Logo Beschermd Thuis

Het woonplaatsbeginsel voor Beschermd Wonen (BW) betekent dat gemeenten verantwoordelijk worden voor beschermd wonen voor hun eigen inwoners (enkele uitzonderingen daargelaten). Dit geldt óók als cliënten naar een andere gemeente verhuizen om beschermd te wonen. Nu is het nog zo dat de gemeente waar iemand zich meldt verantwoordelijk is voor beschermd wonen. Voor cliënten waarvoor geen verantwoordelijke gemeente bepaald kan worden, is de gemeente waar de cliënt zich meldt verantwoordelijk. Om te voorkomen dat deze gemeente hier financieel risico mee loopt, is er een vangnetregeling.

Het woonplaatsbeginsel geldt alleen voor nieuwe cliënten. Voor bestaande cliënten blijft de gemeente die de beschikking heeft afgegeven verantwoordelijk.

Waarom een woonplaatsbeginsel voor BW?

tekening: man met verhuisdoos en bordje 'nieuwe gemeente'

Mensen die niet zelfstandig kunnen wonen, hebben er baat bij om zoveel mogelijk in hun eigen wijk en bij voorkeur ambulant geholpen te worden. Zo kunnen ze blijven deelnemen aan de maatschappij. Dat bevordert hun herstel. Deze visie is geformuleerd in het advies van de commissie Toekomst Beschermd Wonen (beter bekend als de commissie-Dannenberg). De implementatie van deze visie vraagt om passend aanbod voor beschermd wonen in alle gemeenten.

Zeker in de eerste jaren zullen nog niet alle gemeenten passend aanbod hebben voor alle nieuwe cliënten beschermd wonen. Daarnaast is soms een andere gemeente dan de woongemeente de beste plek voor herstel. Er zullen dus altijd cliënten in een andere gemeente beschermd gaan wonen.

Om inzet op preventie en een goede zorginfrastructuur te stimuleren, wordt het woonplaatsbeginsel ingesteld. Daarmee blijft iedere gemeente voor beschermd wonen  verantwoordelijk voor haar eigen inwoners, óók wanneer zij naar een andere gemeente verhuizen omdat daar de beste plek voor herstel is.

Hoe wordt het woonplaatsbeginsel ingevoerd?

De wetsbehandeling is voorzien in 2023. 

Cliënten die beschermd wonen nodig hebben, zijn over het algemeen kwetsbaar. Zorgvuldigheid is dus heel belangrijk. Er zijn en komen verschillende documenten beschikbaar om gemeenten te ondersteunen bij de implementatie van het woonplaatsbeginsel.

Overlegbepaling in de NvO

Wanneer de verantwoordelijke gemeente in het onderzoek naar de beste plek voor herstel concludeert dat die in een andere gemeente is, gaan de twee gemeenten hierover met elkaar in gesprek. Gemeenten kunnen dus niet een cliënt in een andere gemeente plaatsen, zonder hierover te overleggen met deze gemeente. Dat is de overlegbepaling. De uitgangspunten voor en uitwerking van de overlegbepaling zijn in november 2021 vastgesteld door de commissie ZJO als onderdeel van de Norm voor Opdrachtgeverschap BW-MO. De overlegbepaling is ook integraal opgenomen in de handreiking woonplaatsbeginsel BW (zie hieronder).

De handreiking woonplaatsbeginsel BW

De handreiking geeft een praktische invulling aan het wetsvoorstel en slaat daarmee de brug tussen het wetsvoorstel en de werkpraktijk van gemeenten en aanbieders. In de handreiking is ook opgenomen hoe toegangsprofessionals kunnen bepalen welke gemeente verantwoordelijk is voor beschermd wonen. De conceptversie is al gepubliceerd. Wanneer de wetsbehandeling is afgerond (in de loop van 2023), komt de definitieve handreiking beschikbaar.

De routekaart implementatie woonplaatsbeginsel BW

De routekaart geeft aan welke stappen (en door wie en op welk moment) gezet moeten worden. De routekaart is gebaseerd op het actuele beeld in 2021 en wordt in 2022 doorontwikkeld.

Een werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van gemeenten, aanbieders, Valente, de VNG, en VWS hebben bijgedragen aan de totstandkoming van bovenstaande documenten. Daarnaast is er een klankbordgroep die ook in 2022 op bepaalde momenten zal meedenken over de implementatie van het woonplaatsbeginsel. Wilt u deelnemen aan de klankbordgroep? Stuur dan een mail naar ketenbureau@i-sociaaldomein.nl, met in de onderwerpregel ‘aanmelding vervolg klankbordgroep woonplaatsbeginsel BW’.

Implementatieplan en aanpak

 

 

Het Ketenbureau i-Sociaal Domein verzorgt de project(bege)leiding van het implementatietraject. De medewerking van partijen die het werkveld goed kennen, is essentieel. Hun bijdrage bepaalt mede het succes van het implementatietraject. Daarom bestaat de projectorganisatie uit een projectteam, waarin het rijk, de VNG en branches van aanbieders en cliënten vertegenwoordigd zijn.

Organogram van de projectorganisatie

Dit team wordt aangevuld met een projectleider, communicatieadviseur en projectsecretaris vanuit het Ketenbureau i-Sociaal Domein. Gezamenlijk zijn zij verantwoordelijk voor de ondersteuning bij de invoering van het wetsvoorstel. Daarnaast is er een brede klankbordgroep met mensen uit de praktijk (gemeenten, zorgaanbieders en cliëntvertegenwoordigers). Deze klankbordgroep denkt mee over belangrijke onderwerpen en toetst het ontwikkelde ondersteuningsmateriaal in de praktijk. Vanuit het Ketenbureau i-Sociaal Domein zal Truus Vernhout als projectleider de implementatie begeleiden en coördineren. Heeft u vragen? Mail haar dan via Truus.Vernhout@i-sociaal-domein.NL

 

 

 

 

    Nieuwsbrief Beschermd Thuis

    Met deze maandelijkse nieuwsbrief blijft u op de hoogte van alle ontwikkelingen rond Beschermd Thuis!