Het geheel aan mogelijkheden voor gemeenten om belastingen te heffen, noemt men ook wel het belastinggebied.

In tegenstelling tot bijvoorbeeld België, zijn Nederlandse gemeenten niet volledig vrij in de keuze van hun belastingen. Alleen belastingen die in de wet zijn genoemd, kunnen door gemeenten worden geheven. Dit wordt ook wel een gesloten belastingstelsel genoemd (artikel 132, lid 6, Grondwet).

Het Europees Handvest voor de lokale autonomie geeft decentrale overheden expliciet de mogelijkheid om eigen inkomsten te krijgen. In de Nederlandse Grondwet is vastgelegd dat gemeenten belasting mogen heffen om aan deze inkomsten te komen.

Gemeentelijke belastingen

Op grond van de Gemeentewet kunnen gemeenten de volgende belastingen heffen:

  • Onroerendezaakbelastingen
  • Belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten
  • Baatbelasting
  • Forensenbelasting
  • Toeristenbelasting
  • Parkeerbelastingen
  • Hondenbelasting
  • Reclamebelasting
  • Precariobelasting
  • Rioolheffing
  • Rechten, zoals reinigingsrechten, staangelden en marktgelden
  • Leges
  • Vermakelijkhedenretributie

Op grond van andere wetten kan worden geheven:

Opbrengst

De 3 omvangrijkste gemeentelijke heffingen zijn de onroerendezaakbelastingen (OZB), de riool- en de afvalstoffenheffing. De totale opbrengst uit gemeentelijke heffingen is voor 2022 begroot op € 8,8 miljard (bron: CBS).

opbrengst gemeentelijke heffingen, begroting 2022

Uitbreiding gemeentelijk belastinggebied

In het meest recente regeerakkoord (december 2021) staat:

'Om een stabielere financiering voor de medeoverheden te realiseren en hun autonomie te vergroten, wordt in de komende jaren een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025 uitgewerkt, waarbij de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied wordt betrokken. Daarbij worden ook alternatieven voor de OZB en MRB in de beschouwing betrokken. In de huidige kabinetsperiode zal de financiering van de medeoverheden grotendeels worden vormgegeven via de accres systematiek.'

Dit betekent dat er in ieder geval tot 2025 geen uitbreiding van het lokaal belastinggebied komt. De VNG en andere instellingen zoals Raad voor de financiële verhoudingen en de Raad van State bepleiten al jaren een uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied. Nederlandse gemeenten zijn financieel sterk afhankelijk van het rijk. Het grootste deel van hun inkomsten (meer dan 60%) is afkomstig uit het gemeentefonds. Minder dan 20% bestaat uit gemeentelijke belastingen en heffingen. Hierdoor is er weinig ruimte om eigen keuzes te maken voor lokale prioriteiten.

Per saldo hoeft een uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied niet tot stijging van de belastingdruk te leiden. Door de vermindering van de uitkeringen van het rijk aan gemeenten heeft het rijk minder uitgaven en kunnen de rijksbelastingen omlaag. De uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied zal wel leiden tot verschuiving van belastingdruk tussen individuele burgers en bedrijven. Gemeenten heffen de belastingen immers naar andere maatstaven dan het Rijk doet en de tarieven zullen per gemeente verschillen.

Meer informatie