met hun vragen over de leefomgeving en waar centraal vergunningaanvragen en meldingen kunnen worden gedaan.

Samenwerkingsruimte
Op termijn biedt het DSO ook een digitale samenwerkingsruimte waar verschillende partijen kunnen werken aan hun ideeën, plannen en vergunningaanvragen.

Rol gemeenteraad bij het DSO

Het loket wordt in fasen ontwikkeld. Bij de inwerkingtreding van de wet biedt het nieuwe loket tenminste hetzelfde dienstverleningsniveau als nu. Veel van deze informatie is al digitaal beschikbaar. Gemeenten zijn nu verplicht om bijvoorbeeld hun bestemmingsplannen te publiceren via ruimtelijkeplannen.nl. Het is de bedoeling dat in 2024 alle digitale functies van het loket volledig beschikbaar zijn. Voor de gemeenteraad is dit geen ver-van-mijn-bed-show!

Denk concreet aan de volgende punten en stuur daarop!


Gelijke informatiepositie

  • In het DSO legt de gemeente met zijn omgevingsvisie en omgevingsplan het juridisch kader vast voor ontwikkelingen binnen de fysieke leefomgeving. De informatie moet volledig en accuraat zijn. In zijn rol als kadersteller moet de gemeenteraad over de informatie kunnen beschikken om lokale beleidskeuzes te maken over regels en normen. In de contacten met inwoners en bedrijven is het voor de raad als volksvertegenwoordiger belangrijk om van dezelfde informatie uit te gaan. Kortom, ook voor de raad is een goed werkend DSO een randvoorwaarde voor de goede uitvoering van de omgevingswet in de gemeente.
  • Een groot deel van de regels over de fysieke leefomgeving komen van de gemeente zelf. De gemeentelijke informatie moet dus actueel, juist en volledig zijn. Denk daarbij aan diverse basisregistraties, de BAG en andere geodata. De kwaliteit van de gemeentelijke bouwstenen bepaalt de kwaliteit en werking van het DSO in de praktijk.
  • Verzoek het college van B&W om op de hoogte gehouden te worden van vorderingen, mogelijke knelpunten en keuzes en zet het onderwerp regelmatig op de agenda.

Omgevingsplan altijd actueel

  • In tegenstelling tot een bestemmingsplan, dat één keer in de tien jaar moest worden geactualiseerd en door de gemeenteraad vastgesteld, moet het omgevingsplan in het DSO altijd actueel zijn. Wijzigingen van het omgevingsplan, bijvoorbeeld afwijkende plannen waarvoor het college van B&W een vergunning afgeeft, moeten telkens verwerkt worden. Het is de (controlerende) taak van de gemeenteraad om te bewaken dat het omgevingsplan in het DSO up-to-date is. De gemeenteraad kan zo ook een vinger aan de pols houden, omdat besluitvorming over plannen die strijdig zijn met het omgevingsplan geen bevoegdheid meer zijn van de raad. De raad kan alleen nog advies uitbrengen aan het college van B&W.
  • Benut de doorlopende actualisering van het omgevingsplan om de consistentie van het beleid en de aansluiting van het omgevingsplan op de omgevingsvisie te monitoren.

Spanningsveld ruimte versus duidelijkheid

  • Hoe het DSO er technisch precies uit gaat zien en welke toepassingen het gaat bieden is nog in ontwikkeling. Het kan zijn dat er een spanningsveld ontstaat tussen aan de ene kant de lokale vrijheid om een meer globale omgevingsvisie/omgevingsplan te maken, en aan de andere kant de noodzaak om dat beleid schriftelijk en visueel vast te leggen. Daarbij moet informatie in een digitaal opvraagbare vorm worden vastgelegd, zodat inwoners en bedrijven concreet antwoord krijgen op gedetailleerde vragen over geldend beleid. Maar de gemeenteraad moet ook de mogelijkheid hebben om bepaalde onderwerpen in een omgevingsvisie/omgevingsplan globaal en met open normen te beschrijven. Vorm en inhoud kunnen elkaar bijten.
  • Wees bewust van het spanningsveld tussen vorm en inhoud en bespreek het onderwerp bij de invoering van de Omgevingswet in de gemeente.