Hoe kunnen gemeenten omgaan met de groep 'anoniem in zorg' ?

Volledige vraag: Bij de voorbereidende werkzaamheden voor het Cliëntervaringsonderzoek Jeugd en Ouders lopen we aan tegen het volgende: Er zijn twee doelgroepen die niet mogen worden aangeschreven: jongeren die anoniem in zorg zijn en jongeren waarvan de ouders niet weten dat ze in zorg zijn. Er zijn cliënten die via de huisarts of medisch specialist jeugdhulp ontvangen van vele organisaties (en waarvan de gemeente niet weet of deze clienten anoniem in zorg zijn). Gemeenten hebben daar geen gegevens van. Dus we hebben de aantallen die in zorg zijn maar we weten niet wie daarvan anoniem in zorg zitten. Hoe moeten we daar mee om gaan?

Antwoord
Om het cliëntervaringsonderzoek goed en veilig uit te voeren is het belangrijk om informatie te hebben over welke cliënten wel/ niet mee willen of kunnen doen. Het is daarom zaak om hier afspraken over te maken met de zorgaanbieder omdat zij het directe contact met cliënten hebben, en inzicht hebben in de situatie van cliënten. Zij kunnen gemeenten deze informatie aanleveren. Voor dit jaar is het in de meeste gevallen helaas niet mogelijk om dergelijke afspraken al te maken vanwege het korte tijdsbestek, maar in de toekomst zouden  afspraken over het aanleveren van de benodigde informatie verwerkt kunnen worden in de inkoopcontracten.

Volledig kunnen we niet zijn, omdat dit voor alle gemeenten, en voor de jeugdaanbieders, een nieuwe situatie is met de komst van de nieuwe jeugdwet.

De VNG heeft ook geen separaat standpunt over 'anoniem in zorg en het cliëntervaringsonderzoek'. Wel heeft de VNG subcommissie jeugd de vragenlijst, die opgesteld is in samenspraak met gemeenten en cliëntorganisaties, omarmd als een goed model om mee aan de gang te gaan. Juristen hebben het privacyprotocol behorende bij de vragenlijst opgesteld.

De kern van het cliëntervaringsonderzoek is dat we graag zoveel mogelijk jongeren en ouders aan het woord willen laten over wat ze van de geboden hulp vinden. Hier hebben zij recht op en die kans willen wij ze bieden. Voor de gemeente is het goed te weten hoe die hulp is bevallen om zo verbetering daarom aan te kunnen brengen. Dus als deel van het kwaliteitsbeleid van de gemeente.

Tegelijkertijd staat de veiligheid van burgers voorop, en is het absoluut niet de bedoeling om kinderen en jongeren in gevaar te brengen door het opsturen van een vragenlijst. Het blijft zaak om hierover in gesprek te blijven met de zorgaanbieders en samen te zoeken naar mogelijke oplossingen en hopelijk lukt het dan om er samen uit te komen. Wij vinden het bij voorbaat uitsluiten van groepen jongeren niet wenselijk en we benutten graag met gemeenten de pilot 'clientervaring jeugd' om dit soort vragen maar ook de oplossingen, samen te bedenken en te toetsen. Zie hiervoor: https://vng.nl/onderwerpenindex/jeugd/jeugdhulp/nieuws/modelvragenlijst-clientervaring-jeugdhulp-is-beschikbaar

Het is van belang om in deze nieuwe situatie naar een systeem toe te werken waarin de juist informatie voorhanden is bij de gemeenten voor een volgend jaar cliëntervaringsonderzoek. De eerste afname van het cliëntervaringsonderzoek dit jaar en de pilots hieromtrent die nu starten zullen veel informatie en ervaringen opleveren waarmee gemeenten in de toekomst hun voordeel kunnen doen. De VNG volgt deze ontwikkelingen op de voet en zal de gemeenten hiervan vanzelfsprekend op de hoogte houden.

NB het antwoord is voorlopig omdat we, zoals hierboven toegelicht, in pilots zoeken naar een manier om ook deze jongeren aan het woord te laten.

Let op: Update oktober 2017

Het project MCJO is afgerond, resulterend in aanbevelingen voor het in kaart brengen van cliëntervaringen. Anderhalf jaar deden tien pilotgemeenten/regio’s ervaring op met het uitzetten van de vragenlijst, en de praktische en juridische zaken die daarbij komen kijken. Het project Modelvragenlijst Cliëntervaring Jeugd en Ouders doet op basis hiervan een aantal aanbevelingen voor het in kaart brengen van cliëntervaringen in de jeugdhulp.