Een duurzaam 2030: dáár werken we naartoe. In de Global Goals, de duurzame ontwikkelingsdoelen van de VN, komen alle opgaven die gemeenten nu moeten aanpakken samen: de energietransitie, het tegengaan van ongelijkheid, het bevorderen van duurzaam economisch herstel. Maar met nog maar negen jaar te gaan om de Global Goals te behalen, is er werk aan de winkel.

Daarom organiseerde de VNG op 11 maart 2021 de tweede editie van de Global Goals Gemeenten Meet-up. De Meet-up onderstreepte hoe ontzettend belangrijk het is dat gemeenten op een integrale manier gaan werken aan duurzaamheid: fysiek, sociaal én economisch. Want die kruisverbanden, dát is waar de Global Goals Agenda om gaat. En de VNG is niet de enige die dat belangrijk vindt, zo getuigen de maar liefst 380 aanmeldingen voor de Global Goals Gemeenten Meet-up vanuit alle hoeken van gemeentelijk én Caribisch Nederland. Een krachtig geluid vanuit lokaal Nederland dat het belang van het halen van de mondiale duurzaamheidsdoelen onderstreept.

Live vanuit een studio op het VNG kantoor "de Willemshof" verenigden we het inmiddels 103 gemeenten tellende Gemeenten4GlobalGoals netwerk, deelden sprekers uit tientallen gemeenten in plenaire sessies en in deelsessies inspirerende praktijkvoorbeelden van hoe je lokaal aan de slag kunt met de Global Goals, en werden ideeën uitgewisseld over hoe we samen nóg meer impact kunnen maken. Een samenvatting van deze ideeën en actiepunten per deelsessie vindt u in onderstaand verslag gebundeld, zodat ook u deze actiepunten kunt uitvoeren om de Global Goals lokaal goed te verankeren in de opmaat naar de gemeenteraadsverkiezingen in 2022!

Voorzitter van de VNG en burgemeester van Den Haag Jan van Zanen opent de Meet-up door alle deelnemers welkom te heten bij de tweede editie van de online Global Goals gemeenten Meet-up. Hij blikt terug op de succesvolle, fysieke Meet-up een jaar geleden, waarbij er toen zo’n 100 deelnemers samenkwamen in de Social Impact Factory in Utrecht. De Meet-up is nu anders, maar net zo inspirerend en rijk qua uitwisseling van ervaringen.

Samen geven we inhoud aan het predicaat ‘Gemeenten4GlobalGoals’ want alleen door samen te werken kunnen we deze doelen behalen! De Gemeenten4GlobalGoals-campagne is een ‘community of practice’ die nog steeds groeit, we zijn de 100 gemeenten voorbij en het aantal neemt ook nog steeds toe. Daarnaast is deze week, na eerder al Sint Maarten, nu ook Aruba aangesloten. Van deze beide landen zijn er ook deelnemers aanwezig en ook Curaçao is in deze bijeenkomst aanwezig. De heer van Zanen heet hen ook speciaal welkom. Het is een prachtig en rijk netwerk.

Een mooi voorbeeld van hoe de Global Goals stimuleren tot samenwerking is de City Deal Impact Ondernemen. In deze ‘deal’ werken gemeenten samen met de rijksoverheid, bedrijven en de financiële sector. Als burgemeester van Den Haag is Jan van Zanen trots dat zijn gemeente de City Deal ook tekent. Staatssecretaris Mona Keijzer geeft in een videoboodschap de aftrap voor de City Deal. Daarnaast gaat de workshop over economisch herstel later vanmiddag er nog dieper op in.

Zoals het programma van deze bijeenkomst laat zien is het scala aan partnerschappen nog breder. Gemeenten werken ook samen met maatschappelijke organisaties, met het onderwijs en ook op Europees en internationaal niveau. Ook hier in Den Haag, de internationale stad van Vrede en Recht, slaan we graag de handen ineen met de vele organisaties in de stad om zo gezamenlijk aan de Global Goals te werken. Ik heet daarnaast Carlos Berrozpe García van de Europese Commissie, Emilia Saíz, de secretaris-generaal van onze wereldkoepel van lokale overheden, UCLG, en andere internationale deelnemers van harte welkom.

Duurzaamheid kwam in 2018 in bijna alle collegeprogramma’s als meerjarige opgave prominent naar voren. En terecht, de urgentie is er. De Global Goals geven ons de perfecte kapstok om duurzaamheid in de brede zin aan te pakken. Gemeenten hebben de opdracht te zoeken naar de balans tussen de sociale, fysieke en economische aspecten van duurzaamheid.  We moeten voorzien in basisvoorzieningen, zoals huisvesting, werk, inkomen en gezondheid, met oog voor de grenzen die onze omgeving stelt aan alle menselijke activiteit. Dat zal óók de komende collegeperiode weer een grote opgave zijn. Die balans, het vinden van evenwicht in al die belangen, het beslag op de ruimte, zorgen dat iedereen mee kan doen, de energietransitie, werkgelegenheid behouden met oog voor of dankzij een sterkere circulariteit. Laten we ons het komende jaar éxtra inzetten om de resultaten van ons werk als Global Goals gemeenten zichtbaar te maken en daarmee straks de onderhandelaars voor de nieuwe colleges extra materiaal bieden voor nog steviger afspraken over de inzet op duurzaamheid. Laten we dit doen met de Global Goals als referentiekader en lokaal partnerschap als uitgangspunt.

Daarvoor is ook goed partnerschap met de rijksoverheid noodzakelijk. De andere verkiezingen, volgende week voor de Tweede Kamer, zijn daarom nu éérst van belang. De VNG heeft neergelegd wat voor een goed partnerschap nodig is. Zodra er afspraken zijn over het structureel herzien van de financiële verhoudingen tussen Rijk en gemeenten en invoering van een Wet Decentraal bestuur, moeten we doorpakken met transities. Ook samen met de provincies en de waterschappen. Ik hoop dan ook dat óók de rijksoverheid de Global Goals gaat verankeren in een coherent en stevig duurzaamheidsbeleid. Laten we samen de uitdaging aangaan om te laten zien dat het mogelijk is!

Door Emilia Saíz, secretaris-generaal van de wereldkoepel van lokale overheden United Cities and Local Governments (UCLG), Carlos Berrozpe García, hoofd van de sector SDG’s van de Europese Commissie, en Wobine Buijs-Glaudemans, burgemeester van de gemeente Oss en VNG Global Goals ambassadeur.

De eerste vraag om de dialoog te openen werd aan Emilia Saíz gesteld: wat hebben we het afgelopen jaar, ondanks de moeilijke omstandigheden, bereikt als lokale overheden wereldwijd?

Emilia Saíz – secretaris-generaal van United Cities and Local Governments

“Ik denk dat we heel veel hebben bereikt. Het belangrijkste punt voor mij is dat we het afgelopen jaar hebben beseft hoe ontzettend actueel de doelen zijn. De prioriteiten die lokale overheden hebben moeten stellen het afgelopen jaar om de impact van de pandemie het hoofd te bieden waren vaak de juiste. De Global Goals zijn het perfecte raamwerk waarbinnende noodzakelijke aanpassingen en veranderingen kunnen worden gerealiseerd, zodat we  een situatie als deze aankunnen. Daarom zijn we zeer blij dat lokale en regionale overheden hun toewijding aan de Global Goals kenbaar hebben gemaakt.  In de crisis zijn specifiek een aantal Global Goals zeer belangrijk geweest, waaronder Global Goal 11, over duurzame steden en gemeenschappen. Daarnaast is het doel over partnerschappen ook heel relevant gebleken tijdens de afgelopen tijd. Deze tijd heeft ons laten nadenken over welke onderwerpen essentieel zijn en om juist op deze essentiële punten te focussen. De doelen blijven een ontzettend belangrijk raamwerk. Ik vind het daarom echt super dat de VNG zich blijft inzetten om deze doelen op nationaal en mondiaal niveau op de kaart te zetten.”

Na deze update over het mondiale niveau wordt er nu ingezoomd op het Europese niveau. De volgende vraag wordt aan Carlos Berrozpe García gesteld: wat zijn de meest belangrijke ontwikkelingen op het Europese niveau voor lokale overheden?

Carlos Berrozpe García – Hoofd sector SDG’s van de Europese Commissie

“De Europese Unie is een belangrijke speler geweest bij het opstellen van de Global Goals en is toegewijd aan de implementatie ervan. Dit is nog explicieter geworden naar aanleiding van de aanstelling van de Commissie-Von der Leyen, anderhalf jaar geleden. Het huidige College van Commissarissen toont sterkte toewijding aan de implementatie van de Global Goals. Dit is te lezen in de political guidelines van de Europese Commissie. In de Annual Strategy 2020 komt ook de ambitie naar voren om de SDG’s te verwerken in het Europese Semester (het proces van sociaal economische coördinatie), als een kader om de Global Goals mee te implementeren. Dit kan belangrijk zijn, zeker ook in context van de coronacrisis, voor het nationale herstel en de hiervoor nodige herstelplannen. Voorzitter Von der Leyen heeft elk commissielid ook een Mission letter gestuurd waarin zij het belang van de Global Goals voor elke specifieke agenda benadrukt. Zie bijvoorbeeld hier de mission letter van Frans Timmermans waarin onder andere wordt ingegaan op de Green Deal en lokale politiek. Een van de topprioriteiten van de Europese Commissie is de European Green Deal, gecoördineerd door Frans Timmermans. Het document over de European Green Deal zegt: “The Green Deal is an integral part of this Commission’s strategy to implement the United Nation’s 2030 Agenda and the sustainable development goals”.

afbeelding European Commission Priorities

In het jaarlijkse Work programme Work ProgrammeWork programmevan de Europese Commissie staan onze topprioriteiten voor het komende jaar. Dit is wat het zegt over de Global Goals: “Our action will remain guided by the 2030 Agenda and its Sustainable Development Goals both internally and externally as well as by the Paris Agreement.”

Ook is er in november een Commissiedocument over de Global Goals uitgekomen (“Delivering on the UN’s Sustainable Development Goals –A comprehensive approach”). Het geeft een overzicht van alle acties rondom implementatie van de Global Goals, in combinatie met de hoofdprioriteiten van het College (Green Deal, groei en banen, digitalisering, de Europese manier van leven, democratie en bestuur en een sterker Europa in de wereld). De Europese Commissie  voert deze acties uit door middel van een holistische manier van besturen en door middel van coherent beleid voor duurzame ontwikkeling.

Op het vlak van internationale samenwerking buiten de EU is de European Consensus on Development geadopteerd, een raamwerk voor een gezamenlijke aanpak van ontwikkelingsbeleid van EU lidstaten en instituties in de samenwerking met ontwikkelingslanden. De Global Goals zijn hierin een kompas. Deze zienswijze is expliciet in het Multiannual Financial Framework verankerd. In de externe ontwikkelingsprogramma’s van de EU werken we actief aan de implementatie van de Global Goals en rapporteren we hierover: zowel in onze voortdurende inzet om de coronacrisis mondiaal in te dammen, als in onze inzet om het multilateralisme te versterken. Op deze manier helpt de universele Global Goals agenda, die ondersteund wordt door alle landen ter wereld, ons om duurzame ontwikkeling wereldwijd aan te jagen.”

Aan Wobine Buijs-Glaudemans wordt gevraagd te reflecteren op het verhaal van Carlos Berrozpe García: herkent u wat Carlos Berrozpe García zegt over de rol van lokale en regionale overheden met betrekking tot de Global Goals?

Wobine Buijs-Glaudemans – Burgemeester gemeente Oss en VNG Global Goals Ambassadeur

“Wat er is gebeurd in de wereld was onverwacht, en iedereen wordt geconfronteerd met dezelfde uitdagingen. Dat merkt iedereen persoonlijk in het dagelijkse leven. De pandemie heeft betrekking op de duurzame ontwikkelingsdoelen, het gaat namelijk over gezondheid en welzijn, baanzekerheid en inkomen, hygiëne, naar school gaan en duurzame steden en gemeenschappen. Als gemeenschap hebben we veerkracht getoond, door initiatieven zoals:

  • Het vullen van rugtassen van kinderen met kunst- en knutselbenodigdheden;
  • Crowdfunding voor noodfondsen;
  • Bedrijven die voorzien in gezichtsmaskers voor werknemers in de zorg;
  • Bibliotheken die tassen vol boeken thuis bezorgden;
  • De digitale revolutie in werk, school en het ontmoeten van mensen.

De rol van de lokale overheid is hierin ontzettend belangrijk: in het gidsen van de samenleving om zo de verspreiding van het virus tegen te gaan, in de balans tussen ruimte geven en beperkingen opleggen, in het vormen van allianties en in het ruimte geven aan ambitie, agenda en activiteiten binnen de beperkingen van het virus.”

Na Wobine’s reflectie wordt er nu gekeken naar de uitdaging die voor ons ligt. Er ligt nog minder dan tien jaar voor ons voordat het 2030 is, daardoor zijn we genoodzaakt om ons nog intensiever in te zetten om de Global Goals te behalen, zeker ook op lokaal niveau. Aan Emilia Saíz werd de vraag gesteld: zijn lokale overheden zich van plan zich nog intensiever in te zetten voor het behalen van de doelen?

Emilia Saíz

“Ik zie dat lokale overheden heel responsief zijn. Zoals Wobine zegt zien mensen wat er gebeurt in hun omgeving, bij hun buren, en mensen reageren daar direct op. Het maakt niet uit welke competenties of bezittingen gemeenten hebben. Gemeenten hebben geld uitgegeven wat ze niet eens hadden. Gemeenten hebben verantwoordelijkheden en taken naar zich toegetrokken die vooraf niet eens aan ze waren toegedeeld. Een voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld het veranderen van de publieke ruimte om besmettingen van het coronavirus tegen te gaan. Het antwoord is ja, lokale overheden zijn inderdaad intensiever aan het werken aan de Global Goals. Helaas is er een gebrek aan financiële middelen voor gemeenten. Nationale overheden kunnen gemeenten hierin niet helpen. Het is niet dat nationale overheden niet willen helpen, ze doen echt hun best, maar de wettelijke kaders zijn verouderd en niet flexibel genoeg voor de transformatie die we nodig hebben. Daardoor zitten we vast. Verder hebben we onderschat wat het belang is publieke dienstverlening voor het behalen van de Global Goals. Ik hoef jullie niet te overtuigen van het belang maar voor het internationale niveau zijn mensen nog niet bewust genoeg van hoe de maatschappij ons kan helpen om de doelen te behalen. Het is belangrijk dat mensen verantwoordelijkheid gaan nemen voor de doelen. Toen ons in maart werd gevraagd om thuis te blijven hadden we nog steeds stromend water, ons afval werd opgehaald en het openbaar vervoer werkte ook nog. De connectie tussen publieke dienstverlening en de Global Goals wordt nog niet genoeg versneld wat betreft financiële middelen en het veranderen van de wetgeving.

