VNG Magazine nummer 1, 24 januari 2020

Auteur: Rutger van den Dikkenberg | Beeld: gemeente Smallingerland

Drie vragen aan... Jan Rijpstra, burgemeester Smallingerland

Na de gewelddadige dood van een zestienjarige jongen in Drachten in december neemt de roep op een totaalverbod op messen toe. Maar het kabinet wil er niet nog aan. Burgemeester Jan Rijpstra van Smallingerland wil overleg over zo’n landelijk messenverbod.
 

Jan Rijpstra, burgemeester Smallingerland

1.    Wat is de aanleiding voor deze oproep?
‘We hebben in Smallingerland de afgelopen tijd te maken gehad met een aantal incidenten, als laatste in december dat verschrikkelijke dodelijke incident in Drachten waarbij een jongen van 16 werd doodgestoken. Daar zijn jongeren van 14, 15 jaar bij betrokken. Ook op andere momenten werden messen aangetroffen. En dit speelt niet alleen bij ons, maar ook op andere plekken in Nederland. Dat was de directe aanleiding. We zijn nu in gesprek met de politie en het Openbaar Ministerie. En gisteren spraken we met de scholen in de gemeente: hoe kunnen we ervoor zorgen dat er geen onveilige omgeving ontstaat? Dat was een uitstekend gesprek. Ik heb geen verklaring voor het feit dat het aantal incidenten nu toeneemt. De Tweede Kamer kan dat laten uitzoeken, bijvoorbeeld met een aantal hoorzittingen. Dan moet je niet vergeten ook met de jongeren in gesprek te gaan. Waar komt de kick vandaan om met een mes de straat op te gaan?’

2.    U kunt ook zelf een messenverbod in de APV opnemen, zoals Amsterdam, Almere en Leeuwarden hebben gedaan. Waarom wilt u een landelijke regeling?
‘Ik weet dat ik het ook zelf kan, en dat gaan we ook doen. Ik wil gewoon kunnen handelen, en plaatselijk kun je hier ook veel aan doen. We gaan de APV wijzigen en een aantal gebieden benoemen waar je preventief mag fouilleren. Dat is mijn bevoegdheid als burgemeester. De tekst is bijna klaar. Als dan een mes wordt aangetroffen, dan kan dat in beslag genomen worden. Maar dat is in feite een U-bochtconstructie. Ik doe daarom een bredere oproep. Is het normaal dat we in Nederland met messen op zak lopen terwijl daar geen noodzaak voor is? Het antwoord is nee. Dan moet er ook iets gebeuren. Door dit soort incidenten ben ik op de lijn gekomen dat we een verbod in de wet moeten opnemen, en aangeven wie er wel met een mes mag lopen. En ja, dat is ingewikkeld. Daarom wil ik daar landelijk overleg over. We moeten af van het dragen van messen om jezelf te verdedigen. Daarmee zul je niet alle incidenten uitsluiten, dat kan niet. Maar op deze manier kunnen we het dragen van messen wel terugdringen.’

3.    Het kabinet is terughoudend. Een messenverbod leidt tot schijnveiligheid, omdat je ook iemand met een schroevendraaier kunt neersteken, zei staatssecretaris Broekers van Justitie en Veiligheid in de Tweede Kamer.
‘Dat laatste is waar. Het kan ook met een aardappelschilmesje. We hebben het nu over het dragen van steekwapens die heel makkelijk aangeschaft kunnen worden. Het aantal steekincidenten neemt toe, zeker in de grote steden. Daar schrikt iedereen van. Ik heb begrepen dat minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid een uitnodiging gaat sturen aan burgemeesters om hierover te praten. Daar doe ik graag aan mee. En ik hoop ook dat de Tweede Kamer hierover wil praten. Dit onderwerp is te belangrijk om te zeggen dat we er maar mee moeten leven.’