Veel gestelde vragen Rechtspositie burgemeesters

In verband met de intreding van het integrale rechtspositiebesluit voor politieke ambtsdragers per 1 januari 2019 is de informatie op deze pagina niet meer actueel. We werken deze informatie zo snel mogelijk bij.

Heeft u vragen? Dan kunt u terecht bij het VNG Informatiecentrum.

 

Ontheffing woonplaatsvereiste

Dient een burgemeester verplicht te wonen in de gemeente waar hij of zij tot burgemeester is benoemd?
De burgemeester heeft zijn werkelijke woonplaats in de gemeente waar hij is benoemd of, indien hij burgemeester is van meer dan een gemeente, in een van die gemeenten. De raad kan de burgemeester voor een jaar ontheffing verlenen van het woonplaatsvereiste. Per 1 februari 2016 is deze ontheffingsregeling verruimd. De ontheffing die door de raad voor een jaar kan worden verleend, kan nu in bijzondere omstandigheden door de commissaris van de Koning, de raad gehoord hebbende, twee maal met een jaar verlengen tot maximaal drie jaar na de benoemingsdatum.
Wettelijke grondslag: artikel 71 Gemeentewet


Verplaatsingskosten

Hebben burgemeesters recht op een vergoeding van de kosten woon-werkverkeer?
Kosten van woon-werkverkeer worden sinds de invoering van de werkkostenregeling netto vergoed. De vergoeding bedraagt de werkelijke kosten voor het openbaar vervoer. Wanneer een eigen auto wordt gebruikt, dan bedraagt de kilometervergoeding netto €0,15 per km.

De kilometervergoeding is in het rechtspositiebesluit verplicht aangewezen als eindheffingsbestanddeel en kan ondergebracht bij de gerichte vrijstellingen voor de gehele €0,15 per km.
Wettelijke grondslag: Artikel 32 Rechtspositiebesluit burgemeesters jo. artikel 5 Regeling rechtspositie burgemeesters

Hebben burgemeesters recht op een vergoeding van de kosten voor dienstreizen?
Kosten voor dienstreizen in en buiten de gemeente worden sinds de invoering van de werkkostenregeling netto vergoed. De vergoeding bedraagt netto €0,28 per km.

De kilometervergoeding is in het rechtspositiebesluit verplicht aangewezen als eindheffingsbestanddeel en kan ondergebracht bij de gerichte vrijstellingen voor maximaal €0,19 per km. Voor het meerdere van €0,09 per km valt de kilometervergoeding onder de eindheffing.
Wettelijke grondslag: Artikel 32 Rechtspositiebesluit burgemeesters jo.  artikel 5 Regeling rechtspositie burgemeesters


Pensionkosten

Wanneer heeft de burgemeester recht op een tegemoetkoming pensionkosten?
De gemeenteraad kan voor maximaal drie jaar ontheffing verlenen van het woonplaatsvereiste. De pensionkostenvoorziening hangt samen met de ontheffing van het woonplaatsvereiste. Zolang de burgemeester zich niet heeft ingeschreven in de basisregistratie personen in de nieuwe gemeente, heeft hij of zij een ontheffing nodig. De pensionkostenvergoeding ziet op tijdelijk verblijf in een hotel, pensioen of een tijdelijke gehuurd appartement.

De burgemeester die in aanmerking komt voor de pensionkostenregeling heeft recht op een vergoeding ter hoogte van de kosten, met een maximum van 18% van de bruto bezoldiging. De pensionkostenvergoeding duurt maximaal drie jaar vanaf het moment van benoeming (samenhangend met de duur van de ontheffing van het woonplaatsvereiste).


Tegemoetkoming dubbele woonlasten

Wanneer heeft de burgemeester recht op een tegemoetkoming dubbele woonlasten?
Per 1 februari 2016 is de tegemoetkoming dubbele woonlasten vernieuwd. De tegemoetkoming van de dubbele woonlasten geldt:

  • als de burgemeester zich heeft ingeschreven in gemeente waar die is benoemd;
  • er sprake is van een eigen woning die actief in de verkoop staat in de gemeente van vóór de benoeming,
  • en er sprake is van nieuwe woonlasten (koop of huur) in de nieuwe ambtsgemeente.

De aanspraak eindigt op de eerste dag van de maand waarin het oude huis is verkocht, maar uiterlijk drie jaar na de benoemingsdatum.

