Vrijgevestigden: Spreken met elkaar leidt tot vertrouwen in elkaar

Joanne Meyers is orthopedagoog en gezondheidszorgpsycholoog en behandelt kinderen en jongeren met ggz-problematiek. Zij heeft een eigen praktijk in een gezondheidscentrum in Katwijk. Ook is zij voorzitter van de regionale vereniging ZP-Jeugd, een vereniging van vrijgevestigde jeugd-ggz behandelaren werkzaam in de generalistische basis ggz en gespecialiseerde ggz.

Elske Hörchner is accountmanager bij de TWO* Jeugdhulp Holland Rijnland in Leiden. TWO organiseert de zorginkoop van onder andere de ggz voor de 11 tot 13 gemeenten die vallen onder het samenwerkingsverband Holland Rijnland. Elske is specifiek verantwoordelijk voor de vrijgevestigde jeugd-ggz aanbieders. De afkorting TWO staat voor: Tijdelijke Werk Organisatie.

Regionale vereniging vrijgevestigde jeugd ggz BIG-behandelaren

Elske: ‘Vanaf januari 2016 ben ik gestart als accountmanager bij TWO Jeugdhulp. Eén van mijn eerste gesprekken voerde ik met Joanne Meyers en twee van haar collega’s. Zij maakten me snel wegwijs in hetgeen speelde bij vrijgevestigden’.

Joanne: ‘In 2014 is de vereniging Zelfstandige Praktijkhouders Jeugd-GGZ formeel opgericht. Vanaf die tijd betrok Holland Rijnland ons bij de transitie. Dat ervaarden wij als constructief. Inmiddels zijn ruim 50 vrijgevestigde ggz-psychologen, orthopedagogen generalist, Kinder- en Jeugdpsychologen NIP, psychotherapeuten, klinisch psychologen en kinder- en jeugdpsychiaters bij ZP Jeugd aangesloten.’

Elske: ‘Het is voor mij heel praktisch om één aanspreekpunt te hebben waarbij ik weet dat degene die spreekt gedragen wordt door de leden.’

Joanne: ‘De gesprekken met TWO Jeugdhulp voeren wij altijd met twee leden van het bestuur.’

Stimulans deelname gecontracteerde zorgaanbieders aan ZP Jeugd

Elske: ‘We spreken elkaar minstens vier keer per jaar over de contractering en andere zaken die er spelen. ZP Jeugd neemt ook actief deel aan de ontwikkeltafel waar visie en beleid vooral centraal staan, bijvoorbeeld als het gaat over de opbouw van het tarief.’

We kunnen steeds aangeven wat de consequenties voor de vrijgevestigden zijn.

 

 

 

Joanne: ‘Inderdaad, en we spreken elkaar ook over declaraties, omzetplafonds en andere onderwerpen waar we in de uitwerking van het contract tegenaan lopen. Ook het concept-contract kunnen we van commentaar voorzien. Dat is fijn, we kunnen in ieder geval steeds aangeven wat de consequenties voor de vrijgevestigden zijn.’

Elske: ‘Het lidmaatschap van ZP Jeugd stellen wij niet als voorwaarde voor een contract, maar ik stimuleer het wel. In elk gesprek dat ik met een vrijgevestigde zorgaanbieder heb, vraag ik of degene lid is. Ik wijs ze op het bestaan van de site van ZP Jeugd en ik geef aan dat ik een voorkeur heb aan gecontracteerde vrijgevestigden die onderdeel uit maken van een structuur zoals ZP Jeugd dat biedt. Zo vind ik het overleg dat de leden van ZP Jeugd met elkaar voeren, kwaliteitsverhogend. Ook helpen zij elkaar onderling als het gaat om wachtlijsten of een hulpvraag waar elders meer expertise van is.’

Exit- en kennismakingsgesprek

Elske: ‘Ik voer met zorgaanbieders, die besluiten geen contract meer met ons aan te gaan, een exitgesprek als men dat op prijs stelt. De afgelopen periode heb ik een paar van deze gesprekken gevoerd, waarvan ik één zorgaanbieder toch heb kunnen overtuigen om actief te blijven in plaats van te stoppen met de praktijkvoering binnen Holland Rijnland. Daarnaast streef ik ernaar de praktijken van alle gecontracteerde aanbieders te bezoeken. Inmiddels heb ik dan ook al heel wat vrijgevestigden ontmoet.’

Joanne: ‘Wij ervaren het contact met TWO Jeugdhulp, met jou, als constructief. We zijn het niet altijd met elkaar eens, maar we kunnen alles wel met elkaar bespreken.’

Elske: ‘Inderdaad, we komen er niet altijd uit. We praten immers beiden vanuit een eigen perspectief.’

Toen bleek dat vrijgevestigden veel vragen hadden over het berichtenverkeer, organiseerden jullie een bijeenkomst. Dat soort initiatief waarderen wij.’

