Veelgestelde vragen Doventolkregeling | LCSD

1. Vallen alle dove mensen, die op zoek naar werk, onder de Participatiewet? Of geldt dat alleen als mensen niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen?

A: Personen die nu onder wet WIA of Wajong vallen, blijven onder deze wetten vallen. Doven die niet onder deze wetgeving vallen en op zoek gaan naar werk of werk hebben gevonden kunnen een beroep doen op de gemeenten. Hierbij is de vraag of zij het minimumloon kunnen verdienen niet van belang. De gemeente is verantwoordelijk voor deze tolkvoorziening. Dit kan als volgt worden weergegeven, uitgaande van de situatie op het moment van de aanvraag.

  • Arbeid in loondienst, evt. in combinatie met uitkering van elk soort                   UWV
  • Uitkering van UWV, evt. in combinatie met uitkering van elk soort                    UWV
  • Geen arbeid in loondienst en ook geen uitkering                                              Gemeente
  • Geen arbeid in loondienst en alleen uitkering van niet-UWV (bv. WWB, WAZO) Gemeente
  • Startende zelfstandige vanuit loondienst                                                         UWV
  • Startende zelfstandige vanuit UWV-uitkering                                                   UWV
  • Startende zelfstandige vanuit niet-UWV-uitkering of geen uitkering                   Gemeente
  • Werknemers in WSW                                                                                   Gemeente

Alle personen die op 31 december 2014 een vergoeding van UWV hadden blijven deze houden zolang zij op de voorziening zijn aangewezen. Ook personen uit de Wajong-populatie van UWV houden recht op de voorzieningen van UWV. Werknemers in WSW blijven onder de werking van WSW en niet van de Participatiewet.

2. In de regeling staat dat onder de Participatiewet ook niet-uitkeringsgerechtigden vallen, maar dat is nogal een ruim begrip. Immers iemand die zelfstandig het minimumloon kan verdienen en op zoek gaat naar werk is ook niet-uitkeringsgerechtigd?

A,: Antwoord: Dit is inderdaad een ruime definitie. Het gaat om mensen die geen uitkering krijgen. Je kunt hierbij denken aan de vrouw van de tandarts, maar ook aan de zwaargehandicapte jongere die thuiswoont.

3. Klopt dat deze voorziening in de Participatiewet alleen voor ‘nieuwe’ gevallen geldt? Dus iedereen die nu met bijvoorbeeld een loonkosten-subsidieregeling werkt (korter of langer dan 2 jaar) valt gewoon onder de WIA-uren?

A: Zie het antwoord op vraag 1

4. Hoe weten klanten of zij onder de Participatiewet vallen of niet? En hoe kunnen tolken dit weten? Moet/kan een tolk daar bewijsmateriaal voor vragen?

A: Alleen als een dove geen werkervaring heeft opgedaan én nu niet werkt én een belemmering heeft als gevolg van ziekte of handicap én naar verwachting duurzaam niet kan werken komt hij/zij mogelijk in aanmerking voor een Wajong 2015-uitkering.  Doven die nu onder de Wajong of Wia vallen, blijven onder deze wetgeving vallen. Overige doven vallen voor wat betreft de voorzieningen onder de Participatiewet, maar gaan naar het UWV, als zij tenminste twee jaar in staat zijn gebleken om het WML te verdienen. De tolk krijgt het bewijsmateriaal bij de aanvraag van de dove voor tolkondersteuning. Op het aanvraagformulier is zichtbaar dat het om om een aanvraag in het kader van de landelijke doventolkregeling Participatiewet gaat.

5. Moeten alle dove mensen die op zoek gaan naar werk zich eerst melden bij de gemeente? Of kunnen dove mensen ook zelfstandig solliciteren, dan een baan krijgen en een tolkvoorziening krijgen? En hoe gaat dat met de tolkvoorziening? Waar valt deze dan onder?

