Met de Taskforce economisch herstel en transitie bundelen verschillende VNG-commissies en de netwerken van G4, G40, M50 en P10 hun krachten om samen te werken aan economische ontwikkeling.

Position paper

Voor de coronacrisis zagen gemeenten zich al voor verschillende uitdagingen staan, zoals leegstand in binnensteden en winkelcentra doordat consumenten steeds vaker online winkelen. Nu de crisis over zijn hoogtepunt heen is, is het nog duidelijker geworden dat partijen moeten toewerken naar een weerbare en toekomstbestendige economie. Gemeenten vragen het rijk om, samen met ons en onze partners in de regio, aan de slag te gaan met de opgaven voor een duurzaam economisch herstel van onze gemeenten en regio’s. 

Bekijk ook de toelichting van wethouder Boaz Adank (Breda), voorzitter van de Taskforce economisch herstel en transitie, in het Weekjournaal van VNG-directeur Leonard Geluk van 12 november 2021:

Thema's

De taskforce richt zich in eerste instantie op 3 thema’s die tot prioriteit zijn benoemd, namelijk:

  • human capital-beleid (arbeidsmarkt van de toekomst)
  • innovatie en het brede mkb 
  • vitale binnensteden en kernen

Hieronder meer over deze thema's (klik deze aan om de tekst te tonen):

Een sterke economie zorgt voor werkgelegenheid en dynamiek op de arbeidsmarkt. Economische ontwikkeling vraagt om een goed functionerende arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt is in beweging en vraagt om een wendbare en weerbare beroepsbevolking en wendbare en weerbare bedrijven.

De economie herstelt sneller dan verwacht en arbeidsmarktkrapte dreigt: er is meer vraag naar arbeidskrachten dan dat beschikbare arbeidskrachten zijn. Een tekort aan menskracht is een rem op economisch herstel en transitie, en transities zijn door corona versneld. Maar het huidige systeem knelde al langer. Op de langere termijn zorgen transities (o.a. duurzaamheid en digitalisering) en innovaties (o.a. automatisering en robotisering) voor veranderingen binnen organisaties en de inhoud van werk. Door het brede scala aan economische ontwikkelingen ontstaan in sommige beroepsgroepen overschotten terwijl in andere tekorten ontstaan. Het moet makkelijker worden voor mensen om (met behulp van scholing) stappen te zetten op de arbeidsmarkt: van opleiding naar werk, van werk naar werk, van sector naar sector en van werkloosheid naar werk.

Het arbeidspotentieel wordt nog niet helemaal benut en kan beter worden ingezet. Daarbij is extra aandacht nodig voor kwetsbare sectoren, waarbij mensen versneld van-werk-naar-werk moeten. Bovendien is extra aandacht nodig voor jongeren, zodat er geen generatie verloren gaat.

Als leidraad voor economische ontwikkeling gaan we uit van het brede welvaartsbegrip. Dat betekent dat welvaart niet een puur economisch begrip is omdat ecologische en sociaal-maatschappelijke aspecten van minstens zo groot belang zijn voor onze welvaart op de langere termijn. Internationaal en nationaal is er structureel aandacht voor de SDG’s (Sustainable Development Goals of Duurzame Ontwikkelingsdoelen). Inzet op menselijk kapitaal draagt bij aan een aantal SDG’s waaronder ‘geen armoede’ en ‘eerlijk werk & economische groei.’ Het zelf vorm kunnen geven aan je loopbaan en perspectief op werk draagt op een belangrijke manier bij aan de ontwikkelingsdoelen Investeren in kennis en vaardigheden is noodzakelijk om duurzaam inzetbaar te blijven in de eigen beroepsgroep, maar het wordt ook steeds belangrijker om de mobiliteit tussen economische sectoren te vergemakkelijken.

Leven Lang Ontwikkelen (LLO) is de route om dit mogelijk te maken. Dit wordt nu geïsoleerd en verkokerd aangepakt. Dit zit met name in de landelijke structuur en financiering. Daar waar het werkgevers, werknemers en werkzoekenden raakt, is een samenhang in aanpak en uitvoering noodzakelijk. Op regionaal niveau worden daar belangrijke stappen in gezet – LLO wordt binnen regionale aanpakken (onder andere) verbonden aan economisch beleid, innovatiespeerpunten, kennisbeleid, arbeidsmarktbeleid en doelgroepenbeleid.  Om de complexe maatschappelijke opgaven die samen komen in de economie en op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden én om mensen duurzaam te behouden voor de arbeidsmarkt, moet menselijk kapitaal gestimuleerd worden en is een herziening nodig van de visie op LLO.  Overheid, bedrijfsleven en onderwijs moeten dit samen mogelijk kunnen maken. Deze white paper bevat daartoe een analyse, inzicht in de landelijke en regionale ontwikkelingen en een eerste voorstel met bouwstenen voor een gezamenlijk aanpak.

