Een programma is een instrument voor beleidsontwikkeling. Met een programma kun je bijvoorbeeld een doel uit de Omgevingsvisie nader invullen.

In een programma bepaal je wat, hoe, wanneer en met welke middelen je een bepaald beleidsdoel wil bereiken. Dit kan een programma voor de hele gemeente zijn of voor een specifiek gebied. Een programma is in principe alleen zelfbindend.

Er zijn verschillende soorten programma’s te onderscheiden.

1. Onverplichte programma’s

Dit zijn programma’s waarmee je als gemeente kunt laten zien welke doelen je belangrijk vind en graag binnen een bepaalde termijn wilt behalen. Ook kun je concreet maken hoe je dat doel precies wil behalen.

Bijvoorbeeld:

  • Doel: voor 50% energieneutraal voor de hele gemeente,
  • Hoe: stimuleren van private ondernemingen zoals zonnepanelen of warmtepompen, een windpark realiseren binnen de gemeente
  • Wanneer: binnen 15 jaar
  • Middelen: subsidieverordening voor zonnepanelen/warmtepompen, bestuursakkoord met provincie en buurgemeente

2. Programma’s met programmatische aanpak

Dit zijn programma’s die verdergaan dan de andere programma’s. Een programma met programmatische aanpak kan namelijk ook derdenwerking hebben. Dit kan bijvoorbeeld met een toetsingskader voor vergunningen of aanvullende voorschriften. Onder de Omgevingswet kan ook het gemeentebestuur een programma met programmatische aanpak instellen bijvoorbeeld voor een gebied waarin nauwkeurig ruimtegebruik nodig is om de fysieke leefomgeving te beschermen en toch nieuwe ontwikkelingen te kunnen toestaan. Voor dit soort programma’s gelden wel zwaardere eisen, zoals een plicht tot monitoring.

3. Verplichte programma’s

Verplichte programma’s met onderscheidenlijk

  • Europese verplichte programma’s;
  • Wettelijk verplichte programma’s; en
  • Programma’s bij (dreigende) overschrijding van omgevingswaarden.

Dit zijn programma’s die een gemeente moet opstellen. Dit zijn dan programma’s met een al vaststaand doel en soms ook een vaststaande periode. Dit kunnen programma’s zijn die verplicht worden gesteld vanuit Europa of die in de Omgevingswet verplicht worden gesteld. Daarnaast kan het zo zijn dat een omgevingswaarde is opgenomen in bijvoorbeeld een provinciale omgevingsverordening of het eigen omgevingsplan. Indien die waarde dreigt te worden overschreden of zelfs al overschreden is, is in beginsel de gemeente verplicht om een programma op te stellen om die overschrijding tegen te gaan.

Bij het opstellen van een programma heeft een gemeente veel beleidsvrijheid. Toch stelt de Omgevingswet wel een aantal eisen aan een programma. De VNG heeft een Spiekbriefje programma opgesteld. Het spiekbriefje geeft antwoord op de volgende vragen:

  • Wat zijn verplichtingen zonder keuzemogelijkheden?
  • Waar heeft u als gemeente een verplichting met een keuzemogelijkheid?
  • Waar heeft u keuzes indien het relevant is in uw gemeente?
  • Waar heeft u geen verplichting, enkel een keuze?

Op basis van de spiekbriefjes zijn voor een aantal belangrijke keuzes de mogelijke gevolgen en effecten uitgewerkt.

Het spiekbriefje geeft geen compleet overzicht van alle eisen en keuzemogelijkheden, maar maken de meest relevante onderwerpen voor het programma inzichtelijk.

Meer informatie

Zie ook

  • Klik bovenaan de pagina op Bekijk de andere artikelen in dit boek voor meer informatie.