A: Nee, doven hoeven zich niet eerst te melden bij een gemeente. Zij kunnen zelfstandig solliciteren en na verkrijgen van een baan een beroep doen op een voorziening bij de gemeente. Ook kunnen zij een voorziening aanvragen ter ondersteuning van het solliciteren. Als doofheid intreedt na het vinden van een baan, kan de werknemer gebruik maken van de UWV-regeling. De tolkvoorziening valt onder verantwoordelijkheid van de gemeente.

6. Welk loket van welke gemeente moet de dove klant dan een aanvraag doen? Is dat het WMO-loket?

A: De aanvraag voor een voorzieningen in het leefdomein kan net als in 2014 worden gedaan bij het UWV kantoor van Menzis in Groningen. Voor een aanvraag van een doventolkvoorziening in het kader van de Participatiewet moet de dove naar het werk en inkomen loket bij de eigen gemeente.

7. Welk declaratieformulier gebruikt de tolk en waar is dat te vinden?

A: Het UWV ontwikkelt voor de tolk een specifiek declaratieformulier voor de landelijke tolkregeling. Dit formulier staat op samenvoordeklant.nl en uwv.nl/gemeenten (UWV zakelijk).

8. Wanneer is de uitvoering m.b.t. de Participatiewet helder? Op de site van VNG staat daarover nog niets.

A: De regeling is gepubliceerd. De uitvoering wordt zo spoedig mogelijk gepubliceerd.

9. Wat geldt voor een tolkvergoeding in het buitenland?

a) bij een “leefuren” tripje 
b) bij een zakelijk buitenlands verblijf
c) bij een schoolreisje (ook voor binnenland met een gemengd karakter)

Antwoord:

Ad a en b: Voor opdrachten in het buitenland geldt hetzelfde vergoedingenregime als in Nederland. (zie artikel 3.7)
Ad. c De vorige werkwijze voor schoolreisjes, waarbij de helft uit de onderwijsuren (door het UWV) en de andere helft uit de leefuren wordt gefinancierd, blijft gehandhaafd.

10. Wat geldt voor asielzoekers (nog zonder BSN)?

A: De doventolkregeling in de WMO is ook van toepassing op asielzoekers. In het contract staat dat de tolk voor aanvang van de dienstverlening de identiteit van de cliënt vaststelt aan de hand van een geldig legitimatiebewijs. Dat kan zijn: een paspoort, een Nederlands identiteitskaart, een nationaal rijbewijs of een Nederlands vreemdelingendocument, afgegeven door de Immigratie- en Naturalisatie. Asielzoekers vallen buiten de tolkregeling voor het werkdomein.

11. Mag je onder de Participatiewet ook gebruik maken van tolken op afstand?

A: Het is toegestaan om tolk op afstand te gebruiken. Daar waar bij het leefdomein een ruilvoet van 1:3 geldt; geldt deze voor de Participatiewet niet, omdat voor het leefdomein al veel meer uur beschikbaar is.

12. Mag je onder de WMO meer dan 15 uur een tolk op afstand inzetten, als je het meerdere zonder de factor 1:3 in de voorziening meetelt?

A: Een cliënt mag meer dan 15 uur tolk op afstand inzetten, als de maximale ruilvoet van 15 uur tolk op afstand in plaats van 5 uur fysieke tolk is bereikt. Onder de regeling voor leefdomein mag er theoretisch gezien (30 - 5 = 25 + 15) 40 uur tolk op afstand ingezet worden.

13. Voor wie en op basis waarvan wordt het recht op toegang tot de eerste voorziening voor een klant beoordeeld?

1. Voor leefuren door de gemeente of Menzis? 
2. Voor werkuren door de gemeente of UWV?
3. Is hiervan een handboek of protocol beschikbaar?

Antwoord: :

1. Voor leefuren door Menzis; 
2. Voor werkuren door het UWV op basis van verzoek dat klant met goedkeuring van gemeente bij het UWV indient. 
3. Voor de uitvoering van de dovenregeling werkdomein is een werkproces uitgeschreven en is een aanvraagformulier ontwikkeld. Deze worden nog gepubliceerd.