Wat willen we bereiken?

  • De centrale opgave is het realiseren van een sterke en veerkrachtige economie, waarin voldoende mensen beschikbaar zijn. Beleid en regelingen die ingezet worden om ontwikkelingen op het gebied van menselijk kapitaal te bevorderen moeten bijdragen aan de uitdagingen waar ondernemers en overheden tegenaan lopen: structuur volgt opgave. Het gaat dan om mobiliteitsvraagstukken (naar kansrijke sectoren), transitieopgaven (energietransitie, circulaire economie, digitalisering) en opgaven op het gebeid van publieke taken (onderwijs, zorg, politie etc.)
  • Een zo eenvoudig mogelijk opgavegerichte inzet van regelingen binnen de aanpak. Momenteel zijn er meer dan 40 regelingen die ontwikkelingen stimuleren en als we niet oppassen worden dit er alleen maar meer.
  • Een (voor ondernemers en (potentiële) werknemers) zo toegankelijk mogelijke aanpak. Een eenvoudige aanpak moet leiden tot een toegankelijke inzet op menselijk kapitaal. En een toegankelijke aanpak betekent dat investeren in menselijk kapitaal aantrekkelijk wordt. Nu bestaat er een perverse prikkel om mensen zo snel mogelijk te helpen aan een baan, terwijl je wilt stimuleren dat mensen worden omgeschoold voor de banen van de toekomst.
  • Een aanpak die aansluit bij de bestaande samenwerkingsverbanden in de sectoren en regio’s. Er is de afgelopen jaren al veel geïnvesteerd in regionale en sectorale samenwerking op het gebied van menselijk kapitaal. De regio komt daarbij naar voren als hét schaalniveau waarop gemeenten, provincies, UWV, sociale partners, onderwijsinstellingen en ondernemers elkaar vinden en afspraken maken over de dienstverlening aan werkgevers en (potentiële) werknemers. De komende tijd zal deze samenwerking, in het kader van de regionale mobiliteitsteams, extra gestimuleerd worden. De inzet binnen het economisch herstelplan is er het meest bij gebaat als de bestaande structuren worden benut en er vanuit bestaande structuren naar ruimte wordt gezocht om ervaring op te doen met innovatieve oplossingen.

Meer informatie

De coronacrisis versnelt een aantal transities, zoals digitalisering en onze kijk op logistiek en (lange en niet duurzame) logistieke ketens. De maatschappelijke opgaven op het gebied van wonen en klimaat betekenen dat we ook moeten inzetten op transities in vastgoed en (digitale) bereikbaarheid, energie en circulariteit. We moeten ondernemers een goede uitgangspositie bieden om te komen tot economisch herstel zodat de werkgelegenheid geborgd blijft voor alle lagen van de bevolking. Wat ons betreft, ligt de focus op het brede MKB, omdat zij zorgt voor 60% van het BRP en 70% van de werkgelegenheid. Er liggen kansen bij de agrofoodsector, ICT, zorg en health, de creatieve sector, de bouw- en infra, energiesector en maakindustrie. Dit moet gecombineerd worden met slimme logistiek met korte(re) ketens en reshoring waardoor “koop lokaal” aan betekenis wint. Nog te weinig MKB-bedrijven benutten de kansen van digitalisering. Belangrijk is dat de overheid zorgt voor interconnectiviteit zodat het MKB net als (internationale) grote bedrijven volop gebruik kan maken van digitale netwerken en verkoopkanalen.

Wat willen we bereiken?

Een goede, zichtbare en toegankelijke ondersteuningsstructuur voor het MKB in de regio, met aandacht voor start-ups en scale-ups, innoveren, valoriseren, marktcreatie, financiering (ook van COVID19-schulden), internationalisering, kennisontwikkeling en kennisdeling, met name op het gebied van digitalisering, circulaire economie en impact-ondernemen’.

Binnensteden en dorpskernen zijn essentieel voor de brede welvaart van inwoners en voor een goed vestigingsmilieu van stad en regio. In grote steden gaat het behalve om winkels ook om plekken waar men werkt, elkaar ontmoet, om inspireren en creativiteit in b.v. theaters, maar ook de plek waar toeristen graag vertoeven. In iedere plaats gaat het om een hart, een huiskamer en een visitekaartje.

