Nu de lockdown verder wordt versoepeld, komt steeds meer doelgroepenvervoer weer op gang. Het is echter nog niet zo ver dat volledig kan worden gestopt met de continuïteitsbijdrage voor het doelgroepenvervoer. Dat heeft de minister van VWS op 24 juni in een brief aan de Kamer geschreven.
Op woensdag 29 april debatteert de Tweede Kamer met ministers Van Engelshoven en Slob over onderwijs en corona. Voor het debat geeft de VNG 3 zaken mee die voor ons van belang zijn voor de toekomst.
De komende maanden wordt er gewerkt aan een nieuwe model Verordening leerlingenvervoer. U kunt hieraan meewerken door een vragenlijst in te vullen.
Hoe zit het met het gebruik van het burgerservicenummer (BSN) van de leerling bij de aanvraag om een tegemoetkoming in de kosten van leerlingenvervoer? En mag het BSN in de beschikking worden gebruikt?
De bedragen leerlingenvervoer voor 2019-2020 zijn bekend. Het gaat om de bedragen die zijn genoemd in de Modelverordening leerlingenvervoer, te weten de inkomensgrens en de draagkrachtafhankelijke bijdrage.
Binnen dit vervoersnetwerk gaan de verschillende vervoersbedrijven de komende jaren steeds intensiever samenwerken
De monitor Leerlingenvervoer in Nederland, vervolgmeting 2017 is beschikbaar. De rapportage geeft inzicht in het aantal leerlingen dat gebruik maakt van de regeling leerlingenvervoer én de bijbehorende kosten. Het is de derde en laatste meting, na die van 2015 en 2013.
Onder het nieuwe vervoersnetwerk valt het wmo-vervoer, leerlingenvervoer, participatiewetvervoer, de hubtaxi, de buurtbus en het lokaal vervoer in de 35 gemeenten in de provincies. Een goede afstemming tussen deze vervoersvormen en het reguliere openbaar vervoer staat centraal.
Een koplopergroep in het doelgroepenvervoer gaat zich inzetten om de uitstoot van CO2 terug te brengen tot nul. Het ministerie van I en W wil met gemeenten (opdrachtgevers) hierover een bestuursakkoord sluiten. De VNG zoekt gemeenten die mee willen denken.
De bedragen leerlingenvervoer voor 2018-2019 zijn bekend. Het gaat om de bedragen die zijn genoemd in de Modelverordening leerlingenvervoer, te weten de inkomensgrens en de draagkrachtafhankelijke bijdrage.