Ik denk dat we het gesprek tussen de nationale overheid en de lokale overheden moeten veranderen. Er moet meer samenwerking komen op het gebied van de Global Goals. Gemeenten hebben steunpakketten van de nationale overheid nodig, anders is het gedaan met de publieke dienstverlening.”

We gaan terug naar het Europese niveau. Aan Carlos Berrozpe García werd de volgende vraag gesteld: zijn er soortgelijke ontwikkelingen op Europees niveau? Zitten we vast of zijn we juist aan het versnellen?

Carlos Berrozpe García

“We staan op een omslagpunt. De coronacrisis heeft een enorme uitdaging gecreëerd voor de implementatie van de Global Goals. Het is daarnaast ook een grote kans, omdat we duurzaam herstel nodig hebben, dat groen, inclusief, rechtvaardig en veerkrachtig moet zijn. De Global Goals bieden daarvoor een gedeeld, coherent en onderling verbonden raamwerk. We zien nu hoe gezondheid invloed heeft op economische en sociale kwesties. Vanaf het moment dat de EU begon met haar antwoord op de COVID-19 crisis, heeft ze benadrukt: “the current crisis is a reminder that the full implementation of the 2030 Agenda for Sustainable Development and the Paris Agreement remain crucial to help better equip the world for future systemic shocks”. We zijn allemaal deel van een grote investering die verbonden moet zijn aan de Global Goals.

In dit streven zijn de Global Goals geen onderwerp voor enkel overheden. In de Commissie zijn we ervan overtuigd dat de implementatie van de Global Goals alleen een succes kan zijn wanneer deze wordt nagestreefd door alle betrokkenen op alle niveaus. De Global Goals gaan over mensen, en het is dus belangrijk om op het niveau van de bevolking actie te ondernemen. Ik zou graag de belangrijke rol van lokale en regionale overheden willen benadrukken voor het realiseren van de Global Goals, inclusief het bieden van sociale diensten en het tastbaar verduurzamen. Vanuit de Commissie erkennen we de cruciale rol van lokale overheden. Deze zijn belangrijk op Europees niveau, maar ook op het mondiale niveau, waar we samenwerken met lokale overheden in partnerlanden om hen te ondersteunen in het werken aan de Global Goals.”

Daarna werd de volgende vraag gesteld aan Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans: vanuit het lokale perspectief, wat is de volgende stap die we gaan zetten?

Wobine Buijs-Glaudemans

“We worden geconfronteerd met nog veel meer uitdagingen dan alleen corona. Het klimaat, de omschakeling naar duurzame energie, het reduceren van onze ecologische voetafdruk, een gezonder leven, een gezondere balans tussen werk en vrije tijd en het zorgen dat niemand achterblijft.

In Nederland zijn we bezig met de nieuwe Omgevingswet. Het gaat over klimaatneutrale gebouwen door onder andere het plaatsen van zonnepanelen op daken, windmolens voor duurzame energie, het investeren in fietspaden in plaats van autowegen, het werken vanuit huis waardoor de uitstoot is gereduceerd met 40 procent en de veerkracht van de deltawerken.

Ik kan niet genoeg benadrukken dat de Global Goals niet zomaar een of andere hobby zijn. Mensen kijken soms naar de Global Goals alsof het een onderwerp is wat ver van hun bed ligt. De doelen zijn de basis van het dagelijkse werk als een overheid. Je wil zorgen dat er geen armoede of honger is.

Wat ik fijn vind aan de VNG is dat ze de verschillende steden bij elkaar brengen. We moeten focussen op herstel in combinatie met de Global Goals. We moeten duurzaam zijn voor onze kinderen.

Ik waardeerde dat staatssecretaris Mona Keijzer, Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, bij de opening van deze Meet-up de ondernemers van mijn gemeente direct aansprak, met de lancering van de City Deal Impact Ondernemen. Ik hoop dat de gemeenten hulp krijgen van de ministeries; zij moeten de Global Goals ook omarmen en deze gebruiken in hun beleid.

De Global Goals moeten altijd in ons hoofd zitten. Als inspiratie, richtlijn en om mensen met elkaar te verbinden. In Nederland zijn er nu meer dan 100 Global Goals gemeenten die de Global Goals gebruiken om de focus aan te brengen en zich te laten leiden in beleidsprocessen. Het gaat niet om de doelen, het gaat om de behoeften, waarden en over het maken van keuzes.”

De verkiezingen komen er ook aan; de Tweede Kamerverkiezingen zijn volgende week en de gemeenteraadsverkiezingen volgend jaar. Over de verkiezingen werd aan Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans deze vraag gesteld: liggen er kansen in de verkiezingen voor de Global Goals?

Wobine Buijs-Glaudemans

“Ik vind dat de Global Goals niet genoeg worden genoemd in de verkiezingsprogramma’s. Wat ik verwacht en hoop is dat het nieuwe kabinet de doelen zal integreren in alle beleidsprogramma’s. Daarnaast komen de gemeenteraadsverkiezingen er aan. Pak als partij de doelen erbij en denk erover na: Wat zouden wij graag willen weer willen opbouwen? Gebruik de doelen als richtlijn in het partijprogramma en in het coalitieakkoord. De doelen moeten het kompas zijn voor duurzaamheid. We moeten duurzaam zijn!”

  • Bekijk hier (vanaf min. 12) het panelgesprek

De 12 VNG-Global Goals Ambassadeurs stellen zich voor

Twaalf gemeentebestuurders zetten zich in voor het behalen van de Global Goals en het verspreiden van informatie over de Global Goals in de eigen regio. In deze video stellen de twaalf ambassadeurs, Burgemeester Ard van der Tuuk voor Groningen; Wethouder Mark de Man voor Friesland; Wethouder Kirsten Ipema voor Drenthe; Wethouder Anja van den Dolder voor Overijssel; Wethouder Jack Hoek voor Flevoland; Burgemeester Jos Wienen voor Noord-Holland; Wethouder Sander van 't Foort voor Utrecht; Burgemeester Carol van Eert voor Gelderland; Burgemeester Cor Lamers voor Zuid-Holland; Burgemeester Jack van der Hoek voor Zeeland; Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans voor Noord-Brabant en Burgemeester Anne-Marie Penn-te Strake voor Limburg. In deze video stellen de twaalf ambassadeurs zich voor: https://youtu.be/VMO4GOfO6Zw

Groningen

Burgemeester Ard van der Tuuk

Friesland

Wethouder Mark de Man

Drenthe

Wethouder Kirsten Ipema

Overijssel

Wethouder Anja van den Dolder

Flevoland

Wethouder Jack Hoek

Noord-Holland

Burgemeester Jos Wienen

Utrecht

Wethouder Sander van ’t Foort

Gelderland

Burgemeester Carol van Eert

Zuid-Holland

Burgemeester Cor Lamers

Zeeland

Burgemeester Jack van der Hoek

Noord-Brabant

Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans

Limburg

Burgemeester Anne-Marie Penn-te Strake

De uitreiking van de Global Goals Gemeenteprijzen 2021

Elk jaar reikt de VNG de Global Goals Gemeenteprijzen uit aan gemeenten die zich bijzonder innovatief en inspirerend hebben ingezet om de Global Goals te behalen, in de categorieën ‘Visionair’, ‘Verbinder’ of ‘Grensverlegger’. In de tweede plenaire sessie vond de prijsuitreiking plaats door Sandra Pellegrom, voorzitter van de jury van de Global Goals Gemeenteprijzen en nationaal coördinator voor de implementatie van de SDG’s bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Sandra Pellegrom: “De Global Goals Gemeenten Meet-up is voor mij één van de meest inspirerende dagen van het jaar. En wat voor jaar: er is van ons allen en van gemeenten veel gevraagd. Ik vind het bijzonder dat juist ook door deze crisis de Global Goals hoger op de agenda zijn komen te staan.

Dat heeft verschillende redenen. Hoe dichter we als samenleving, als gemeente bij het bereiken van de Global Goals zijn, hoe beter we in staat zijn om zo’n crisis als deze het hoofd te bieden. Emilia Saíz refereerde er al aan eerder vandaag en Wobine Buijs-Glaudemans noemde het ook. Dit is stevig op ons netvlies komen te staan.

Ook hebben we gezien waar de kwetsbare groepen en mensen zitten. Zeker op gemeentelijk niveau is dat heel duidelijk zichtbaar. Dat linkt natuurlijk ook heel stevig aan de doelen. Het gaat erom dat we niemand achterlaten. Bijzonder dat in deze crisis ook nationaal, in onze samenleving, kansenongelijkheid ook hoog op de agenda is komen te staan. Opnieuw zijn dat hele belangrijke onderdelen van de Global Goals-agenda. Het gaat om kansen in het onderwijs, gendergelijkheid, non-discriminatie, armoedebestrijding.

Tot slot ook heel bijzonder dat in een crisis waar de economie een hoofdrol speelde, je toch ziet dat veel partijen blijven oproepen tot een duurzaam herstel uit de crisis. Doorpakken op de vergroening, op de aanpak van klimaatverandering, biodiversiteitsherstel, circulair ondernemen. Jan van Zanen noemde het ook al, dat juist ook op gemeenteniveau er echt een wil is om door te pakken op dat terrein. Dus ondanks, of zelfs dankzij de crisis, komen de Global Goals hoger op de agenda te staan.

Op lokaal niveau komen de grote uitdagingen allemaal samen, en raakt de crisis het meest direct. Ik vind het dus ook heel mooi om te zien wat een veerkracht gemeenten tonen en wat een wil ook om echt door te zetten op de Global Goals. Het is een prachtig kader om de grote opgaven samenhangend met elkaar te kunnen aanpakken, juist ook de samenwerking te zoeken met partijen in gemeenten die actief zijn en die energie ook om tot actie te vormen.

Het was weer een groot plezier om samen met de andere juryleden, Ali Rabarison, directeur Inclusieve Samenleving bij de VNG, en Mena Leila Kilani, projectmanager Brede Beweging bij SDG Nederland, de inzendingen te beoordelen. Ik vind het ontzettend goed om te zien dat gemeenten, zelfs in dit crisisjaar, doorpakken met de Global Goals. Daarin is veel veerkracht te zien. De verkiezing laat zien dat gemeenten hele diverse, inspirerende en originele aanpakken ontwikkelen voor de duurzaamheidsdoelen, waaronder ook mooie online platforms. We zien ‘nieuwe’ Global Goals gemeenten zich elk jaar verder ontwikkelen, en hun Global Goals strategieën steeds verder professionaliseren. Het meedoen aan de verkiezing alleen al geeft een enorme boost. De jury hoopt dat de uitreiking van de Global Goals gemeenteprijzen deze gemeenten een verdere stimulans geven om de Global Goals te realiseren.”

De titel Visionair gaat naar de gemeente die de Global Goals op de meest visionaire manier in het gemeentelijke beleid en/of de begroting heeft verankerd. De jury geeft graag een bijzondere vernoeming voor gemeente Dongen: de jury was onder de indruk van de Global Goals evaluatie en de verbinding van Global Goals met inclusiebeleid. Het is te zien dat de Global Goals echt ingebed zijn in de gemeentelijke prioriteiten. De titel Visionair gaat echter naar de gemeente die de Global Goals stevig heeft verbonden met de omgevingsvisie, en haar SDG-kompas gebruikt als handvat voor de brede vertaling van de SDG’s naar het dagelijks beleid en gemeentelijke activiteiten, zoals bijvoorbeeld het opstellen van de RES: gemeente Súdwest-Fryslân!

We hebben het echt samen met de inwoners gedaan, en dat is hoe wij de tocht naar de toekomst samen vorm willen geven!

Mark de Man, Wethouder gem. Súdwest-Fryslân

De titel Verbinder gaat naar de gemeente die op een innovatieve en impactvolle manier burgers en andere lokale stakeholders heeft betrokken bij de implementatie van de Global Goals. Het was ontzettend moeilijk kiezen tussen de vele goede, inspirerende inzendingen in deze categorie. Een speciale vermelding gaat naar gemeente Oosterhout, die lokale ondernemers heel aansprekend betrekt bij de Global Goals via een online platform, in echte co-creatie tussen gemeente en lokale stakeholders. Ook het idee om op eens in de zoveel tijd een Global Goal eruit te lichten vinden we hartstikke leuk. De titel Verbinder gaat echter naar de gemeente die samenwerkt met lokale en externe partners om een stem te geven aan zij die meestal niet gehoord worden, en die lokale inclusie een speerpunt maakt van haar Global Goals-strategie: gemeente Noordenveld, met haar Jongeren- en Kinderraad en Lokale Inclusie Agenda gekoppeld aan de Global Goals!

Verbinden is voor ons de kern in wat we doen met de Global Goals. Kinderen hebben de frisse ideeën om echt veranderingen teweeg te brengen.

Kirsten Ipema, Wethouder gem. Noordenveld

De titel Grensverlegger is voor de gemeente die door internationaal samen te werken impact maakt om de Global Goals te behalen. De jury was erg onder de indruk van deze winnaar, die zich specifiek heeft toegespitst op één Global Goal en daarin het internationale perspectief benadrukt. Een prachtige manier om internationale perspectief te houden en te vernieuwen, zelfs in een jaar waarin er internationaal niet gereisd kan worden en dit perspectief niet direct op het netvlies staat van gemeenten. De gemeente laat ons zien hoe je de universele aard van de agenda kunt vertalen, niet alleen te denken dat de doelen voor andere landen zijn maar dat het ook echt gaat om de doelen lokaal te bereiken. Het gaat om 1 onderdeel van de Global Goals agenda, hoe je daarop internationaal kan samenwerken en hoe je dit kan implementeren op lokaal niveau. Een origineel en heel concreet initiatief wat ademt ‘practice what you preach’ en wat de Global Goals heel concreet maakt voor de lokale inwoners. De titel Grensverlegger gaat naar: gemeente Den Haag!

We zijn heel verheugd, als internationale stad van Vrede en Recht. De volgende stap die we gaan maken is: de toegang tot recht vereenvoudigen.

Saskia Bruines, Wethouder gemeente Den Haag

Pieter Jeroense, plaatsvervangend algemeen directeur van de VNG, gaf een live reactie op de prijsuitreiking. In zijn bijdrage sprak hij zijn waardering uit voor de koplopers in Nederland en hoopt dat het zichtbaar maken van deze initiatieven ook andere gemeenten inspireert. Hij beaamt Sandra’s toespraak door te noemen dat gemeenten ontzettend belangrijk zijn om de Global Goals te halen. In de uitdagingen van het komende jaar zitten ook kansen! “De VNG gaat middels drie praktijkproeven specifiek inzetten op werken aan de Global Goals gekoppeld aan lokale inclusie, duurzaam herstel en lokale democratie om het zo concreet mogelijk te maken.” – Pieter Jeroense.

Alle inzendingen voor de Global Goals Gemeenteprijzen 2021 zijn nu te zien als praktijkvoorbeeld op de website.