Joanne: ‘Toen vorig jaar bleek dat vrijgevestigden veel vragen hadden over het berichtenverkeer, organiseerden jullie binnen een maand een bijeenkomst die goed werd bezocht. Dat soort initiatief waarderen wij.’

Elske: ‘Wellicht dat we binnenkort weer een bijeenkomst organiseren. Ik kan me voorstellen dat de nieuwe bekostigingsvariant en de aanpassingen in het berichtenverkeer (inspanningsgericht) tot vragen leidt. Wel hebben we onze telefonische helpdesk al geïnstrueerd over de nieuwe bekostigingsvariant. Zij worden gebeld door alle gecontracteerde aanbieders, instellingen en vrijgevestigden om te inventariseren als er vragen zijn die zij vervolgens proberen op te lossen. Daarnaast is er ook een deskundige in het helpdesk team die alles af weet van de negometrix. Vrijgevestigden die daarover vragen hebben, kunnen zich wenden tot onze helpdesk.’

Samenwerking ZP Jeugd en Curium

Joanne: ‘Eén van onze ZP Jeugd-leden nam het initiatief om met ggz-instelling Curium het gesprek aan te gaan over samenwerking tussen Curium, ZP Jeugd en de regionale vereniging van vrijgevestigden in de regio Den Haag (ZZP Jeugd GGZ Haaglanden). Dit resulteerde in een mooi samenwerkingsconvenant om de ambulante en klinische jeugd-GGZ verder te ontwikkelen. Doel is om hiermee sneller te kunnen handelen en gezinnen tijdig te helpen. Curium gaf al eerder aan dat zij graag met vrijgevestigden wilden samenwerken, maar zij hadden weinig zicht op het aanbod en expertise van vrijgevestigden. Dat was ook aanleiding voor ons om de website van ZP Jeugd uit te breiden met een zoekfunctie op expertise.’

 

Curium is goed in het bieden van specialistische hulp. Als deze zorg afgeschaald wordt, kan de behandeling bijvoorbeeld heel goed via een vrijgevestigde lopen.

Elske: ‘Dergelijke initiatieven waarderen wij erg. Het is mooi wanneer aanbieders elkaar vinden om de beste hulp voor jeugdigen te realiseren. Dat zie ik als verbetering van de hulpverlening en als belangrijk doel van de transitie. Curium is goed in het bieden van specialistische hulp aan kinderen. Zodra deze zorg afgeschaald kan worden, kan de behandeling bijvoorbeeld heel goed via een vrijgevestigde worden georganiseerd’.

Zorgen van ZP Jeugd over periode na maart 2018

Joanne: ‘Het contract dat in 2017 werd afgesloten gold voor drie jaar, vanaf 1 januari 2018 geldt dit nog voor een termijn van twee jaar. Het contract is deels gebaseerd op een Herenakkoord: een aantal voorwaarden zijn zo beschreven dat die tijdens de contractperiode kunnen worden gewijzigd. Dat baart mij enige zorgen. Volgend jaar zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Dat leidt wellicht tot een andere bezetting en een andere visie, waardoor contractvoorwaarden kunnen worden veranderd. Deze zorgen hebben wij als ZP Jeugd geuit via een tweetal brieven aan TWO Jeugdhulp en Holland Rijnland.’

Elske: ‘Ik snap jullie zorgen. Er kunnen inderdaad andere wethouders komen die andere opdrachten geven. Dat kan effect hebben op het contract, omdat dat het dan nog ongeveer 1,5 jaar loopt. Het meest voor de hand liggende scenario is dat het contract gehandhaafd blijft, want dat zijn nu eenmaal de afspraken die we met elkaar zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018. En de kern van bestuurlijk aanbesteden is dat er over wijzigingen overeenstemming komt.’

Joanne: Het is prettig dat jullie de afspraken in het contract in jullie reactie op ons schrijven hebben toegelicht, dit geeft een duidelijker invulling van deze afspraken.’

Vrijgevestigde aanbieder zit in regionaal expertteam

Joanne: ‘ZP Jeugd is in 2015 al benaderd om een afvaardiging te leveren voor het regionale expertteam. Het expertteam heeft als doel advisering aan de TWO over het al of niet goedkeuren van aanvragen voor niet-gecontracteerde (meestal buiten regionale) zorg. Het expertteam bestaat uit inhoudelijk deskundigen uit organisaties die jeugdhulp aanbieden binnen de regio Holland Rijnland. In het expertteam is kennis van de generalistische en gespecialiseerde jeugdhulp geborgd en ook het onderwijs is betrokken.

Binnen het regionale expertteam is steeds meer beeld van de zorg die door anderen geleverd wordt.