14. Blijven de uitvoerders samenwerken bij tolksituaties die onder meer dan één voorziening vallen?

A: Tolksituaties die onder meer dan een voorziening vallen zijn bijvoorbeeld schoolreisjes. Ook in 2015 zullen schoolreisjes voor 50% uit het leefdomein en 50% uit het onderwijsdomein betaald worden.

15. Hoe wordt onderscheid gemaakt tussen UWV Groningen als centraal kantoor voor de nieuwe aanmeldingen en het bestaande kantoor Groningen? Bijvoorbeeld i.v.m. declaratie?

A: UWV Groningen heeft een eigen emailadres: VoorzieningenGroningen@uwv.nl waar gemeenten de aanvraagformulieren en tolken de declaratieformulieren, voorzien van handtekening, naar toe kunnen sturen.

16. Is een lijst beschikbaar met GGZ-instellingen als bedoeld in artikel 1.6?

A: Het gaat in ieder geval om Propersona, GGMD en Lentis. Daarnaast zou het mogelijk kunnen zijn dat ook andere instellingen aan de voorwaarden voldoen. Beoordeling hiervan gebeurt door Menzis.

17. Bij  te late (gedeeltelijke) annulering worden de uren voor 100 % in mindering gebracht op het recht en voor 50 % vergoed aan de tolk. De ervaring leert, dat een te late annulering vaak niet door de cliënt zelf te beïnvloeden is. Dit kan leiden tot onbillijkheden voor de cliënt. Hoe wordt daar mee omgegaan? 

A: De geannuleerde opdracht wordt alleen in mindering gebracht op het tegoed van de aanvrager als sprake is van aantoonbare verwijtbaarheid van de aanvrager. Hierbij wordt ook recidive-gedrag in ogenschouw genomen.

18. De tolken vragen zich af waarom de cliënt zich voor aanvang van de dienstverlening door een tolk moet identificeren?

A: In de het contract met tolken artikel 3 lid 5 staat het volgende: ‘De tolk stelt voor aanvang van de dienstverlening de identiteit van de cliënt vast, aan de hand van een geldig legitimatiebewijs, te weten: een paspoort, een Nederlands identiteitskaart, een nationaal rijbewijs of een Nederlands vreemdelingendocument, afgegeven door de Immigratie- en Naturalisatie. De zorgaanbieder legt de aard en het nummer van het document vast. De reden dat de identiteit vastgesteld moet worden gesteld, is het tegengaan van fraude.

19. In de regeling is geen maximum gesteld aan het maximaal aantal uren per dag dat een tolk mag declareren, terwijl in de bijlage van het contract van Menzis met tolken is opgenomen dat tolken maximaal 8 uur / 12 uur per dag kunnen declareren?

VTolken die bijvoorbeeld met een cliënt meegaan op vakantie, zouden hiervoor per dag meer dan 8 uur (voor doven) of meer dan 12 uur (voor doof blinden) kunnen declareren. Menzis heeft als uitvoerder het contract niet opgesteld conform de regeling en moet het probleem dat hierdoor mogelijk kan ontstaan oplossen door bijvoorbeeld de contracten aan te passen of door de extra zorgkosten die hierdoor mogelijk gaan ontstaan te betalen.

20. De tolken vragen zich af waarom hun gegevens doorgegeven worden aan Tolknet als ze voor hun dienstverlening nooit gebruikmaken van de bemiddelingsfunctie van Tolknet? 

A: In de het contract met tolken artikel 5 lid 5 staat het volgende: ‘De tolk stemt in met verstrekking van zijn gegevens aan Tolknet in verband met de bemiddelingsfunctie van Tolknet.’ De reden hiervoor is dat Tolknet een overzicht heeft van de tolken die een contract hebben met Menzis. De Stichting Register Tolken Gebarentaal en Schrijftolken registreert in Nederland gekwalificeerde tolken gebarentaal en schrijftolken in een openbaar register. Maar dat is niet toereikend voor de bemiddeling door Tolknet, omdat de gekwalificeerde tolken niet per definitie een contract hebben met Menzis.

Meer informatie