In het laatste deel van de Global Goals Gemeenten Meet-up blikten we vooruit: wat zijn de belangrijkste actiepunten die gemeenten nú kunnen ondernemen, om de Global Goals lokaal nog beter te verankeren in de aanloop naar de Gemeenteraadsverkiezingen van 2022? Hieronder staan de actiepunten per deelsessie op een rij: laat je inspireren en zet je in om deze acties te verwezenlijken!

1. Global Goals en lokale inclusie

  • Begin met zelfreflectie. Want om ongelijkheid werkelijk tegen te gaan is het van groot belang dat degenen in verantwoordelijke posities zich realiseren dat ze zelf ‘biased’ (onbewust bevooroordeeld) kunnen zijn.
  • Werk aan bewustwording! Organiseer gesprekken met collega’s over inclusie. Tot resultaten komen samen met ervaringsdeskundigen en bijvoorbeeld ondernemers kan als je werkt aan oplossingen waar draagvlak voor is. Schuif aan waar het kan en werk samen aan inclusief beleid.
  • Wees specifiek in de doelen en ambities die je opstelt rondom inclusie. Het is goed om inclusie breed op te vatten, maar houd je doelen behapbaar zodat je concrete resultaten kunt boeken. Breng onder woorden welke doelen je gemeente zich dit jaar gesteld heeft vwb inclusie, en wees helder over wat je gemeente pas over een jaar kan oppakken.
  • Bedenk op welk vlak je gemeente een voorloper kan zijn. Op gebied van inclusie zijn kunnen gemeenten nog op veel vlakken een voorlopersrol vervullen.
  • Stel een Lokale Inclusie Agenda op en verbind deze met de Global Goals. Dit kunnen gemeenten zelf doen, of als deelnemer aan de VNG-praktijkproef Global Goals & lokale inclusie (meld je gemeente uiterlijk 9 april aan via GlobalGoals@VNG.nl). Vind de vier tips van gemeente Noordenveld in het verslag van de deelsessie Global Goals & lokale inclusie.

2. Duurzaam economisch herstel

  • In beide ronden was er brede overeenstemming dat er door de Coronacrisis momentum is om in te zetten op duurzaam economisch herstel. Het korte termijn herstel moet gekoppeld worden aan (middel)lange termijn doelen. We moeten oog hebben voor zaken als inclusiviteit (arbeidsmarkt), duurzame energie en grondstoffenschaarste (circulariteit), arbeidsomstandigheden en biodiversiteit. Ook ondernemersorganisaties staan daarvoor open.
  • De City Deal Impact Ondernemen is tijdens deze Meet-up gelanceerd en is gericht op het versterken van ondernemen met een positieve maatschappelijke impact. De gemeenten die er aan meedoen gaan samen met de partners gericht oplossingen zoeken voor knelpunten die zich hierbij voordoen en die oplossingen breder delen.
  • Gemeenten kunnen bij hun subsidie- of vergunningverlening maatschappelijke prestatie-indicatoren opnemen; duurzaamheidscriteria mee betrekken bij het inkoopbeleid, bij het in pacht geven van grond, en bij investeringen. Het is van belang hierover de dialoog te voeren met ondernemers- en inwonersorganisaties.
  • Dit alles met als motto: kansen omzetten in daden!

3. Brede zichtbaarheid, brede betrokkenheid: Global Goals en de samenleving

  • Communiceer als gemeente over de Global Goals: want het is een agenda die we bij uitstek sámen moeten oppakken! Zet de Global Goals op de gemeentewebsite, laat zien wat de visie is van jouw gemeente en verwijs ook naar lokale Global Goals Platforms of Actiegroepen. Je kunt dit met scholen, inwoners en maatschappelijke organisaties samen oppakken.
  • Zet een online platform in om de verbinding te maken tussen de verschillende lokale actoren die zich in jouw gemeente inzetten voor de Global Goals:
    • De MAEX is een instrument wat lokale initiatieven niet alleen zichtbaar maakt, maar ook het sociale rendement van sociale initiatieven meet, en financieringsimpulsen aan initiatieven kan geven. Wil je als gemeente je sociale impact op gebied van de Global Goals dus meten, kies dan voor MAEX! Zie hier het voorbeeld van gemeente Delft: https://maex.nl/#/region/delft
    • SDG Lokaal is een mooi, gebruiksvriendelijk en lokaal platform wat gemeenten kunnen gebruiken om het lokale bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en projecten te verenigen rondom de Global Goals, en wat aanzet tot samenwerking tussen de actoren. Wil je als gemeente een aansprekend lokaal online platform opzetten wat na een jaar omgezet wordt in een ANBI-stichting, kies dan voor SDG Lokaal! Zie hier het voorbeeld van gemeente Oosterhout: https://oosterhoutsdglokaal.nl/

4. De internationale sessie: joint local action

  • We should focus on our interest towards international cooperation and the 2030 agenda, although there has been an increase in expenses due to the corona crisis it is important to work on issues globally and locally together – also to share the many experiences available around internationally which often adds a useful extra out-of-the-box viewpoint.
  • Local and regional governments play a key role in helping to foster international cooperation across the globe and this is a key tool to help implement the 2030 agenda. It remains crucial to advocate for the role of local governments in the implementation of the SDGs towards our national governments and international institutions.

5. Lokale democratie

  • Het aanpakken van grote uitdagingen zoals de transformatie van het sociaal domein, implementatie van de omgevingswet, klimaatadaptatie en energietransitie zullen we samen moeten doen. Digitale participatie heeft een groot potentieel om laagdrempelig nog meer mensen uit de gemeenschap te betrekken.
  • Er zal een kopgroep worden gevormd met diverse gemeenten die hebben deelgenomen aan de sessies, waarbij uiteraard ook andere geïnteresseerde gemeenten kunnen aansluiten de komende periode. Met deze groep gaan we aankomend jaar werken aan het enerzijds uitwisselen en verkennen van succesvolle (digitale) participatie toepassingen door gemeenten.

6. Global Goals in het onderwijs

  • Creëer projecten waarin de Global Goals betekenis krijgen. Niet alleen de kinderen, maar ook de ouders worden hierbij bereikt.
  • Denk buiten de grenzen! Vraag bijvoorbeeld studenten om hulp bij het implementeren van de Global Goals.
  • Zie kansen in de samenwerking met het onderwijs: de investering in begeleiding weegt niet op tegen de hoeveelheid innovatieve onderzoeken, ideeën en plannen omtrent de Global Goals die ontstaan in samenwerking tussen het onderwijs en gemeenten.

7. Interbestuurlijke samenwerking omtrent de Global Goals

  • Werk op regionaal samen met andere gemeenten aan de Global Goals. Neem de Global Goals op in de regionale strategie zoals in Regio FoodValley, of sluit je als gehele regio aan bij de Gemeenten4GlobalGoals campagne zoals regio Hart van Brabant.
  • Werk samen met de provincie en het waterschap aan de Global Goals – ook zij omarmen steeds vaker de duurzame ontwikkelingsdoelen. Gebruik de Global Goals als kompas voor interbestuurlijke opgaven zoals de RES (zie praktijkvoorbeeld ‘van mondiaal denken naar lokaal doen’ van gemeente Súdwest-Fryslân).
  • Kijk verder dan de landsgrenzen! Werk samen met gemeenten in Europa én buiten Europa onder de vlag van de Global Goals die ook zij omarmen.
  • Zet studenten in om je gemeente te helpen bij het starten als Global Goals Gemeente of om je te helpen een strategie te ontwikkelen! Dit gaat makkelijk, gratis én met begeleiding vanuit het SDG House via het SDG Traineeship: https://vng.nl/nieuws/zet-studenten-in-bij-uw-gemeente-als-global-goals-trainee
  • Verbind gemeente en bedrijfsleven voor het behalen van de duurzaamheidsdoelen – bijvoorbeeld via een online platform zoals MAEX wat het sociale rendement van Global Goals-actie meet.
  • Organiseer een evenement voor kennisuitwisseling rondom de Global Goals.

8. Global Goals voor gemeentebestuurders

  • Veranker de Global Goals stevig in de verkiezingsprogramma's, de coalitieakkoorden en de raadsakkoorden en tref hiervoor ook alvast de nodige voorbereiding!
  • Veranker de Global Goals daarnaast ook binnen alle departementen van de VNG.
  • Werk aan meer bewustwording in de gemeente en in de gemeentelijke organisatie - "de Global Goals zijn niet moeilijk; je bent er al mee bezig”.
  • Werk aan de Global Goals met verschillende partners: met bedrijven, platforms en scholen.
  • Vlieg de doelen breder aan dan alleen vanuit ecologische duurzaamheid. Zorg dat de doelen breed worden belegd in het college. De doelen zijn namelijk zoveel meer dan alleen ecologische duurzaamheid!
  • Zet studenten in om gemeenten te helpen bij het starten als Global Goals gemeente en het implementeren van de doelen in de gemeente. Dit kan makkelijk via het SDG Traineeship van het SDG House: https://vng.nl/nieuws/zet-studenten-in-bij-uw-gemeente-als-global-goals-trainee

Na de terugkoppeling van de actiepunten per deelsessie richtten we ons op de vraag: hoe gaan we gezamenlijk werk maken van het behalen van de Global Goals in 2030? Dat is een opdracht voor ons allemaal, waar we mórgen al mee kunnen starten.

Op de vraag “Waar ga jij je het aankomende jaar voor inzetten?” antwoordden de deelnemers aan de Global Goals Gemeenten Meet-up als volgt:

  • 50% - De GG in onze meest strategische beleidsstukken te verankeren.
  • 30% - Een lokaal actieplan op te zetten met inwoners, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties om de GG te behalen.
  • 10% - Ten minste één buurgemeente aan te laten sluiten bij de Global Goals campagne.
  • 10% - Een regionale Global Goals ambitie op te stellen.

Vervolgens werd de vraag gesteld: Wat ga je hiervoor als eerste doen? De deelnemers konden met één kernwoord reageren en de resultaten ziet u hieronder:

Woordwolk hoe gaan we gezamenlijk werk maken van het behalen van de Global Goals in 2030

Verslagen van de workshops

Hieronder volgen de verslagen van de workshops.

Voor meer informatie: globalgoals@vng.nl

Inclusie, de insluiting in de samenleving van achtergestelde groepen op basis van gelijkwaardige rechten en plichten, staat centraal in de Global Goals agenda. In doel 10 wat zich richt op het tegengaan van ongelijkheid, maar ook als een rode draad door de hele agenda met het idee “leave no one behind”. Hoe kun je als gemeente kunt werken aan lokale inclusie vanuit de Global Goals? Gemeenten kunnen de Global Goals gebruiken als richtinggevend kompas voor het lokaal werken aan inclusie, zowel in de samenleving als in de gemeentelijke organisatie. Deze sessie ging over de meerwaarde van het benaderen van inclusie vanuit de Global Goals, en vormde de kick-off van de praktijkproef Global Goals & lokale inclusie.

Denise Coenegracht, beleidsmedewerker van project Iedereen Doet Mee! van de VNG opent de deelsessie. Met Iedereen Doet Mee! ondersteunt de VNG gemeenten bij de uitvoering van het VN-verdrag Handicap en bij het ondersteunen van lokaal inclusiebeleid. In het geval van Iedereen Doet Mee! specifiek gericht op mensen met een beperking omdat we vanuit het VN-verdrag Handicap werken, maar vanuit de VNG wordt er vanuit allerlei manieren bij inclusie stilgestaan. Bijvoorbeeld vanuit het programma ‘Divers en Inclusief’ wat zich richtte op diversiteit naar herkomst en inclusie vanuit dat oogpunt.  

Eline Vermeer, projectmanager bij de Gemeenten4GlobalGoals campagne van de VNG, vertelt over de samenwerking die de Gemeenten4GlobalGoals campagne de afgelopen maanden met het project Iedereen Doet Mee! heeft opgezet. Dat doen we omdat de Global Goals gaan om het maken van de verbinding tussen duurzaam fysiek, sociaal en economisch beleid. Daarom slaan we de handen ineen en organiseren we dit jaar een praktijkproef ‘Global Goals & lokale inclusie’ om de koppeling tussen deze onderwerpen verder uit te werken. Dat willen we doen in een werkgroep van zo’n 5 gemeenten in 5 online sessies, waarin we gaan werken aan het opstellen van lokale inclusieplannen vanuit de Global Goals in het komende halfjaar. Meedoen? Meld je gemeente vóór 10 april aan via GlobalGoals@VNG.nl!

Praktijkproef Global Goals & Lokale Inclusie

Jannet VaessenSDG 10 Alliantiecoördinator, oprichter en directeur-bestuurder van WOMEN Inc. en auteur van IEDEREEN Inc., vertelt over de verbinding tussen de Global Goals en inclusie en leidt de brainstorm over wat lokale inclusie betekent voor de deelnemers. We zijn vandaag bij elkaar rondom de Global Goals, waarbij de VNG haar rol opneemt om eigenlijk nog vóórdat de nationale overheid dat doet vanuit de gemeente heel actief te zijn in het pluggen van de Global Goals.  

“Ik ben trotse coördinator van SDG 10, maar wat ben ik geschrokken van hoe abominabel het gesteld is met SDG 10 in ons land. Als je het recent uitgekomen SDG Spotlight Report bekijkt wat je online kunt vinden, kun je zien dat die gefocust is op SDG 10 omdat we daar eigenlijk op alle vlakken achterblijven als Nederland. Toen ik de conclusies daarvan bekeek besefte ik me dat er bij SDG 10 nog zoveel moet gebeuren. Hoewel de indicatoren voor dit doel redelijk goed zijn ingevuld is ‘ongelijkheid verminderen’ natuurlijk een redelijk algemeen begrip, en ben ik daarom gaan samenwerken me andere SDG’s die allemaal iets te maken hebben met de verschillende domeinen waarop ongelijkheid kan ontstaan.”

Mentimeter term Inclusie

De Mentimeter laat zien dat de deelnemers aan heel veel verschillende elementen denken bij inclusie. “Precies dat is ook één van de dingen die ik bij de SDG 10 Alliantie merkte: er is versnippering, variërend van mensen die heel expliciet bezig zijn met gender, met mensen met lage inkomstenniveaus, of mensen van verschillende afkomsten, en dat het juist door die versnippering lastig door mensen lastig gevonden wordt om aan SDG 10 te werken. Maar de slagkracht van die SDG is tegelijkertijd enorm! De sociale Global Goals kunnen meer aandacht gebruiken en Global Goal 10 kan hierbij dienen als een mooi ‘containerdoel’.” – Jannet Vaessen

Voor welke domeinen is Inclusie belangrijk?

De deelnemers zien het belang van inclusie voornamelijk in het sociaal domein, maar ook veel in het economisch en tenslotte in het fysieke domein.  