De binnensteden staan echter onder druk, ondanks herstel van de economie. Sectoren als horeca, retail, evenementen en cultuur, die onze binnensteden kleur geven, hebben het nog steeds erg zwaar. De gemiddelde leegstand in binnensteden is nu al 13%, internetverkoop is lastig terug te draaien en door corona hebben ondernemers weinig reserves. Kaalslag ligt op de loer. Zonder sterke binnensteden en centra staat veel op het spel. Als het kloppend hart en uithangbord van steden en kernen wegkwijnt, is dat slecht nieuws voor ondernemers, inwoners en bezoekers.

Gemeenten zien als geen ander dit belang en zijn volop aan de slag met actieprogramma’s voor binnensteden. Dit doen we samen met ondernemers en bewoners, maar op veel plekken ontbreekt simpelweg mankracht, geld of kennis. Ook zien we dat bovenlokale problemen niet zonder het rijk en provincies kunnen worden aangepakt. We willen graag vanuit een gelijkwaardige samenwerking aan de slag. Gemeenten weten goed wat er bij ondernemers in verschillende sectoren speelt en waar kansen liggen voor hun binnenstad. Rijk en provincie spelen een cruciale rol door expertise, instrumenten en financiële middelen aan te bieden om het transformatieproces en het daarbij behorende stakeholdermanagement (‘arrangeren’) in goede banen te leiden. Met vernieuwing en blijvende investeringen in onze centra kunnen we meerdere vraagstukken tegelijkertijd oppakken (zoals leegstand, digitalisering, ondermijning, verduurzaming). We roepen de regering op om onze samenwerking te intensiveren en versneld te investeren in sterke binnensteden en kernen.

Wat willen we bereiken?

  • Vernieuwde winkelcentra. Pak leegstand aan, zet in op functieveranderingen zoals wonen. De 100 miljoen van EZK voor de onrendabele top van herstructureringsprojecten is een eerste begin en kan zo’n 20 gemeenten op weg helpen. Breid dit uit!
  • Vitale gebieden. We moeten meer wonen, werken en recreëren in een compacte binnenstad. Investeer in groen en kom met nieuwe vormen van stadsdistributie. Dat heeft niet alleen een lokaal effect, maar draagt bij aan nationale doelstellingen.
  • Meer grip op de vastgoedsector, juist de voor lokale gemeenschappen ongrijpbare grote beleggers. Kijk naar kansen als een Investeringsregeling in panden en breid juridisch planologische instrumenten uit om verschaling van het horeca- en winkelaanbod te voorkomen.
  • Ruimte voor toekomstbestendig ondernemerschap. Ondersteun toekomstgerichte initiatieven zoals MKB-vouchers voor digitalisering of groene terrassen. Zorg dat ondermijning geen kans krijgt.
  • Toekomstbestendig hart van de gemeente. Draag bij aan een toekomstbestendig economisch en cultureel krachtig hart van onze gemeenschappen dat bijdraagt aan brede welvaart, een veilige samenleving en het voorkomen van sociaal-maatschappelijke tegenstellingen. Kwaliteit binnensteden wordt meegenomen in monitor brede welvaart.

Leden van de taskforce

 

 

 

Gemeente

VNG-commissie

Ambtenaar

Voorzitter

Boaz Adank

Breda

EKEM

Simone Vincken

G4

Roos Vermeij

Rotterdam

EKEM

Stijn vd Walle

G40

Pieter Meekels

Sittard-Geleen

 

Denis Crompvoets

M50

Jan Goijaarts

Meierijstad

 

Rob Verpoort

P10

Theo Meskers

Hollands Kroon

 

Eric Caspers

RES

Jeroen Joon

Apeldoorn

 

Maaike Reijlink
Pieter Schavemaker

 

Wobine Buijs

Oss

Europa/Internationaal

Marionne van Dongen

 

René de Heer

Zwolle

Europa/Internationaal

Annet Horstman

 

Monique Esselbrugge

Nijmegen

Financiën

Ilse Nieskens

 

Bram Diepstraten

Velsen

Informatiesamenleving

Thijmen Röfekamp

 

Carine Bloemhoff

Groningen

PSI

Oleg Boneschansker
Wim Ravenshorst

 

Mariska ten Heuw

Hengelo

PSI

Birgit Koers

 

Marinus Biemans

Deurne

RWM

Wendela de Ridder

 

Otwin van Dijk

Oude IJsselstreek

ZJO

Rob Wellink
René Buiting
Caroline Vermaat

Secretaris: Tjeerd Leistra tjeerd.leistra@vng.nl
Programmamanager: Marieke Hebbenaar marieke.hebbenaar@vng.nl

Terugblik vergaderingen VNG-taskforce economisch herstel en transitie