NB: Voor 1 februari 2016 benoemde burgemeesters hebben ook recht op de bovengenoemde ‘vernieuwde’ regeling voor dubbele woonlasten, indien zij ingeschreven staan in de nieuwe gemeente voor de resterende duur tot maximaal 3 jaar na benoemingsdatum.
Wettelijke grondslag: artikel 31 Rechtspositiebesluit burgemeesters jo. artikel 3a Regeling rechtspositie burgemeesters, artikel 71 Gemeentewet.


Verhuiskosten

Welke kosten vallen er precies onder de verhuiskostenvergoeding van de burgemeester?
Deze vergoeding bestaat uit a) de vergoeding van de transportkosten van de inboedel en b) een vergoeding van andere direct uit de verhuizing voortvloeiende kosten. Hieronder kunnen stofferingskosten en inrichtingskosten worden verstaan, met uitzondering van verbouwingskosten en tuinonderhoud.
Voor de transportkosten van de inboedel geldt geen maximum, maar voor de andere direct uit de verhuizing voortvloeiende kosten geldt een maximum bedrag van €5.818,46. Het recht op een verhuiskostenvergoeding vervalt als de verhuizing niet heeft plaatsgevonden binnen drie jaar na de benoeming.
In het algemeen geldt dat de verhuiskosten in redelijkheid moeten zijn gemaakt, een relatie moeten hebben met de verhuizing en inzichtelijk moeten worden gemaakt. Voor de verhuizing van de inboedel is het raadzaam minimaal drie offertes op te vragen bij de verhuisbedrijven en declaraties dienen vergezeld te gaan met facturen.
Wettelijk grondslag: artikel 31 lid 3 Rechtspositieregeling burgmeesters jo. artikel 3 Regeling rechtspositie burgemeesters


Hoe verhoudt deze verhuiskostenvergoeding zich tot de werkkostenregeling?
De verhuiskostenvergoeding kan in de werkkostenregeling tot het maximumbedrag van €5.818,46 gericht vrijgesteld worden. Er dient wel aangetoond te worden dat de kosten verband houden met een noodzakelijke verhuizing (om het ambt te vervullen). Om een gerichte vrijstelling te gebruiken moet u de vergoeding aanwijzen als eindheffingsbestanddeel in uw (loon)administratie. Dit betekent dat deze verhuiskosten niet worden meegeteld in de vrije ruimte van 1,2% van de totale fiscale loonsom (forfaitaire ruimte)
Wettelijk grondslag: artikel 31, eerste lid onderdeel f Wet op de Loonbelasting 1964 en Handboek Loonheffing 2015 paragraaf 20.1.6.


Fietsregeling

Kan een burgemeester loon uitruilen voor een fiets (voormalig fietsplan)?
Nee, het Rechtspositiebesluit burgemeesters voorziet niet in de mogelijkheid om een fiets aan de burgemeester te verstrekken of loonbestanddelen uit te ruilen voor een fiets.
Wettelijke grondslag: artikel 37 Uitvoeringsregeling Loonbelasting(oud), artikel 31 Wet op de Loonbelasting 1964


Nevenfuncties/inkomsten

Welke neveninkomsten dient de burgemeester te verrekenen?
Op grond van artikel 66 Gemeentewet is de burgemeester verplicht inkomsten uit niet-ambtsgronden nevenfuncties te verrekenen. De verrekening geschiedt op basis van artikel 3 Wet schadeloosstelling Tweede Kamerleden. Wanneer de neveninkomsten minder bedragen dan 14% van de jaarbezoldiging, vindt geen verrekening plaats. In het geval deze meer dan 14% van de jaarbezoldiging bedragen, wordt van het meerdere 50%  verrekend. De vermindering c.q. korting is maximaal 35% van de bezoldiging.
Wanneer geen opgave door de burgemeester wordt gedaan, bedraagt de korting per definitie 35% van de bezoldiging. De verrekening van de inkomsten is niet openbaar en vindt plaats middels een verrekeningsapplicatie. U kunt deze vinden op www.verrekeningneveninkomsten.nl/
NB: Voor burgemeesters die onder het overgangsrecht vallen (in functie waren op 10 maart 2010 is verrekening van nevenfuncties niet van toepassing.
Wettelijke grondslag: artikel 66 Gemeentewet, artikel 14c Rechtspositiebesluit burgemeesters