Jannet Vaessen: “Wat ik belangrijk vind als we het over SDG 10 gaan hebben is, behalve aansluiten bij veel activiteiten die er al zijn en waar we straks voorbeelden van zien, is het realiseren welke ontzettend belangrijke rol je hier zelf in hebt. Het woord ‘inclusiviteit’ zie je steeds meer langs komen. Je hebt als mens een grote handicap omdat je zonder dat je het doorhebt, zelf ook biased bent in wat je onderneemt. Alleen als mensen in verantwoordelijke posities zich realiseren dat ze zelf biased zijn, kunnen ze ongelijkheid verminderen. Dat is een appèl wat ik aan jullie wil doen: om je te realiseren dat je zelf ook vaak factor bent door zonder dat je het zelf doorhebt aan onbewust normdenken te doen, of aan biases onderhevig bent bij het beleid wat je uitstippelt.  

Een simpel voorbeeld vanuit mijn pet als oprichter van WOMEN Inc. (specialist op gender en man/vrouw verschillen): als de buslijnen in de gemeente in verband met bezuinigingen beperkt worden in hun dienstregeling, dan heeft dit vaak effect op het werk van vrouwen. In een gezin is er vaak één iemand die de auto gebruikt om naar werk te komen en dat is gemiddeld vaker de man; als de vrouw voor haar deeltijdbaan gebruikt maakt van de bus, kan het zo zijn dat een bezuiniging op de buslijn direct invloed heeft op de arbeidsparticipatie van vrouwen in jouw gemeente. Dit is maar één van de dwarsstraten te noemen waarop al die verschillende domeinen die we zojuist in de Mentimeter hebben besproken, met elkaar te maken hebben als het gaat om inclusie.” 

Dit geeft aan dat je misschien niet expliciet met inclusiviteit, ongelijkheid of SDG 10 bezig bent, maar dat jouw werk impliciet een enorme impact kan hebben op al die verschillende vormen van ongelijkheid zonder dat jij het doorhebt.” 

Denise Coenegracht geeft het woord aan Jos Sanders voor een heel mooi, concreet voorbeeld van Gemeente Noordenveld van hoe je Global Goals en inclusie met elkaar verbindt. Gemeente Noordenveld is voorloper in Nederland op dit gebied.  

Gemeente Noordenveld heeft er al voor gekozen om lokale inclusie te koppelen aan de Global Goals en is in Nederland een voorloper op dit gebied. Jos Sanders, beleidsmedewerker inclusie bij de gemeente Noordenveld presenteert de aanpak van de gemeente.

Lokale Inclusie Agenda in vogelvlucht

Jos Sanders: “In Noordenveld doet iedereen mee, en werken we toe naar een samenleving waar iedereen zelfstandig en op voet van gelijkheid mee kan doen. 

Daarbij staat centraal,: respect en acceptatie voor elkaar en elkaars verschillen in welke vorm dan ook. Of je nou jong bent of oud, een beperking hebt, chronisch ziek bent, nieuw in Nederland bent, welk geloof of seksuele geaardheid je hebt, iedereen moet kunnen meedoen. De gemeente Noordenveld heeft in haar beleid middels een Lokale Inclusie Agenda in principe uitvoering gegeven aan alle Global Goals, maar we linken specifiek de thema’s duurzaamheid en inclusie aan elkaar. Global Goal 10 (ongelijkheid verminderen) en 11 (duurzame, inclusieve steden en nederzettingen). 

In 2016 is het VN-verdrag Handicap door Nederland aangenomen. Op basis hiervan zijn gemeenten verplicht om te werken aan verwezenlijking van het VN-verdrag op de beleidsterreinen waarop zij verantwoordelijkheden hebben. Het opstellen van een inclusief beleid dus. 

Gemeente Noordenveld heeft mooie stappen gemaakt, veel geleerd en wil dit graag delen met andere gemeenten zodat we samen goede resultaten te behalen. Want er is nog heel veel te doen. Daarbij is het belangrijk dat als je als gemeente het goede voorbeeld wilt geven, je je beseft dat je aanjager en verbinder bent en dat je mensen bij elkaar brengt. Want ongelijkheid komt naar voren op alle levensterreinen van mensen. Zelfstandig wonen tot meedoen in regulier onderwijs; meedoen aan sport; toegankelijkheid van verkiezingen; en inclusief werkgeverschap.” 

“Door samen te werken creëer je meer draagvlak en kom je tot oplossingen die werken. Hoe moet je beginnen? Door te doen! Begin met deze vier stappen:

  1. Iemand binnen de organisatie aanstellen als sleutelfiguur inclusie, dit kan een beleidsmedewerker inclusie zijn maar mag ook iemand anders zijn die passie heeft voor dit onderwerp. 
  2. Ervaringsdeskundigen betrekken – hoe inclusiever het proces, hoe inclusiever het resultaat. 
  3. Nulmeting doen binnen eigen organisatie – waar sta je eigenlijk al? Vaak zijn mensen zich nog niet bewust van alle goede dingen die ze al doen. 
  4. Bewustwording creëren binnen de gemeentelijke organisatie en in de gemeente.

In Noordenveld doen we dat door samen te werken met de Stichting Toegankelijk Noordenveld voor Iedereen. U kunt zelf in uw gemeente ook aan de slag met het samenstellen van een panel ervaringsdeskundigen, om samen tot goede oplossingen te komen.” 

Jos Sanders laat een video zien over de resultaten die tot dus toe zijn geboekt:  

Jos Sanders sluit af met de boodschap: “denk niet in beperkingen, maar denk in mogelijkheden en maak meedoen mogelijk! In 2019 is Noordenveld aangesloten bij het Manifest Iedereen Doet Mee!. Omdat inwoners ook buiten de gemeentegrenzen reizen en dus moeten we het samen doen met andere gemeenten. Daarvoor brengen we graag, en halen we graag!”

Mikal vraagt: wie heeft de Stichting opgericht? Jos antwoordt dat de Stichting Toegankelijk Noordenveld voorheen bestond uit twee stichtingen die zijn samengegaan tot een stichting die onafhankelijk van de gemeente opereert. Ze geven gevraagd maar ook ongevraagd advies vanuit hun achterban. De stichting is door inwoners zelf geïnitieerd, en de gemeente heeft eraan bijgedragen om er een goed team neer te zetten: een panel wat echt een goede inbreng heeft.  

Wouke Lam vraagt of het initiatief vanuit de burgers is gekomen of vanuit een enthousiaste wethouder. Binnen Delft4GlobalGoals is de inclusieve stad mijn passie. Wat ik merk, is dat als een wethouder passie heeft voor een bepaald onderwerp er veel meer mogelijk is dan wanneer dat niet zo is. Jos Sanders antwoordt dat Noordenveld het heel belangrijk vindt om op alle niveaus (college, raad, ambtelijke organisatie, samenleving, bedrijfsleven) samen te werken. De gemeente is niet alleen aan zet – het is echt een heel groot samenspel van verbindingen, waar een stichting zoals Toegankelijk Noordenveld ons helpt om de juiste wegen de bewandelen.  

Martina reageert op Jannet’s opmerking over bewustzijn van biases. Hoe kom je die op het spoor, want die verstoppen zich meestal zo handig? Jos Sanders antwoordt dat Noordenveld die ontdekt via overleggen met bijvoorbeeld de welzijnspartij, en de belangenpartijen zelf, vrijwilligersorganisaties die signalen afgeven, of inwoners die er zelf mee komen, de sociaal-maatschappelijke adviesraad, et cetera.  

Jannet Vaessen leidt de brainstorm over de koppeling tussen Global Goals en lokale inclusie in, over wat elke deelnemer nou zélf kan doen. Waar loop jij in je werk aan als het gaat om inclusiviteit? Wat mooi is in het voorbeeld van Noordenveld is dat je ziet dat grote woorden zoals ‘ongelijkheid verminderen’ kunnen worden aangepakt met kleine initiatieven zoals zorgen dat mensen met een beperking toch een natuurgebied kunnen bezoeken, of zorgen dat iedereen gelijke toegang heeft tot stemmen. Kijk eens goed welke inclusie- en diversiteitsperspectieven je misschien mist in je team. Of werk samen met groepen van ervaringsdeskundigen, om beleid en ideeën voor te leggen en te vragen naar haken en ogen. Dat klinkt simpel, maar het zal je verbazen hoeveel beleidsstukken zijn gesneuveld omdat die toets met ervaringsdeskundigen niet is gebeurd. 

Aan de slag gaan met inclusie en de Global Goals kan op verschillende niveaus: 

  1. Op microniveau, door zelf aan de slag te gaan. Verkennen welke biases en dus weerstanden jou mogelijk in de weg zitten. Visie en ambitie kunnen echt effectief zijn. 
  2. Op mesoniveau, als professional aan de slag gaan met inclusie.  iIn je gemeente plannen maken, draagvlak creëren, ervaringsdeskundigen betrekken.
  3. Op macroniveau, door het een plan hoger te trekken en door aan te sluiten bij landelijke plannen. Sluit je bijvoorbeeld aan bij het Manifest Iedereen Doet Mee!, sluit aan als incubator bij de SDG 10 Alliantie en doe mee aan de praktijkproef Global Goals & lokale inclusie van de VNG.  

Maar alles begint, valt of staat met of jij heel helder jouw doelen op gebied van inclusie verbindt aan de strategische doelen die je hebt in de gemeente. Als je het alleen maar doet om politieke correctheid om te etaleren, dan is het gedoemd om klein of mislukt te blijven.  

Op het moment dat je echt denkt dat jouw inclusiviteit bijdraagt aan de doelen van je gemeente, of aan kostenbesparing, of aan doelen waar je college écht achter staat, dan durf je ook kwantitatieve doelen te stellen die te maken hebben met hoeveel mensen je gaat bereiken van een bepaalde intersectie, in welk domein je gaat zorgen voor een grotere verandering. Op het moment dat je het van een echte visie voorziet, ben je echt effectief.” 

Hans van Meggelen vraagt hoe je groepen die niet zo digivaardig zijn kunt bereiken en betrekken. Hoe krijg je iedereen mee? Jannet Vaessen raadt aan om het altijd te proberen nog één slag concreter te maken. Vrijwel alle mensen die buitengesloten zijn hebben een vorm van organisatie, probeer mensen op die manier te zoeken. En wees een pionier: zorg door draagvlak door te laten zien wat inclusiviteit oplevert, of wat het kost op het moment dat je er onvoldoende mee bezig bent. In de praktijkproeven zou het interessant zijn om ook te kijken naar het zorgen voor draagvlak.

Jannet Vaessen vraagt wat de reden is dat Noordenveld expliciet heeft gekozen voor Global Goal 10. 

Wethouder Kirsten Ipema geeft aan dat de gemeente eerst bezig was met inclusie en later de koppeling heeft gemaakt naar de Global Goals.  De Lokale Inclusie Agenda is de verantwoordelijkheid van gemeenten. Door de samenwerking aan te gaan en er echt werk van te maken wordt het succesvol.  

Wethouder Kirsten Ipema: “We waren best ver met de ontwikkeling van de Lokale Inclusie Agenda. Pas later kwam het idee van de Global Goals. Toen we Global Goals Gemeente werden, hebben we de doelen er wel op die manier bij gepakt. We hebben er veel vragen over gehad, maar vinden dat ze erbij horen. Streven naar een betere wereld, spreekt mensen heel erg aan. Mensen herkennen het en hebben er een gevoel bij, dat het past.” 

Jos Sanders geeft aan dat bij doel 10 ‘ongelijkheid verminderen’ ook gelijk andere Global Goals meegenomen worden, dat doet Noordenveld in de bredere opdracht die ze in de ambtelijke organisatie heeft. Jannet Vaessen onderlijnt dat dat bevestigt dat het belangrijk is om goed in beeld te hebben wat in jouw gemeente, of wat mensen in hoge posities, doelen zijn waar meer energie op zit dan op andere. Het is slim op daarop aan te sluiten vanuit de doelstellingen die je hebt binnen Global Goal 10. Als je het helemaal loskoppelt daarvan, wordt het lastiger. Wouke Lam voegt toe dat het in Delft goed werkt om initiatieven rondom Global Goal 10 aan te laten sluiten bij een specifieke campagne over geweld tegen vrouwen die de wethouder erg belangrijk vindt.  

Jannet Vaessen geeft als tip dat het nuttig kan zijn om te kijken op welk gebied binnen Global Goal 10 (ongelijkheid verminderen), je een voorlopersrol kunt spelen en je gemeente op deze manier mooi zichtbaar te maken.  

Thomas vraagt op welke manier er keuzes worden gemaakt tussen de verschillende doelgroepen binnen inclusiedomein door een gemeente. Jos antwoordt dat inclusie erover gaat dat iedereen kan meedoen. We werken niet met doelgroepen, maar benoemen onderwerpen wel specifiek om ze de juiste aandacht te kunnen geven. Het gaat er bij inclusie om dat je iedereen aan boord hebt en niemand speciaal maakt. Thomas licht toe dat termen zoals ‘iedereen doet mee’ wellicht niet iedereen specifiek aanspreken. Er is een groot verschil tussen vluchtelingen en mensen met een visuele beperking. Uit de participatiewet kwam terug dat daar door de gemeente wel onderscheid gemaakt – en dat het daardoor niet werkte. Ook Denise Coenegracht vraagt hoe je het best om kan gaan met het breed opvatten van inclusie versus het specifieker maken. Jannet geeft aan dat het altijd werkt om het doel voorop te stellen. Breed zijn in de communicatie, maar in de benadering heel specifiek zijn, je richten op specifieke doelen. En laat de angst om het fout te doen, ons niet verlammen!  

Annet uit gemeente Rotterdam merkt op dat er veel gebeurt rondom inclusie en anti-discriminatie in Rotterdam via het programma Relax. Dit is Rotterdam. Sinds kort is er een stadsmarinier specifiek voor aangesteld. 

Gineke deelt ook een goed voorbeeld van de Ambassadeur Inclusie die in gemeente Harderwijk die inclusie op alle terreinen inbrengt, bespreekbaar maakt, en ook zit bij de raadswerkgroep Inclusie. Het wordt actueel gehouden via een actielijst. Jannet bevestigt dat het ontzettend belangrijk is om inclusie raadsbreed bespreekbaar te maken, zonder bang te zijn de verkeerde woorden te gebruiken. Maak het bespreekbaar en durf te kiezen. Je kunt niet op alle vlakken tegelijk resultaat boeken. Kies heel gericht een aantal aspecten van diversiteit en inclusie die nu belangrijk zijn, en communiceer op de site welke aspecten later aan bod komen.  

Eric vraagt hoe eenzaamheid een plek krijgt in deze coronacrisis. Jannet antwoordt dat je eenzaamheid als thema kunt bekijken of als diversiteitskenmerk. Je zou er ook naar kunnen kijken op de manier, dat eenzaamheid in de weg zit dat iedereen optimaal meedoet. Ik zie rondom eenzaamheid veel mooie initiatieven op lokaal niveau. Jos benadrukt dat het belangrijk is om de verbinding te leggen op actuele thema’s in de gemeente, samen met lokale organisaties. Eenzaamheid komt op alle lagen in de samenleving voor.  

