Laatst bijgewerkt: 20 juli 2026

Het ‘Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit’, een uitvloeisel van het Klimaatakkoord, is per 1 juli 2024 in werking getreden. Gemeenten hebben hiermee op verschillende manieren te maken: als bevoegd gezag van de regeling, als opdrachtgever aan de omgevingsdiensten voor toezicht en handhaving en als werkgever van hun eigen medewerkers.

Inhoud van het besluit

Het besluit is een uitwerking van het doel uit het Klimaatakkoord om de CO2-emissies door werkgebonden personenmobiliteit (woon-werkmobiliteit en zakelijke mobiliteit) in 2030 met 1,5 Mton terug te dringen. Op grond van het besluit moeten werkgevers met 100 of meer werknemers jaarlijks voor 1 juli gegevens verstrekken over de werkgebonden personenmobiliteit van hun werknemers in het kalenderjaar daarvoor. 

Het gaat om gegevens over het aantal gereisde kilometers, de gebruikte vervoermiddelen en brandstof. Werkgevers verstrekken die gegevens via een digitaal platform. Op basis van die gegevens berekent het platform de CO2-emissie automatisch. Via een rapportage krijgen werkgevers inzicht in hun emissies en worden ze gestimuleerd om reducerende maatregelen te nemen.

Lees het Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit

Wijziging van het besluit

Naar aanleiding van een motie uit de Tweede Kamer wordt het besluit gewijzigd. Er komt een uitzondering op de rapportageverplichting voor werkgevers met minder dan 250 werknemers. De reden achter de motie en de wijziging in het besluit zijn de regeldruk en administratieve lasten voor het mkb.

De wijziging in het besluit wordt voorbereid door het rijk. Naar verwachting wordt de wijziging in december 2026 gepubliceerd, waarmee deze ook in werking zal treden. Dit betekent dat werkgevers met minder dan 250 werknemers nog wel moeten rapporteren over het jaar 2025, maar daarna niet meer.

Meer informatie over de wijziging vindt u in de brief van de staatssecretaris van IenW en de documenten bij de internetconsultatie.

Gemeenten als bevoegd gezag

Gemeenten zijn bevoegd gezag op het gebied van toezicht en handhaving van de regeling. Zij verlenen opdracht aan de omgevingsdiensten, die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van toezicht- en handhavingstaken. Eerder hebben we kritische vragen (pdf, 216 kB) gesteld over de rol (en verdeling) van het bevoegd gezag en de vergoeding van de uitvoeringslasten. Het ministerie van IenW gaat de regeling nog zowel inhoudelijk (of een norm nodig is of niet) als procesmatig (verantwoordelijkheidsverdeling) evalueren.

Gemeenten als werkgever

Afhankelijk van hun aantal medewerkers kunnen ook gemeenten verplicht zijn de reisgegevens van hun medewerkers verstrekken. De VNG vindt het belangrijk dat we als decentrale overheden het goede voorbeeld geven.

Meer informatie

Vergroenen reisgedrag

Om het reisgedrag te vergroenen richt IenW zich, naast werkgebonden personenmobiliteit, ook op recreatief reisgedrag.