Ik neem vanaf 2015 deel aan de overleggen van dit expertteam. Vrijgevestigden kunnen een nuttige bijdrage leveren, bijvoorbeeld als het gaat om meedenken welke zorg in de regio aanwezig is. Binnen het expertteam is steeds meer beeld van de zorg die door anderen geleverd wordt en er komt ook een steeds beter beeld aan welke zorg behoefte is binnen de regio, maar die er niet is.’

Elske: ‘Het is inderdaad fijn dat ook vrijgevestigden onderdeel uitmaken van het regionale expertteam. Zo kunnen zij ook toelichten welke zorg binnen de vrijgevestigde GBGGZ en GGGZ wordt geboden en of een hulpvraag passend is binnen deze zorg.’

Suggesties aan andere regio’s

Elske: ‘Aan andere gemeenten zou ik het belang willen meegeven van regionaal georganiseerde vrijgevestigde ggz-aanbieders. Dat maakt de samenwerking zoveel slagvaardiger. Ga na of er een dergelijke vereniging is, zo niet, stimuleer dat.’

Joanne: ‘In de regio Katwijk zijn mooie voorbeelden van samenwerking tussen verschillende ketenpartners. Bijvoorbeeld de app ‘Rots en watertraining’ die wij hebben gerealiseerd. Daar werken maatschappelijk werkers, jeugdteams en vrijgevestigden mee. Ook wordt nu gewerkt aan een studiemiddag over een specifiek onderwerp waarbij ketenbreed partijen uitgenodigd worden. Huisartsen, personen van Rivierduinen, Curium, het jeugd en gezinsteam en vrijgevestigden leveren een bijdrage aan deze middag.

Als vereniging hebben wij een visiestuk geschreven. Daarin benoemen wij onze positie in het hulpverleningslandschap. Ook hebben we hierin in brede zin ons aanbod verwoord. Onze visie op vrijgevestigde JGGZ aanbieders in de jeugdhulpverlening dragen wij uit in de gesprekken met TWO Jeugdhulp, ketenpartners en gemeenteraadsleden. Daarnaast draagt het visiestuk voor ons bij aan bewustwording wat wij doen, kunnen en willen. Wij ervaren als ZP-Jeugd meerwaarde in de vereniging. Doordat wij gezamenlijk onze stem laten horen hebben we bereikt dat we aan tafel zitten en mee kunnen praten. Natuurlijk is er nog heel veel te doen en hebben wij over een aantal onderwerpen onze zorgen. Maar om verder te komen moeten mensen elkaars werk leren kennen en begrijpen en dat lukt alleen door te blijven praten. Ik adviseer andere regio’s om je én regionaal te organiseren én te beschrijven wat je rol is binnen het zorglandschap.’

Wij ervaren als ZP-Jeugd meerwaarde in de vereniging. Doordat wij gezamenlijk onze stem laten horen hebben we bereikt dat we aan tafel zitten en mee kunnen praten.

Elske: ‘Mooi initiatief hoor zo’n studiemiddag! Ik wil graag tot slot nog zeggen dat de gesprekken die je met elkaar voert, leiden tot vertrouwen in elkaar. Dat komt de samenwerking ten goede.’
 

Uitvoeringsvariant inspanningsgericht

  • Vnaf 2018 stelt Holland Rijnland voor de GGZ-sector producten vast op basis van een inspanningsgerichte bekostigingssystematiek. Er wordt gewerkt met een tarief per functieniveau (MBO, HBO, WO, WO+, Medisch specialist). De zorgaanbieder factureert maandelijks de personele inzet bij de cliënt op de verschillende functieniveaus. De zorgaanbieder bepaalt zelf welke personele mix wordt gebruikt om te komen tot het juiste aanbod per cliënt.
  • Cliëntcontacttijd en indirecte cliëntgebonden tijd mogen beide gefactureerd worden. De keuze om ook indirect cliëntgebonden tijd te kunnen schrijven is niet conform de standaardartikelen uitvoeringsvarianten inspanningsgericht. Wij stellen voor om hier af te wijken om te voorkomen dat er weer diverse tarieven ontstaan, omdat bijv. de indirecte cliëntgebonden tijd bij diagnose vele malen groter is dan die bij bijv. langlopende begeleiding.

Budgetplafond

  • Met elke jeugdhulpaanbieder wordt contractueel een maximale bestedingsruimte afgesproken. Deze aanbieders willen we medeverantwoordelijk maken om de bezuiniging op jeugdhulp binnen de regio te realiseren. Vandaar dat zij per kalenderjaar een individueel financieel kader ontvangen waarbinnen zij de jeugdhulp moeten realiseren voor hun doelgroep.
  • Voor aanbieders van ambulante jeugdhulp met een omzet lager dan €100.000 in de regio, wordt de maximale bestedingsruimte voor ambulante hulp vastgesteld op €100.000,-. Gedurende het jaar wordt door de TWO Jeugdhulp vanuit de administratie bijgehouden hoe het budget voor deze aanbieders ontwikkelt.