Wil jouw gemeente verder aan de slag op gebied van Global Goals & lokale inclusie?  

Doe dan tussen april – oktober 2021 mee aan de VNG-praktijkproef Global Goals & lokale inclusie, op basis van de thematiek waar jóuw gemeente aan wil werken: zie het document ‘informatie over deelname aan de praktijkproef’ hieronder. Meld je voor 10 april aan via GlobalGoals@VNG.nl o.v.v. ‘Deelname praktijkproef Global Goals & lokale inclusie’.  

Wil je gemeente vanaf 2022 ook internationaal uitwisselen over lokale inclusie, specifiek gericht op inclusie van mensen met een beperking? Dat kan in het programma ‘We Are Able’ van VNG International. Laat je interesse weten aan projectmanager Volkert.Doop@VNG.nl van VNG International.

De relevantie van duurzaam sociaaleconomisch herstel en de koppeling aan de grote gemeentelijke opgaven zoals ook uitgedrukt in de Global Goals, staat buiten kijf. Iedereen kent de druk op ondernemers, de dreigende of manifeste gevolgen voor winkelstraten, binnensteden en dorpskernen, de groeiende ongelijkheid. Als overheid geven we enorm veel geld uit om de schade te beperken. Dat legt ook een hypotheek op de toekomst. Hoe zorgen we dan dat de andere grote opgaven niet het kind van de rekening worden: de energietransitie, de woningbouwopgave, het realiseren van waardig werk voor iedereen, de omschakeling naar circulariteit, etc.  Kortom: hoe koppelen we het werken aan herstel aan een heel aantal van de Global Goals?

Kern van de deelsessie

Deze deelsessie werd in beide ronden gehouden, maar met een belangrijk verschil tussen de eerste en de tweede ronde. De eerste ronde was tevens de lancering van de City Deal Impact Ondernemen. Daarna kwamen in de eerste ronde (beknopt) en de tweede ronde (uitgebreider) dezelfde drie inleiders aan het woord. Hieronder daarom eerst een samenvatting van de presentatie en bespreking van de City Deal, gevolgd door de overige inleiders op basis van eerste én tweede ronde. In de eerste ronde was Carol van Eert, burgemeester van Rheden en Global Goals ambassadeur voor Gelderland, de moderator, in de tweede ronde Boaz Adank, wethouder Breda en voorzitter van de VNG Taskforce economisch herstel.

Willemien Vreugdenhil, kwartiermaker voor de City Deal Impact Ondernemen, begint met een toelichting op de City Deal en refereert daarbij ook aan de videoboodschap van staatssecretaris Mona Keijzer in de openingsplenaire. Doel van de City Deal Impact Ondernemen is het bouwen van een landelijk ecosysteem voor het bevorderen van impact ondernemen. Impact ondernemen is er op gericht economische, maatschappelijke en ecologische waarden te leveren, en draagt daarmee bij aan meerdere van de Global Goals. De City Deal wil obstakels voor impact ondernemen verminderen, door netwerkvorming, onderzoek en kennisdeling, en professionalisering, ook mbv financiële instrumenten. Inmiddels hebben 80 deelnemers hun deelname aan de City Deal bevestigd: 12 gemeenten, de ministeries van BZK, EZK en SZW, ondernemers, banken, kennisinstellingen en ‘impactmakelaars’ (adviesbureaus, RVO, etc.).

Frank Reniers, bij het ministerie van BZK programma-manager Agenda Stad, waar de City Deals onder vallen, en Stefan Panhuijsen, directeur van Social Enterprise NL benadrukken in hun bijdragen, elk vanuit hun eigen verantwoordelijkheden, het pilot-karakter van de City Deal: het gaat om het kennen van de behoeften van (impact) ondernemers, het vinden van nieuwe oplossingen, het opschalen van bestaande programma’s, het ontwikkelen van nieuwe programma’s en nieuw beleid, om zo kansen te verzilveren en te komen tot sociaal krachtige en inclusieve steden. Kees Klomp, lector betekeniseconomie Hogeschool Rotterdam, licht toe dat “betekeniseconomie, of impact economie, of SDG economie, of nieuwe economie uitgaat van een balans tussen welvaart, welzijn en welbevinden”. Maatschappelijke impact is niet langer een soort bijproduct, maar vormt de kern van de keuzes van de onderneming. Twee andere beoogde sprekers, Maarten van Vierssen, wethouder Apeldoorn, en Ellen Oetelmans, programmamanager maatschappelijk ondernemen, gem. Amsterdam, konden door technische obstakels helaas hun bijdrage niet leveren.

Na vertoning van een video met de bekrachtiging van de City Deal, licht Willemien Vreugdenhil verder toe dat naast de nu 80 deelnemers er later in 2021 een nieuw moment komt voor aansluiting van nog meer deelnemers. In veel gemeenten zijn ook bewonersorganisaties betrokken. Want winkelstraten/binnensteden/dorpskernen zijn vaak met een bibliotheek en/of een buurthuis ook een plek van ontmoeting. Het behoud van die lokale infrastructuur staat onder druk, maar is een collectief belang. De gemeente kan hierin een belangrijke rol spelen, zoals ze ook bijvoorbeeld bij vergunningverlening maatschappelijke prestatie-indicatoren kan toevoegen voor bouwbedrijven, of bij het grondbeheer kan kiezen voor langdurige pachtovereenkomsten met aandacht voor biodiversiteit en bodembeheer, in plaats van voor kortere uitgifte tegen gecommercialiseerde pachtprijzen zonder die omgevingsbescherming. Andere instrumenten zijn het subsidie- en inkoopbeleid. Overigens richt de City Deal Impact Ondernemen zich niet exclusief op impact ondernemers, ook naar ‘reguliere bedrijfsleven’ of de ‘grijze economie’ wordt de hand uitgestoken om tot vooruitgang te komen.

Daarmee wordt (in de eerste deelsessie) het onderdeel City Deal Impact Ondernemen afgesloten en volgt een presentatie door Arjan Hassing. Hij werkt in het strategieteam van de gemeente Amsterdam aan innovatie en circulariteit aan de hand van het concept ‘Doughnut economics’ van de Britse econoom Kate Raworth. In een donut economie is economische activiteit ‘veilig en rechtvaardig’, zolang ze zich beweegt tussen een sociale ondergrens of fundering (het voorzien in voor iedereen noodzakelijke basisvoorzieningen) en een ecologische bovengrens of plafond (de grens die de capaciteit van de aarde stelt). Het concept sluit daarom goed aan bij SDG 8 over duurzame economische groei en waardig werk voor iedereen, maar ook bij de overige Global Goals. Amsterdam streeft ernaar om in 2050 een circulaire donutstad te zijn. Om dat te bereiken, benadrukt Hassing, is een holistische benadering noodzakelijk: ga voorbij de materialistische kant van duurzaam leven en kijk ook naar de benodigde sociale veranderingen en inclusiviteit. Hetzelfde geldt voor de focus op schaalniveaus: het is belangrijk om te weten wat de gevolgen van het donutbeleid elders zijn en niet alleen naar Amsterdam te kijken. Hassing en zijn team passen de donut strategie toe door steeds meer collega’s van andere afdelingen binnen gemeente Amsterdam te betrekken, zodat uiteindelijk de donut centraal staat binnen de gemeente. Eén van de lopende projecten is het opzetten van een stedelijke circulaire materialen monitor. En samen met andere gemeenten in de Metropoolregio Amsterdam wordt gewerkt aan het standaardiseren van inkoopcriteria en circulaire indicatoren, om zo meer massa te genereren. Daarnaast geven ze workshops over circulaire strategie aan partners en zijn er verscheidene programma’s opgezet om ook de Amsterdammers betrekken. Voor het veranderen van bovenlokale ‘systeemknoppen’ die de gemeentelijke bevoegdheden te boven gaan, zoekt Amsterdam de samenwerking, bijv. in VNG-verband of in de City Deal Impact Ondernemen, om samen aan de bel te trekken bij de rijksoverheid of de EU. De centrale doelstelling in ieder contact is, aldus Hassing: ‘Op een andere manier nadenken over groei.’ Groei in balans met mens en aarde.

Bart Swanenvleugel werkt voor Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur  (Rli) en schreef mee aan het in juli 2020 verschenen Briefadvies “Groen uit de crisis” aan de regering. De koppeling tussen sociaaleconomisch herstel en de duurzaamheidsdoelen van de overheid werden in de brief als essentieel onderschreven. Gebruik de doelen ook om te bepalen welke herstelmaatregelen gekozen worden: ‘Kies niet alleen de strategieën die bijdragen aan snel herstel, maar die ook toekomstige generaties gaan helpen,’ zo vat Swanenvleugel samen. Daarnaast heeft de coronacrisis ook geleid tot veranderende maatschappelijke normen die ons in relatie tot duurzaam herstel aan het denken moeten zetten. Swanenvleugel noemt als voorbeeld dat het nu geaccepteerd wordt dat capaciteit beperkt is: je kunt niet zomaar meer een winkel binnen of onbeperkt reizen. Is het dus noodzakelijk om na de crisis mobiliteit weer ongelimiteerd te faciliteren of kan dit met oog op het milieu beperkt worden? Swanenvleugel schetst twee paden om tot groen herstel te komen: ‘Enerzijds moeten sommige geplande maatregelen gepauzeerd worden: kijk eens kritisch naar deze plannen vanuit de aangepaste maatschappelijke normen en de noodzakelijke transities. Anderzijds zal bestaand overheidsbeleid juist versneld of geïntensiveerd moeten worden als groen herstel hier aanleiding tot geeft.’ Denk bij het tweede punt aan het isoleren van woningen: op de korte termijn levert het werkgelegenheid op en op de lange termijn werk je aan de duurzaamheidsdoelen.

Deelnemers benadrukken het belang van ‘building back better’: sterker uit de crisis komen door de middellange termijn transities een impuls te geven. Dialoog met inwoners, lokale ondernemers en maatschappelijke organisaties is daarbij onmisbaar. Swanenvleugel onderschrijft dat: ‘Als je aan de slag gaat met herstelmaatregelen: ga op zoek naar wat mensen beweegt in hun dagelijks leven en leg dan de verbinding met duurzaamheid.’ En hoewel het Rli advies gericht is aan de regering, is het zeker óók relevant voor gemeenten. Sterker: ‘lokaal’ kan vaak voorlopen op ‘nationaal’.

Helaas moest de voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (SER), Mariëtte Hamer, zich op het laatste moment voor deze deelsessie afmelden. Zij is tevens voorzitter van de SDG-alliantie voor Global Goal 8: duurzame economische groei en waardig werk voor iedereen. Jeroen Visser is betrokken bij de SER Denktank die direct na de start van de coronacrisis werd opgericht. Naast de sociale partners, nemen daarin ook deskundigen van de planbureaus, de VNG, e.a. deel, om te adviseren over duurzaam herstel. Het eerste advies bracht de Denktank voor de zomer uit; in januari volgde een tweede, met daarin tien bouwstenen voor herstel na de coronacrisis. Alle bouwstenen richten zich daarbij op de langere termijn en Visser verbindt ze daarom met de energietransitie en het klimaat, grondstoffengebruik en circulariteit,  versterking van de positie van groepen ondernemers die nu geen sociaal vangnet hebben, mensen met een arbeidsbeperking of werkzaam op slechte contracten, jongeren en flexwerkers. Om ongelijkheid te verminderen moet er een verschuiving plaatsvinden van herverdelen achteraf, naar veel meer sturen aan de voorkant, via o.a. kinderopvang en onderwijs. Ook in internationaal verband zijn er structurele wijzigingen nodig: in EU-verband bijv. met de Green Deal, maar ook door ketenafhankelijkheden te verminderen en Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO). Op die manier hebben de herstelmaatregelen ook een positieve impact op het behalen van de Global Goals.

Linda van Beek benadrukte namens UN Global Compact nog het belang van duurzaam herstel, en hoezeer ook binnen het bedrijfsleven de Global Goals worden gezien als richtinggevend daarbij.

Het doel van deze workshop was het verkennen van online platforms voor gemeenten om initiatieven en projecten die bijdragen aan de Global Goals te presenteren. In de sessie werden voorbeelden van gemeenten gegeven die al werken aan brede zichtbaarheid en brede betrokkenheid en er werd verkend wat de behoeften zijn van gemeenten wat betreft online platforms. Met deze informatie krijgen gemeenten een waaier van mogelijkheden hoe je als gemeente je inzet voor de Global Goals kunt laten zien en hoe je lokale spelers hierbij betrekt. Mena Leila Kilani, projectmanager brede beweging bij SDG Nederland, was de moderator van deze deelsessie en nam de deelnemers mee in hoe gemeenten optimaal gebruik kunnen maken van online platforms om de samenleving te betrekken bij de Global Goals. Vervolgens vertelden Agnes van der Linden van de gemeente Delft en Piet Ackermans van de gemeente Oosterhout over het gebruik van de online platforms “MAEX” en “SDG Lokaal” door hun gemeenten.

Mena Leila Kilani: SDG Nederland is het netwerk voor iedereen die wil bijdragen aan de SDG’s (Sustainable Development Goals ofwel Global Goals) in Nederland. We zijn een professioneel netwerk, gestut door een stuurgroep (waarin ook de VNG zetelt) en ondersteund door het Ministerie van Buitenlandse Zaken. We werken samen met 17 SDG Alliantiecoördinatoren en met vele partners vanuit alle sectoren.

SDG Nederland ondersteunt iedereen die wil bijdragen aan de SDG’s met haar website met actie- en stappenplannen, een community voor organisaties, sociale media en een campagne met een petitie voor het opstellen van een Duurzaam Regeerakkoord. Ook organiseren we elk jaar op 25 september de SDG Action Day.  

Ikzelf leid vanuit SDG Nederland de Brede Beweging waarbij allerlei lokale SDG burgernetwerken en jongerengroepen betrokken zijn, die ik opzoek in het land. Met de SDG Stedentrip gaan we langs gemeenten om ze te helpen bij het aan de slag gaan met de SDG’s. Ik ben ook jurylid van de VNG-Global Goals Gemeenteverkiezing. Je ziet dat gemeenten die de samenleving betrekken, het meest succesvol zijn!

Op veel gemeentelijke websites is weinig te vinden over de Global Goals, terwijl dit eigenlijk wel iets is waarvan je wilt dat mensen zien dat je dit goed doet! Mijn belangrijkste tip is daarom: zorg dat de Global Goals goed op de gemeentewebsite te zien zijn! Zet actieplannen op de website. De website van de gemeente is kan een spil zijn in het verbinden van verschillende Global Goals initiatieven ind e gemeente.

