Eén gemeente, een bestand van ruim 2700 personen en drie jaar de tijd; een onderzoek onder de populatie bijstandsgerechtigden naar eventueel vermogen in het buitenland. De gemeente Almelo gaat de uitdaging aan en is dit jaar begonnen. Reden hiervoor is onder meer de globalisering van de samenleving en het behoud van het draagvlak van ons sociaal stelsel.  Hoe heeft de gemeente Almelo dit gedaan en waar zijn zij begonnen? 
 

Jaartal
2020
Gemeente
Type
Handreiking Overig type Persbericht / Nieuwsbericht

Voordat kan worden gestart met het uitvoeren van een onderzoek, moet goed worden gekeken naar recente uitspraken van de Centrale Raad van Beroep (CRvB). Het is vooral van belang dat het vermogensonderzoek niet in strijd is met het discriminatieverbod. De aspecten waar de CRvB gewicht aan heeft toegekend en dus van belang zijn, zijn hieronder omschreven.  

Onderzoek naar slechts één specifiek land heeft een stigmatiserend effect en is niet toegestaan. Belangrijk is dus om bij de toepassing van het criterium geboorteplaats buiten Nederland geen nader onderscheid te maken tussen één of meer specifiek(e) geboorteland(en) buiten Nederland.
Het risicoprofiel mag worden verfijnd met vakantiegedrag. Degenen die over inkomens- en vermogensbestanddelen beschikken in het buitenland gaan vaak langdurig naar de plaats waar het eigendom zich bevind, om dit te beheren en te onderhouden of daarvan op andere wijze gebruik te maken.
Het verschil in leeftijd is ook een punt van aandacht. Ouderen beschikken namelijk vaker over inkomens- en vermogensbestanddelen in het buitenland dan jongeren. Bijvoorbeeld omdat ze erfgenaam worden of een pensioengerechtigde leeftijd bereiken. 
Het onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met het Internationaal Bureau Fraude-informatie (IBF) van het UWV. In overleg met hen is bepaald dat bijstandsgerechtigden uit landen waar geen onderzoek kan worden verricht, uit het bestand kunnen worden gehaald. Onderzoek in de landen Irak, Syrië en Afghanistan zijn, gezien de politieke onrust, momenteel niet mogelijk. 

Start
Uit het bovenstaande vooronderzoek blijkt dat de CRvB het in de kern belangrijk vindt dat het onderzoek op basis van objectieve en relevante omstandigheden plaatsvindt. Houd dus rekening met deze objectieve criteria.  De gemeente Almelo heeft ervoor gekozen om hun gehele bestand van 2700 personen, verdeeld over drie jaar te onderzoeken. En zij kiezen voor een alfabetische benadering voor de uitvraag. Jaarlijks worden 900 personen onderzocht, oftewel 225 personen per kwartaal. 

Actie 
De gemeente Almelo zet een aantal acties in ten behoeve van de themacontrole. Het IBF biedt hierbij  ondersteuning. Eerst wordt een algemene uitvraag gedaan om inzicht te krijgen in het eventuele vermogen in het buitenland. Alle personen in het bestand krijgen een brief met bijlage (inlichtingenformulier) en ze krijgen vier weken de tijd om dit formulier ingevuld weer in te leveren. Bij inlevering van het formulier met eventuele bijlagen ontvangt men een ontvangstbewijs. De rechtsgrond voor het doen van deze uitvraag ligt in artikel 53a en 17 lid 1 van de Participatiewet. 

Quickscan 
De uitvraag wordt dus gedaan onder 225 personen per kwartaal. Personen die het inlichtingenformulier niet of maar gedeeltelijk hebben ingevuld of hebben aangegeven geen vermogen of inkomsten buiten Nederland te hebben, worden door de gemeente Almelo intern gecheckt. Hierbij wordt gekeken naar de vorm van binding met een land buiten Nederland. Vervolgens worden de personen die uit de uitvraag naar voren kwamen, aangemeld bij het IBF voor een quickscan in het land waar men kennelijk een binding mee heeft. Het doel van de quickscan is om te verifiëren of de - door de klant opgegeven - gegevens kloppen en naar waarheid zijn ingevuld. 

Gesprek 
Uit de quickscan van het IBF blijven dossiers over waar sprake is van informatie, waaruit kan worden afgeleid dat er sprake is van vermogen en/of inkomsten. De persoon in kwestie wordt in dat geval uitgenodigd voor een gesprek bij de gemeente Almelo. Doel van dit gesprek is om belanghebbende te bewegen zelf met de informatie te komen over het vermogen en inkomsten. Bij weigering worden de dossiers opnieuw aangeboden aan het IBF met het verzoek om extra onderzoek te doen naar het vermogen en/of inkomsten. Ten aanzien van het weigeren om informatie te verstrekken, zal per geval moeten worden bekeken of dat op dat moment al gevolgen moet hebben voor de uitkering. Zodra het IBF haar bevindingen heeft overgedragen middels een rapport aan de gemeente Almelo, wordt deze via de normale procedure van een fraudeonderzoek afgehandeld door de sociaal rechercheur/preventiemedewerker.

Toekomst 
In 2020 en 2021 wordt deze werkwijze toegepast op de overige personen, die een bijstandsuitkering ontvangen van de gemeente Almelo.

Gerelateerde links
Hoe het begon in Tilburg | Onderzoek Vermogen Buitenland
Onderzoek naar verzwegen inkomen en vermogen in het buitenland | Handreiking
Onderzoek ook het buitenlands vermogen | blog