In hoeverre zijn burgemeesters verplicht om nevenfuncties te openbaar te maken?
Burgemeesters zijn in beginsel alleen verplicht de niet-ambtsgebonden nevenfuncties openbaar te maken (inclusief de inkomsten daaruit). Vanuit integriteitsoverwegingen wordt aanbevolen om alle nevenfuncties openbaar te maken, inclusief de ambtsgebonden nevenfuncties. Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis en/of publicatie via de website uiterlijk op 1 april na het kalenderjaar waarin de inkomsten zijn genoten.
Wettelijke grondslag: artikel 67 Gemeentewet


Waarnemend burgemeester

Heeft de waarnemend burgemeester ook recht op pensionkostenvergoeding en reiskosten woon-werk?
In 2014 is de afspraak gemaakt om het onderscheid tussen een waarnemend en een kroonbenoemde burgemeester zoveel mogelijk op te heffen. Er zijn slechts een klein aantal voorzieningen niet van toepassing op de waarnemer, zoals de verrekenplicht voor neveninkomsten. Dergelijke bepalingen passen niet bij de (tijdelijke) aard van het waarnemerschap
Een waarnemend burgemeester komt dus ook in aanmerking voor een pensionkostenvergoeding en vergoeding van de reiskosten woon-werkverkeer.
NB: Overgangsrecht; de waarnemend burgemeester die als zodanig is benoemd vóór 1 februari 2016, behoudt voor de duur van die waarneming de aanspraak op de vergoeding ingeval van het gebruik van een eigen personenauto voor woon-werkverkeer ter hoogte van €0,28 per afgelegde kilometer.
Wettelijke regeling: artikel 17, derde lid Rechtspositiebesluit burgemeesters, artikel 32 Rechtspositiebesluit burgemeesters jo. artikel 5, tweede lid Regeling rechtspositie burgemeesters, artikel 31 Rechtpositiebesluit jo. artikel 4 Regeling rechtspositie Burgemeesters.

Mag een oud-burgemeester bijverdienen in de Appa?
Ja dat kan, de nieuwe inkomsten worden wel verrekend met de Appa-uitkering. Nieuwe inkomsten zijn:
- inkomsten die men is gaan genieten na het aftreden of
- inkomsten die werven verworven binnen één jaar voor het aftreden.
In het eerste jaar valt 20% van de uitkering buiten de verrekening (de bijverdienmarge). De daarop volgende jaren 30% van de uitkering.
Wettelijke grondslag; artikel 136 Appa.


Sollicitatieplicht en re-integratie Appa

Wat is planmatige begeleiding en wanneer wordt het toegepast?
Planmatige begeleiding is een ander woord voor outplacement. Het college kan een oud-burgemeester verplichten dat hij in het kader van de sollicitatieplicht ook begeleiding krijgt om een nieuwe werkplek te verwerven of daarvoor aanvullende opleiding te krijgen. In dat geval worden de kosten volledig ten laste van gemeente vergoed. Planmatige begeleiding kan ook door gemeenten op vrijwillige basis worden ingezet. In dat geval bedraagt de bijdrage van de gemeente maximaal 20% van de laatst genoten bezoldiging.
Wettelijke grondslag: artikel 132b en art. 163b Appa

Wie heeft sollicitatieplicht?
Alle burgemeesters van wie het burgemeesterschap eindigt en de burgemeester als zijn benoeming eindigt of wanneer hij ontslag neemt hebben een sollicitatieplicht. Alleen Burgemeesters die onder het overgangsrecht vallen (benoemd op of na 27 februari 2010) hebben geen sollicitatieplicht.
Wettelijke grondslag: artikel 132a Appa


ABP Pensioen

Welke pensioenregels gelden voor de burgemeesters?
Een burgemeester bouwt pensioen op bij het ABP volgens het ABP-pensioenreglement. De burgemeester bouwt pensioen op volgens de middelloonsystematiek. Het pensioengevend inkomen is gemaximeerd. Eventuele premieveranderingen, kortingen en indexeringen van lopende ABP- pensioenen, werken direct door op de pensioenen van (oud)- burgemeesters.
Relevante bepaling: Besluit pensioenen Appa

Kan een oud-burgemeester tegelijkertijd een deeltijdpensioen van het ABP en een Appa-uitkering ontvangen?
Nee, een Appa-uitkering van een burgemeester en een ABP-pensioen  kunnen niet samengaan.
Relevante bepaling: artikel 7.4 Pensioenreglement ABP (via website ABP)