Een paar goede voorbeelden: de gemeente Wassenaar heeft een hele mooie Global Goals pagina op haar website. De gemeente Deventer heeft een pagina over de Global Goals op haar website en verwijst daar naar de speciale website www.deventer4globalgoals.nl. Het is belangrijk om de site zo concreet mogelijk te maken!”

Praktijkvoorbeeld 1: MAEX

Over MAEX

MAEX (maatschappelijke AEX) maakt sinds 2015 maatschappelijke waardetransacties zichtbaar: van kleine (buurt)initiatieven tot grotere. Eerst om zichtbaar te welke organisaties zich waarvoor inzetten, en hoe lokale initiatieven elkaar kunnen helpen om waarde te creëren. Tegenwoordig ook om te meten hoe maatschappelijke initiatieven bijdragen aan het behalen van sociale impact. Dit is voor gemeenten interessant, aangezien steeds meer keuzes worden gemaakt op basis van maatschappelijk rendement. Deze sociale impact maakt MAEX zichtbaar via de Social Handprint. 

Ervaring van gemeente Delft met MAEX, door beleidsmedewerker Agnes van der Linden:

“Delft is met MAEX gestart met als eerste doel om initiatieven in de stad te ondersteunen, en gaandeweg hebben we het gekoppeld aan de Global Goals. MAEX is een landelijk platform, wat impulsregelingen aanbiedt waardoor initatiefnemers in Delft subsidies aan kunnen vragen. MAEX is zelf ook een sociale onderneming. Een sociale onderneming stelt maatschappelijke impact voorop. Op MAEX heeft Delft een pagina waarop alle lokale initiatieven staan, en waarop de Social Handprint is uitgewerkt. De Social Handprint is ontwikkeld als tegenhanger van de ecologische voetafdruk. De ecologische voetafdruk gaat om de ruimte die de mens inneemt op aarde op basis van de leefstijl van de mens. De Social Handprint is als het ware de tegenhanger; het gaat hierbij juist om de positieve maatschappelijke waarde die je maakt. We hebben bedrijven gevraagd of zij willen deelnemen aan deze Social Handprint. Het platform is makkelijk om te gebruiken en omdat het een landelijk platform is, wordt het makkelijk gevonden!”

Bekijk hier de pagina MAEX Delft: https://maex.nl/#/region/delft

Praktijkvoorbeeld 2: SDG Lokaal

Over SDG Lokaal

SDG Lokaal bundelt de krachten van gemeenten, bedrijven, non-profitorganisaties en burgers, en vertaalt de 17 Sustainable Development Goals naar de praktijk. Zo kunnen lokale overheid, bedrijven en organisaties samen duurzame economische, maatschappelijke en ecologische doelen realiseren. SDG Lokaal maakt lokale projecten en initiatieven zichtbaar en brengt vraag & aanbod bij elkaar. SDG Lokaal deelt kennis en inspiratie en stimuleert een actieve samenwerking: online én offline, met bibliotheken als ideale locaties om waardevolle SDG-ontmoetingen te organiseren.

Ervaring van gemeente Oosterhout met SDG Lokaal, door beleidsmedewerker Piet Ackermans:

“Samen met Aad Jörgens heb ik vorig jaar nagedacht over de vraag hoe wij SDG Lokaal Oosterhout kunnen ontwikkelen. Vorig jaar hebben wij ons aangemeld als Global Goals Gemeente. We worden heel enthousiast van het gedachtegoed van de SDG’s, en hebben in oktober een online bijeenkomst georganiseerd over de SDG’s en het bedrijfsleven.

Het doel van de website www.oosterhoutsdglokaal.nl is het bieden van een podium. De website is ook zo opgezet dat iedere gemeente het kan kopiëren. Op deze manier is het een eenduidig platform. Vorig jaar zijn we van start gegaan en hebben we gezegd dat wij de kosten dragen. Initiatieven  kunnen op de website aangeven wat hun subdoelen en hoofddoelen zijn. We doen al een hoop SDG-activiteiten, die zijn toen direct op de website geplaatst. Een voorbeeld daarvan is de voedseltuin.

Er zit een klein team achter SDG Lokaal wat zorgt voor het digitale platform en de teksten. Met wijkmakelaars maken we de connectie tussen burgers en bedrijven.

Verder lichten we iedere vierde donderdag van de maand een SDG uit. We houden interviews en zodat het doel in de gemeentelijke organisatie gaat leven. Door de herhaling is kennis over de SDG’s langzaam uitgebreid in de gemeente. Hiermee verbeteren we de lokale zichtbaarheid. We hebben verder nog het plan om een SDG-rapportage te doen en te verantwoorden aan de hand van de SDG’s.”

Bekijk de website Oosterhout SDG Lokaal: https://oosterhoutsdglokaal.nl/

Discussie over behoeften van deelnemende gemeenten wat betreft online platforms:

  • De gemeente Maasgouw heeft een communicatiebureau ingehuurd om bewustzijn over de Global Goals te vergroten en om te weten te komen hoe de gemeente burgers meer kan betrekken. Het plan voor de communicatie wordt in 2021 opgeleverd. De gemeente is daarnaast bezig om te kiezen welke bedrijven ze wil betrekken bij het vergroten van de bekendheid van de Global Goals.
  • In 2019 heeft de gemeente Opsterland een communicatieplan rondom de Global Goals geschreven. Hierna willen de gemeente de koppeling maken naar heel Friesland – liefst in samenwerking met de provincie.
  • Culemborg is sinds 2016 Global Goals Gemeente en heeft de wens om een meer integraal framework voor de SDG’s te maken.
  • Gemeente Oss heeft een portfolio Duurzame Economie gemaakt met vijftig mooie duurzame producten van Osse ondernemers. In de portfolio wordt een koppeling met de Global Goals gemaakt.
  • Gemeente Helmond gebruikt MAEX ook en heeft vervolgens initiatieven benaderd om een profiel aan te maken. Het is een prachtig systeem en methode. Het is daarentegen wel lastig om in te vullen en de gemeente worstelt erg met wie ze uitnodigt om deel te nemen aan het platform. Agnes van der Linden reageert hierop door te zeggen dat dit laatste ook lastig was voor gemeente Delft.
  • Een deelnemer was benieuwd hoe de gemeente Oosterhout de lokale ondernemers bereikt en of er dan veel uitleg nodig is. Piet Ackermans noemt dat de gemeente om mee te beginnen het netwerk Duurzame Ondernemer had opgericht. Daarbij is het belangrijk om op bedrijventerreinen een koploper te vinden en die te benaderen. Vind de duurzame ondernemer op het bedrijventerrein! Ondernemers zijn gefocust, snel en activerend.

This workshop was hosted by the pan-European network PLATFORMA, an active coalition of 43 local governments and their associations across the world which work on the link between decentralised cooperation and the Global Goals (SDGs). Sarah Bentz, the SDG policy officer at PLATFORMA moderated this workshop.

As a first contributor ms. Delphine Lerouge, civil servant working for the Flemish municipality of Roeselare, presented their prize winning international project in which the SDGs are of strong added value to its success. In 2009, the municipality of Roeselare was in search for a partner to join forces within the possibilities of a programme that was launched by the Belgium federal government which focused on good governance, exchange and cooperation. They found their partner in Dogbo, a city  in Bénin, and started a project titled ‘’Zero children without birth certificates’’. In this project many exchanges were organised between different civil society organisations in the two cities and countries, backed by political support from both the partners. This political buy-in appeared to be a crucial factor to the success of the project. Through the different activities organised around digitalization and the creation of birth certificates and registrars, children now have the opportunity to to prove their identity and obtained access to civil rights. The project is linked to several SDGs as they were put to good use by explicitly helping to thematically prioritize this cooperation. The SDGs, being adopted by all the UN members so including Belgium and Benin, provided a real shared and common 'language'. The results over almost ten years are satisfactory; over 1400 children have been regularized and 53 awareness-raising sessions 'Cinema Numérique' were held and its positive effects spreading still. In 2018, Delphine was laureate and winner of the  PLATFORMA award for best decentralised cooperation project. The award enabled the filming of a 20-minute documentary of the project and wider recognition of the project around the world. There are several other projects in Dogbo with the support of VVSG (Flemish Association of Cities and Municipalities). Expositions are organised in Belgium to raise awareness on the project and the work of Roeselare.

After the presentation of Delphine Lerouge, Vanesa Corrales presented a project on behalf The Mallorcan Fund for Solidarity and Cooperation. The project is being implemented in three different countries and tries to find common solutions to the common problem of water,  strongly linked to SDG 6. Since 2018, a local development plan of Tenado, Burkina Faso, was developed with a focus on health, education and water infrastructure. The municipality of Tenado is in charge to maintain the infrastructures and is therefore one of the key partners in the development plan. They localized the SDGs while implementing  the project and activities, and found coherence between the different thematic areas of focus in the development plans through the SDGs. They organised workshops with the municipality to see if the development plans'  priorities and the SDGs were the same as the political needs. But they found fd out that the SDGs were too little included  in the local development plan with a main gap on  SDG 1 "No poverty". So they jointly drafted road maps and action plans to improve this alignment  to  the 2030 agenda and to better conditions in line with the goals and SDG 1 in particular. The conclusions were that there is a huge need for the municipalities to better understand the 2030 agenda and the importance to collect data to create real indicators to measure achievements and progress. The diagnostics also on SDG 6 in Tenado revealed for example that in terms of drinking water, not only less  than ¼ of the municipal population has  access to drinking water, but the levels of service are being received as very basic and often below acceptable levels. There is an almost inoperative management system in sanitation. In terms of governance of services, the institutional mechanism exists but planning is insufficient and the monitoring and evaluation mechanism is almost inoperative. This empiric basis and analysis clearly showed the necessity to improve these conditions and many actions were taken for the better afterwards. The project is now being replicated in several other countries and showing great success.

Er zijn diverse grote uitdagingen voor gemeenten en haar inwoners binnen de Global Goals agenda die met haast dagelijkse regelmaat voorbijkomen. Denk bijvoorbeeld aan de transformatie van het sociale domein, de implementatie van de omgevingswet, klimaattransitie, klimaatadaptatie en de overgang naar aardgasvrije wijken. Dit zijn uitdagingen die iedereen aangaan en waarbij we ook enkel gezamenlijk tot goede oplossingen kunnen komen. Het is dus belangrijker dan ooit, zeker in deze digitale tijd, om te zorgen dat het potentieel van een sterke lokale democratie wordt benut. Dit past naadloos bij het Global Goals adagium “leave no one behind”. Deze sessie richt zich op de koppeling tussen de Global Goals en Lokale Democratie waarbij we ingaan op de nieuwste ontwikkelingen op dit terrein.

De eerste bijdrage werd geleverd door Jeroen Bruijns, projectleider digitale democratie bij VNG.

Wat is de democratie in Nederland? Democratie kent verschillende vormen en is kernachtig te categoriseren in de volgende vier:

  1. representatieve democratie
  2. deliberatieve democratie
  3. directe democratie
  4. participatieve democratie

Hiernaast bestaat ook de digitale toepassing en invulling van (lokale) democratie.Hoe dit vervolgens vorm krijgt of kan krijgen is sterk afhankelijk van de voorkeuren per betreffende groep personen en hoe zij willen participeren bij de democratie: denk bijvoorbeeld aan een verschil tussen senioren groepen versus jongeren.  

Digitale democratie in vogelvlucht: participeren wordt gemakkelijker en inhoudelijk kan het bijdragen aan betere besluiten. Er zijn grofweg de volgende drie participatie niveaus te onderscheiden:

  1. Zorgen voor transparantie door het informeren
  2. Inspraak
  3. Meebeslissen

Beide thema’s komen samen in digitale participatie: het gebruiken van digitale technologie om democratische besluitvormingsprocessen te ondersteunen De inspiratiegids Digitale participatie biedt overzicht en helpt om een digitaal proces in te delen onder bijvoorbeeld digitale vaardigheden, democratische legitimiteit en inclusie en toegankelijkheid. Volgende op deze eerste bijdrage is Jochem de Groot, adviseur publieke samenwerking en participatie ingegaan op een aantal meer concrete praktijktoepassingen van digitale participatie.

Er zijn een aantal digitale trajecten in Nederland waar er binnen de workshop enkele van zijn uitgelicht. OpenStad is een open source platform voor digitale participatieprojecten. Het gaat over wat je als gemeente wil en wat je waar kunt maken met digitale participatie. De vraag die je wilt stellen aan je inwoners, als ook wat je kunt leveren. In hoeverre is het bijvoorbeeld mogelijk om expliciet te zijn over wat je daadwerkelijk gaat doen met de participatie? Hoever wil je gaan met het nog klantgerichter inrichten van je organisatie wat betreft de omgang met de gemeenschap? Duidelijk wordt dat er nog al wat overwegingen zijn te maken. Hierbij zijn twee voorbeelden van de gemeente Amsterdam en provincie Zuid-Holland illustratief:

  • De gemeente Amsterdam wil ondergrondse afvalcontainers plaatsen in een buurt. Dit gaat uiteindelijk hoe dan ook gebeuren, maar aan de bewoners wordt eerst een voorstel gepresenteerd, waarna wordt gevraagd om mee te denken over de beste plek. Is het handig, of relevant? De bewoners kennen de wijk vanzelfsprekend het beste en hiermee kom je gezamenlijk tot een breder gedragen besluit.
  • Provincie Zuid-Holland vraagt aan al haar inwoners hoe in de toekomst slimmer kan worden gereisd. Wat zijn ideeën over hoe je effectiever kan reizen in de provincie? De drie beste plannen zijn geselecteerd door een jury en krijgen de kans om aan tafel te komen en ondersteund te worden.

Om nog een stap verder te gaan kun je de bewoners niet enkel voorkeuren laten kiezen, maar ze ook inzicht geven over wat de consequenties zijn van bepaalde keuzes. Hier komen meer geïnformeerde keuzes uit. Hiervoor is de Keuzewijzer erg goed bruikbaar!

Discussievragen:

Doel 11: Duurzame steden en gemeenschappen

  • Kan een 21ste -eeuwse democratische gemeenschap zonder digitale equivalent bestaan?
  • Hoe verhouden (digitale) participatie democratie vormen zich tot de (digitale) representatieve democratie?

Doel 16: Vrede, justitie en sterke publieke diensten

  • Kunnen bestuur en democratie door digitale diensten 24/7 beschikbaar zijn voor inwoners?
  • Hoe blijf je als overheid in regie en eigenaar van je democratische staat?

Het onderwijs is om verschillende redenen een logische en interessante partner voor gemeenten en andere partijen die aan duurzaamheid willen werken. Immers, de jeugd heeft de toekomst en de schooljaren zijn een tijd van vorming. Dat maakt van onderwijs een interessante manier om jonge mensen mee te nemen in het verhaal van duurzaamheid. Echter, scholen worden overspoeld met lespakketten over een scala aan onderwerpen, dus hoe werk je als gemeente effectief samen met het onderwijs op het gebied van duurzaamheid? In deze sessie werd ingegaan op deze vraag. Anita van der Noord, SDG Nederland, was de moderator van deze sessie en gaf aan verschillende mensen het woord.

Henk Doeleman werkt als strategisch adviseur en programmamanager van de Global Goals bij gemeente Rheden. Zijn team en hij zijn op basisscholen gestart met de Schooldag van de Duurzaamheid. Vijftig scholen bespreken de Global Goals aan de hand van acht ‘kinder Global Goals’, opgesteld in overleg met de kinderen zelf. Op die manier zijn al duizenden kinderen in de gemeente Rheden via lokale projecten in aanraking gekomen met de doelen. Het voortgezet onderwijs wordt op een andere manier geënthousiasmeerd: rapper Jermain Bridgewater daagde de scholieren uit voor een rapchallenge met als thema duurzaamheid. Doeleman stelt: ‘Het belangrijkste is: doen. Creëer projecten waarin de Global Goals betekenis krijgen.’ Niet alleen de kinderen leren van deze projecten: indirect worden ook de ouders bereikt, juist dé groep die al de handen vol heeft en dus lastig te bereiken is.

Ronald van der Heijden, Directeur Landelijk Beraad Stedenbanden Nederland – Nicaragua (LBSNN), werkt aan de nationale pilot Primair Onderwijs & Global Goals 2030. Van der Hijden stuurt aan op meer samenwerking tussen de koepelorganisaties Primair Onderwijs en gemeentebestuur, om externe initiatieven te stroomlijnen en meer samenhang tussen projecten te bevorderen. De nationale pilot stuurt erop aan om in 2030 de eerste leerlingen ‘Global Goals gecertificeerd’ de lagere school te zien verlaten. Dat wordt op lokale schaal bereikt door de Global Goals op te nemen in de Lokaal Educatieve Agenda en op nationale schaal door ervaringen en producten uit te wisselen.

De Global Goals zijn niet alleen een thema voor basisschoolleerlingen. Simone Appelman, student aan NHL Stenden, houdt zich er mee bezig in de vorm van een opdracht voor gemeente Noordenveld. De gemeente heeft de studenten gevraagd hoe de Global Goals het best geïmplementeerd kunnen worden in het basisonderwijs, buiten de directe lesstof om. Daartoe schrijven de studenten een plan van aanpak en inventariseren zij welke problemen scholen ondervinden bij het opnemen van de Global Goals in hun lessen. Appelman onderstreept: ‘De Global Goals hebben een duidelijk doel, maar om dat doel te behalen, kan je heel creatief en innovatief zijn. Buiten de box denken is enorm nuttig in het behalen van de Global Goals.’

Anita van der Noord vat samen: ‘Kinderen, jongeren en studenten zijn essentieel om verandering in gang te zetten.’ Henk Doeleman onderstreept de kansen die gemeenten moeten zien in het onderwijs. De investering in begeleiding weegt niet op tegen de hoeveelheid innovatieve onderzoeken, ideeën en plannen omtrent de Global Goals die ontstaan in samenwerking tussen studenten en gemeenten.

Deze deelsessie had als doel om te verkennen hoe gemeenten al interbestuurlijk samenwerken aan de Global Goals, om te verkennen waar mogelijkheden zitten om samenwerking nog verder te intensiveren en hoe de VNG dit kan ondersteunen.

Rick Schukking die zich bij de VNG bezig houdt met de inzet kabinetsformatie, presenteerde hoe de VNG interbestuurlijk samenwerkt, hoe dat werkt op weg naar de kabinetsformatie en de relatie met de Global Goals.

“Nationale, provinciale, lokale overheid en waterschappen werken nu samen via het Interbestuurlijk Programma (IBP). Het gaat om het samen werken aan maatschappelijke opgaven, en deze vanuit samenhang te bekijken. Niet alles is gelukt wat we wilden, maar samenwerken en samenhang was de gedachte. Inmiddels loopt het IBP af en zijn we bezig met de inzet kabinetsformatie. Een viersporenaanpak is door de Algemene Ledenvergadering van de VNG vastgesteld. De eerste twee sporen zijn randvoorwaardelijk voor de laatste twee:

  1. Het eerste spoor is de structurele financiën van gemeenten op orde brengen, concreet gericht op het gat in de jeugdzorg en het afschaffen van de opschalingskorting.
  2. Het tweede spoor is het opstellen van een Wet Decentraal Bestuur over interbestuurlijke verhoudingen.
  3. De samenhang der dingen en ons gezamenlijke aanbod komt samen in spoor drie. Dit is samen met de Unie van Waterschappen (UvW) en het Interprovinciaal Overleg (IPO) op het gebied van wonen, klimaat, regionale economie en digitalisering.
  4. Het laatste spoor is focus op de uitvoering, ook in verband met de toeslagenaffaire. Het gaat om de uitvoering van beleid en de menselijke maat in de dienstverlening.

Douwe Jan Elsema hebben wij gevraagd een wet op te stellen voor decentraal bestuur met als beoogd resultaat de balans tussen taken en middelen voor lokale overheden te verbeteren. Middelen is niet alleen maar geld maar ook instrumenten. Het is belangrijk het evenwicht tussen de bestuurslagen te versterken, en om bindende arbitrage in kunnen te zetten bij geschillen.

Wat willen wij als gemeenten, als het gaat om spoor 3? Het gaat over wat decentrale overheden kunnen betekenen voor een kabinet voor Nederland op het gebied van wonen, klimaat en economie. Digitalisering is erdoorheen geweven. We werken samen met het Ministerie van BZK aan een motie die zegt dat het Ministerie samen met lokale overheden moet optrekken richting de formatie. Daarbij gaat het om ruimtelijke onderwerpen. De grote transities waar we voor staan landen uiteindelijk allemaal bij de inwoners, waardoor het extra belangrijk is dat we handelen als één overheid die vraagstukken die aan allerlei thema’s raakt effectief met elkaar verbindt, en waar we tegenstrijdigheid tegengaan. Wij claimen daarom voor een integrale gebiedsagenda, waarin we synergie tussen de opgaven creëren. Deze synergie komt samen in de Global Goals, wat we ook benoemen in onze brief over de inzet kabinetsformatie.   

Mark de Man, Wethouder gem. Súdwest-Fryslân over interbestuurlijke samenwerking in Friesland:

Wij zijn nog niet zo lang geleden gestart met de Global Goals, pas in 2019. We zijn bezig op lange termijn, op strategisch en op tactisch niveau de zaken te borgen. We zijn begonnen met het etiketteren; wat doen we als gemeente en welke Global Goals kunnen we daaraan koppelen. Andere partners vragen er dan ook naar en dan beginnen we eigenlijk het gesprek. Aan het begin is het iets onwennig. Op het moment dat je je erin verdiept en de eigen vertaling dan gaat het veel meer voor je leven. Dat willen we samen met het waterschap en de provincie doen. Het is de drijvende kracht in de gemeenschap. We willen dat iedereen integraal deze vraag oppakken. We moeten een ecosysteem samen bouwen. We willen tot integrale besluitvorming komen, dat is echt een uitdaging en van de lange adem.

Sander van ’t Foort, Wethouder gem. Renswoude: Jullie zijn nog niet zo lang bezig. Op korte termijn kun je dus al wel echt wel goed bezig zijn. Welke stappen zou je andere gemeenten aanraden om te zetten?

Mark de Man vertelt dat het een valkuil is om direct een afgebakend plan te hebben. Zet de eerste stap. Ga eens spelen met de Global Goals. Pak een strategisch stuk en plak de Goals erop. Pak dat ook eens met een ketenpartner, zoals een provincie of een instelling. Dan zie je dwarsverbanden ontstaan. Iedereen heeft zijn eigen taal maar met de Goals wordt het een gemeenschappelijke taal.

Wij hebben de Goals in onze kadernota geplaatst.

Sander van ’t Foort: Hoe zie je interbestuurlijke samenwerking?

Wij (gem. Súdwest-Fryslân) hebben dit bespreekbaar gemaakt, bijvoorbeeld in de Vereniging van Friese Gemeenten. Wat kunnen we met de Global Goals? De doelen zijn interessant voor gemeenten van elke grootte. Wij zijn nu bezig met een Europastrategie. Door daar de Goals in te verwerken kan de strategie worden aangesloten op programma’s van andere actoren die ook werken met de Goals. Het is niet alleen duurzaamheid, een heel apolitiek gegeven. Heel vaak wordt gedacht dat zulke instrumenten alleen weggelegd zijn voor grote gemeenten maar dat is niet zo. Daarom word ik er veel enthousiast van!

Wethouder Sander van ’t Foort, gemeente Renswoude:

Renswoude is een van de kleinste gemeenten en dan kan je ook met de Goals aan de slag, ook interbestuurlijk. We zijn ooit begonnen met een nulmeting door Telos. Op welke doelen scoren we? We hebben toen doelen in het fysieke domein geselecteerd. Met afval hebben we echt een verschil gemaakt, met energie hopelijk dit jaar. We hebben Henk Doeleman, gemeente Rheden, uitgenodigd om een presentatie te geven. Dit was super inspirerend. Gemeente Rheden doet het hartstikke goed. Ook mensen die niets met duurzaamheid deden dachten ‘de Global Goals zijn best aardig’. VNG International hebben we ook uitgenodigd om een presentatie te geven over de Global Goals. Dit hebben we dan gekoppeld aan de strategische agenda voor de komende vijftien jaar.

Een ander voorbeeld van interbestuurlijke samenwerking is wij hebben gekeken hoe kunnen we onze buurgemeenten stimuleren. Wij zitten in de regio Foodvalley. We waren de enige Global Goals gemeente. We hebben een digitale lunch georganiseerd. Er zijn nog een aantal andere mensen uitgenodigd. Toen hebben we geprobeerd onze buurgemeenten te inspireren. Sommige gemeenten overwegen het nu wel echt serieus. Het is tof om te kijken hoe je de brede beweging op gang krijgt. Het maakt ook niet uit welke politieke achtergrond je hebt, dat is heel mooi eraan.

Henk Doeleman, Gemeente Rheden:

Ik vond het interessant over het apolitieke concept. Dat betekent ook dat het apolitiek ingebracht moet worden en een Raad moet hier gezamenlijk voor kiezen. In Rheden is het in de raad toch wel gepolitiseerd. We moeten ervoor oppassen dat het raamwerk wordt gezien als een politieke keuze.

Ik vind het zelf heel inspirerend om bij andere gemeenten te komen en om te horen wat andere gemeenten doen. Het is echt heel handig om elkaar op te zoeken en ervaringen te delen. Een andere tip is om over de grens te kijken. Wij hebben contact met Duitsland met een kenniscentrum voor SDG’s. Zij hebben ontzettend veel ervaring met het in beeld brengen van de SDG’s.

De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) organiseert ook grote congressen. De doelen zijn een heel serieus onderwerp in Vlaanderen, ook dat is inspirerend.

Vorig jaar heb ik een student begeleid die onderzocht hoe de begroting gekoppeld kan worden aan de doelen. Het bedrijfsleven loopt voor op de publieke sector wat betreft het verantwoorden over duurzaamheid. Ik zal dit delen!

Silvia Oostwegel, oprichter MAEX:

Wij werken met veel gemeenten om de beweging van onderop te laten zien. Wie doet wat in de samenleving? We hebben een impactmodel ontwikkeld rondom de SDG’s. We hebben de social handprint ontwikkeld om te zien wat de positieve impact is op de SDG’s. We adviseren gemeenten graag rondom de Global Goals en het zichtbaar maken van de SDG’s. Hoe maak je slim samen impact? Steeds meer bedrijven haken aan.

Gemeente Utrecht:

We zijn nu in gesprek over hoe we kunnen meten. We hebben een SDG Dashboard waardoor we transparantie willen bieden. We doen er niet veel mee op regionaal gebied. Het wordt niet gebruikt om in gesprek te gaan of besluiten te nemen. We streven in de regio Utrecht naar economische groei, maar het is natuurlijk belangrijk dit ook te bekijken vanuit de Global Goals. We moeten naast de positieve ook naar de negatieve impact kijken. IPO is er niet zo mee bezig. We zijn op zoek naar een verbinding met de provincie.

Wethouder Mark de Man, Súdwest-Fryslân: De zoektocht met elkaar is interessant. Zorg voor iemand die intrinsiek gemotiveerd is om het vraagstuk verder te brengen. Anders wordt het echt een ‘moetje’.

Gemeente Maasgouw:

Gemeente Maasgouw legt de connecties met België en Duitsland. Maasgouw is onderdeel van de regio Midden-Limburg. Ambtelijk zijn er allerlei werkgroepen op het gebied van mobiliteit, recreatie, natuur maar ook op het gebied van energie. Ik denk dat het goed is om samen met de regio een paar doelen uit te kiezen om mee aan de slag te gaan. Betrek daar dan ook partners, onderwijsinstellingen en ondernemers bij. Inventariseer ook waar behoefte aan is in de regio.

Ruud van der Kant, G4 Trainee bij Gemeente Rotterdam:

Ik ben trainee financiën en control. Voor de G4 heb ik contact gelegd met de andere steden omdat die qua bestuurlijk erg op elkaar lijken. Het gaat eigenlijk om kennisuitwisseling. We kijken ook naar welke Global Goals indicatoren interessant zijn om mee te meten. De internationale verbinding in Europa is ook interessant om te bekijken, kijken wat er gebeurt in andere landen en steden.

In deze sessie kwam een groep gemeentebestuurders bijeen om met elkaar uit te wisselen over hoe verdere invulling te geven aan het predicaat Global Goals en nóg meer gemeenten te enthousiasmeren zich bij de Gemeenten4GlobalGoals-campagne aan te sluiten. Bestuurders Anja van den Dolder-Soeten (Wethouder Hellendoorn), Mark de Man (Wethouder Súdwest-Fryslân), Sander van ’t Foort (Wethouder Renswoude) en Kirsten Ipema (Wethouder Noordenveld), allen zeer actief bezig met de SDG-agenda in eigen gemeente/regio, deelden hun concrete ervaringen met collega-bestuurders. Wobine Buijs-Glaudemans (Burgemeester Oss) modereerde de sessie en blikte met de groep deelnemers ook vooruit aan de hand van de vraag ‘wat willen we samen nog realiseren richting de gemeenteraadsverkiezingen over een jaar en wat is daar voor nodig?

KERN VAN DE DEELSESSIE

In de inleiding van de sessie benadrukte Burgemeester Wobine Buijs-Glaudemans dat hoewel er op dit moment al 100 gemeenten het Global Goals-predikaat hebben omarmd, er nog genoeg werk aan de winkel is. Het woordje ‘global’ lijkt toch vaak nog af te schrikken. Gemeenten zouden er mee geholpen zijn als de nationale overheid de Global Goals ook structureel terug zou laten komen in beleidsstukken, zoals nu bijvoorbeeld het geval in de City Deal Impact ondernemen het geval. Daarnaast blijft uitwisseling tussen Global Goals gemeenten relevant – over praktijkvoorbeelden en aanpakken maar ook over hoe we er voor kunnen zorgen dat de Global Goals straks terugkomen in verkiezingsprogramma’s voor de gemeenteraadsverkiezingen én in bestuursakkoorden.

Na deze prikkelende inleiding nodigde Wobine Buijs-Glaudemans de panelleden Anja van den Dolder-Soeten (Wethouder Hellendoorn), Mark de Man (Wethouder Súdwest-Fryslân), Sander van ’t Foort (Wethouder Renswoude) en Kirsten Ipema (Wethouder Noordenveld), uit om in een eerste gespreksronde te delen hoe zij met de Global Goals aan de slag zijn gegaan en wat zij in het laatste jaar voor de verkiezingen willen doen op dat gebied.

Wethouder Anja van den Dolder-Soeten vertelde dat Hellendoorn veel aan bewustwording heeft gedaan rond de doelen en de Global Goals ook heeft verwerkt in het gemeentelijk beleid. In elke nota van het collega wordt toegevoegd wat deze nota betekent voor de Global Goals; men gaat dus verder dan ‘enkel een icoontje plaatsen’. Dit heeft echt geleid tot een verdiepingsslag. Gemeente Hellendoorn vindt het belangrijk om zelf het goede voorbeeld te geven.

Wethouder Mark de Man deelde dat de gemeente Súdwest-Fryslân het traject omtrent de omgevingsvisie heeft aangegrepen om concrete invulling aan de Global Goals te geven. De Global Goals waren hét uitgangspunt bij het opstellen van de omgevingsvisie en ook de basis voor gesprek met de gemeenschap. Súdwest-Fryslân wil verder aan de slag op het snijvlak natuur, landbouw en recreatie – daar kan je verschillende Global Goals aan koppelen. Los van de Global Goals inbrengen in de meerjarige omgevingsvisie heeft de gemeente de Global Goals ook doorgevoerd in de kadernota’s en hoofdlijnakkoorden, alsook in jaarplannen. Súdwest-Fryslân bevindt zich nu, aldus Mark de Man, in de fase waarin ze van ‘slechts’ etiketteren naar de Global Goals als uitgangspunt gebruiken en erop verder bouwen gaan. “We kiezen ook echt voor een bottom-up benadering; we doen dit niet alleen als gemeente maar met het onderwijs, voedseltuinen en andere partijen uit de regio. Ook werken we niet met een one-size-fits-all-benadering. De verschillende kernen van gemeente Súdwest-Fryslân gaan verschillend aan de slag met de agenda”. Als laatste benadrukte Mark de Man nog dat hoewel veel gemeenten denken dat er bij het worden van Global Goals-gemeente al een heel uitgewerkt plan moet liggen, het heel normaal is om eerst wat andere fases en stappen te doorlopen. “Met één onderwerp beginnen, of etiketteren is al een prima eerste stap”.

Wethouder Sander van ’t Foort (Renswoude) benoemde dat Renswoude lange tijd de enige gemeente in de regio Foodvalley was die zich echt met de Global Goals bezighield. De gemeente wilde dit graag naar een hoger plan brengen en een slag maken in de regio. VNG International werd uitgenodigd bij een portefeuille-overleg met als gevolg dat de Global Goals nu een duidelijke plek hebben in de regionale strategie van de Foodvalley. Renswoude is verder ook bezig met het enthousiasmeren van buurgemeenten om ook zelfstandig aan te sluiten bij de Global Goals-campagne. Met dat doel in het achterhoofd organiseerde Renswoude in het najaar 2020 een digitale lunch in aanwezigheid van VNG-voorzitter Jan van Zanen. Een andere actie was het uitnodigen van de SUV-Global Goals-bus, voor een gesprek met bestuurders uit de regio. 

Wethouder Kirsten Ipema (Noordenveld) deelde dat Noordenveld vorig jaar Global Goals-gemeente is geworden na best een discussie in de Raad. De Raad was van mening dat er al veel andere kapstokken waren waar je als gemeente aan werkt. Toen de omgevingsvisie van Noordenveld ingericht werd met focuspunten duurzaamheid en inclusie kwam er nieuw momentum. De Global Goals sloten hier namelijk heel goed op aan en ook op andere initiatieven van de gemeente, zoals de werkgroep ‘toegankelijk Noordenveld’ waarin ervaringsdeskundigen zitten die meepraten en meebeslissen in de gemeente. “Deze werkgroep was meteen ook heel enthousiast over de koppeling met de Global Goals en sindsdien werkt het als een olievlek”. Kirsten Ipema benadrukte dat in Noordenveld de term ‘Global Goals’ niet erg aansloeg; ze spreken daarom liever over de SDG’s of de duurzame ontwikkelingsdoelen.

Burgemeester Cor Lamers (Schiedam) deelde uiteindelijk via de chat dat Schiedam met twee interessante SDG-projecten bezig is. Eén daarvan is lokaal: de gemeente is al enige tijd bezig met het vertalen van de SDG-doelstellingen in de programmabegroting. Naar aanleiding van deze ervaring en aanpak is Schiedam als enige Nederlandse gemeente uitgenodigd om deel te nemen aan het Europese Urbactproject ‘SDG in cities’. Dat gaat binnenkort van start.

Wobine Buijs-Glaudemans vulde aan dat het Europese netwerk Eurotowns ook langs is geweest in Schiedam om de integrale Global Goals-aanpak te bestuderen en te onderzoeken of dat ook een interessante aanpak is om als netwerk te omarmen en door te voeren. Meer algemeen is het interessant om te kijken of je de Global Goals ook kan gebruiken in je internationale relaties als gemeente. Oss heeft dit met haar Chinese stedenpartners gedaan. De Global Goals zijn het uitgangspunt geworden in de samenwerking. Tijdens een duurzaamheidsreis naar China stond deze agenda centraal bij het bespreken van vraagstukken rond milieuproblemen, stedenplanning etc. “De Global Goals werken verbindend, in de relatie met internationale partners”.

In reactie op de eerste gespreksronde met het panel deelde Wethouder Eric Logister (Oisterwijk) dat zij net begonnen zijn met een nieuw college, na een herindeling, voor de komende 5 jaar. Vanuit zijn rol als wethouder met portefeuille ‘Global Goals’ zal Eric Logister zich onder meer bezig gaan houden met het goed borgen dat de Global Goals als uitgangspunt worden gebruikt, ook bij perspectiefnota’s en begrotingen. In Oisterwijk is er al een actieve Global Goals-gemeenschap, die ook de politiek actief bevragen op de Global Goals en initiatieven in onze gemeente ondersteunt.

Burgemeester Mark Buijs (Oosterhout) vroeg zich af of het niet handiger zou zijn om iedere gemeente een brief te sturen met de mededeling dat zij Global Goals-gemeente zijn, kijkend naar hun beleid. Eigenlijk zijn namelijk alle gemeenten al met de onderwerpen van de Global Goals bezig. Dit kan je uitleggen met als mogelijk resultaat dat gemeenten er dan nog meer en sterker voor gaan. “De drempel om Global Goals-gemeente te zijn moet lager worden”. De gemeente Oosterhout is al volop bezig met de Global Goals. Er is een Global Goals-platform waarbij ook vooral bedrijven worden betrokken. Dit platform heeft in kaart gebracht hoe de gemeente en organisaties in de gemeente al aan de Global Goals bijdragen. Daarnaast brengt het mensen en organisaties bij elkaar die verder willen met deze agenda. Zo gaat de samenleving zelf aan de slag en ontstaat er een sneeuwbaleffect.

Burgemeester Jack van der Hoek (Schouwen-Duiveland) is pas kort burgemeester van Schouwen-Duiveland en ook direct regionale ambassadeur voor Zeeland geworden. Hij geeft aan intrinsiek zeer gemotiveerd te zijn om met deze agenda aan de slag te gaan, die al was omarmt door raad en college. Jack van der Hoek zou graag zien dat alle 13 gemeenten in Zeeland binnenkort aansluiten bij de Global Goals-campagne; nu zijn slechts 3 gemeenten Global Goals-gemeenten.

Wethouder Marij Pollux (Venlo) is als wethouder duurzaamheid heel enthousiast over de Global Goals. Na het eerst te hebben aangevlogen vanuit duurzaamheid probeert ze het gesprek over het worden van een Global Goals-gemeente nu te verbreden maar dat is vooralsnog een ambitieuze opgave want je moet de hele organisatie meekrijgen. Ze is benieuwd naar ervaringen van anderen op dit gebied.

Wobine Buijs-Glaudemans geeft aan dat actieve gemeenten zoals Rheden, Oss en Renswoude altijd zeer bereid zijn om meer te vertellen over hoe zijn aan de slag zijn gegaan met de Global Goals en wat de meerwaarde van het werken via/met deze agenda is.

In de tweede gespreksronde nodigde Wobine Buijs-Glaudemans de panelleden en andere aanwezigen uit om met elkaar te brainstormen over wat de Global Goals-gemeente voor elkaar kunnen betekenen? Wat is onze (lobby)agenda, gezamenlijk? Hoe realiseren we in de komende 10 jaar de doelen? Wat zijn onze gezamenlijke ambities?

Griffier Ruurd Palstra (Velsen) trapte deze rond af en vertelde hoe Velsen bij de start van de huidige raadsperiode er een raadsakkoord is gesloten, waarin de maatschappelijke opgaven worden benoemd. Die zijn nauw gerelateerd aan de Global Goals – “de Global Goals zijn effectief de maatschappelijke opgaven die in je eigen gemeente spelen”. Om deze reden kregen de Global Goals ook een centrale plek in het raadsakkoord. De praktijk bleek echter wel weerbarstiger; het was best lastig om in de Global Goals in diverse debatten en besluiten terug te laten komen. Je hebt daarvoor veel draagvlak in de Raad nodig, om het continue op te werpen; als griffier kan je het debat natuurlijk niet beïnvloeden. Daarnaast hangt het ook af van in hoeverre het college zich echt aan de Global Goals wil committeren. “Toch denk ik dat het belangrijk is de link te behouden en bewustwording te vergroten. De maatschappelijke opgaven zijn universeel van aard – daar moeten mensen van doordrongen worden.” Velsen is al met al goed ingestapt maar de vervolgstap blijkt dus wel lastiger. Ruurd Palstra sloot af met dat hij de Global Goals bij de volgende raad zeker weer onder de aandacht wil brengen. Werken aan bewustwording rond dit onderwerp begint nu al.

Wethouder Mark de Man (Súdwest-Fryslân) denkt dat we de doelen niet 100% gaan bereiken in de komende 10 jaar; wel kunnen we bepaalde subdoelen bereiken. Hij benadrukte dat de Global Goals ook vooral een manier van werken zijn. Hij adviseerde om de doelen ook als dusdanig te positioneren en ze niet aan te vliegen als linkse hobby. “De Global Goals zijn een manier van integraal werken, waarin alle belangen in één keer worden meegenomen”. Verder hoeft werken aan de Global Goals ook geen geld te kosten – “het is vooral een houding die je jezelf kunt aanmeten, daar hoef je geen budget voor te reserveren.”

Wobine Buijs-Glaudemans beaamde dat de Global Goals inderdaad heel apolitiek zijn, wat voor burgemeesters prettig is. “Je wenst de Global Goals gewoon iedereen ter wereld toe. Als je op kraamvisite gaat, dan is het dit dat je het kind gunt. Het maakt dan ook niet uit als de SP, VVD en GroenLinks aan verschillende delen van de agenda trekken; als je maar samen tot een evenwicht komt, tot ‘sustainability’.” Het apolitieke karakter maakt het ook makkelijker om aansluiting met inwoners te vinden, aldus Mark de Man. “Inwoners willen vooral een meer leefbare woonomgeving; die zijn veel minder met politiek bezig”.

Wobine Buijs-Glaudemans denkt dat we gezamenlijk verder kunnen komen met de Global Goals als gemeenten als de VNG de doelstellingen ook structureel gaat meenemen in haar boodschappen en documenten richting verkiezingen en andere mijlpalen. Anja van den Dolder, Ruurd Palstra en Sander van ’t Foort zijn hier zeer mee eens. Anja van den Dolder stelt voor dat er een format komt voor verkiezingsprogramma’s, vanuit de VNG. Dit soort kleine acties kunnen grote gevolgen hebben voor bewustwording. Ruurd Palstra vindt ook dat de Global Goals in alle VNG-stukken terug zouden moeten komen. Daarmee maak je duidelijk dat het geen politiek speeltje is maar dat het ‘gewoon is wat we al doen’. De andere sprekers willen ook vooral blijven uitdragen dat gemeenten al aan de Global Goals werken; sterker nog: “we doen het al, we zijn het gewoon, dit is toch waar het om gaat?”

Sander van ’t Foort (Renswoude) noemt nog dat de VNG misschien ook zou kunnen aansluiten bij het duurzaam regeerakkoord van SDG Nederland. Verder promoot hij het SDG traineeship, een initiatief van het KIT en TheRockGroup. Ook gemeenten kunnen gebruik maken van dat traineeship en trainees inhuren om met de SDG’s aan de slag te gaan; dit is een mooie oplossing bij capaciteitstekort.  

Naar aanleiding van gespreksronde 2 volgden er nog wat reacties van de andere deelnemers. Mark Buijs (Oosterhout) benoemde dat het makkelijker is om via sociaal-maatschappelijke zaken de Global Goals in te brengen in je gemeente. “De energietransitie is een belangrijk maar erg omstreden onderwerp, daarbij kom je wellicht weerstand tegen”. Hij raadt aan om de weg van de minste weerstand te pakken en gewoon te beginnen op een aantal haalbare thema’s. Mark Buijs benadrukte ook nog dat het heel goed is als de samenleving zelf met initiatieven komt. Het gaat uiteindelijk om het uitbouwen van een netwerk, mensen aan elkaar schakelen en ideeën realiseren. Werken met een SDG-platform bestaand uit verschillende stakeholders is echt een aanrader. Dat is vaak niet geheel kosteloos maar werkt heel goed. Wobine Buijs-Glaudemans beaamde dit laatste punt: “in Oss hebben we ook een platform en voor elke goal een logische organisatie die de initiatieven rond dat doel trekt. Op die manier heb je het echt verankerd in de gemeenschap”.

Een laatste onderwerp dat op tafel kwam was het aanstaande partnerschap tussen de VNG en het ministerie van Buitenlandse Zaken. VNG wil graag verkennen of Global Goals gemeenten zich ook geroepen zouden voelen om internationaal aan de slag te gaan met één of meer duurzaamheidsdoelstellingen, binnen dat partnerschap. Mark Buijs (Oosterhout) en Sander van ’t Foort (Renswoude) geven aan graag mee te willen denken hierover. De andere deelnemers beaamden dat het mooi zou zijn als de SDG’s ook leidend kunnen zijn in de samenwerking met het ministerie van Buitenlandse Zaken.