Workshop 12 - Flexibele opvang en woonvormen

Meedeinen met de vluchtelingenstroom

Door de wisselende instroom van vluchtelingen klinkt er een luide roep voor meer flexibiliteit in zowel de asielopvang als de huisvesting. Gespreksleiders Ed Scherps (Platform Opnieuw Thuis) en Michelle van Dijk (ministerie BZK) blikken terug op de workshop ‘Flexibele opvang en woonvormen’ in Bussum en Eindhoven.

Ed Scherps: ‘Daniette de Groot van het ministerie van VenJ vertelde in haar presentatie dat de hogere asielinstroom in 2015 gemeenten dwong om snel “op te schalen” om vervolgens anderhalf jaar later weer locaties te sluiten omdat er veel minder asielzoekers kwamen dan waarop was gerekend. En dus is het zaak om een flexibel asielproces te creëren, dat meer mee kan ademen met de veranderingen in de instroom. Het is nu een erg ingekaderd  proces dat veel elkaar opvolgende processtappen kent van meerdere partijen die met elkaar samenwerken.’

‘Door fluctuaties in de instroom moeten partijen en processen omgeschakeld worden en dat kost (te veel) tijd. Naast een flexibel asielproces is er behoefte aan een flexibele schil van opvanglocaties waarin eenvoudig kan worden op- en afgeschaald. Tot slot  is het belangrijk dat de betrokken partijen proberen de samenwerking nog meer te verstevigen en intensiveren. Dat kan bijvoorbeeld met de landelijke en regionale regietafels en het laten voort duren van de netwerksamenwerking die vanuit het Platform Opnieuw Thuis en het OTAV vorm heeft gekregen. Omdat het aantal vluchtelingen fluctueert, moeten we het antwoord zoeken in een systeem dat flexibel meedeint met de brandbreedte van de vluchtelingenstoom.’

Spoedzoekers

‘De presentaties van adviesbureau AEF (Jane Fain) en het ministerie van BZK (Frenk Wiersma) gingen over hoe vergunninghouders maar ook andere (urgente) woningzoekenden (spoedzoekers) sneller kunnen doorstromen naar een woning en hoe de woningmarkt daar nu nog onvoldoende op is ingericht. Gemeenten en corporaties hebben te maken spoedzoekers, die binnen drie maanden een woning nodig hebben omdat onderzoek uitwijst dat zo’n 30% van deze groep anders verwacht in een onhoudbare situatie te komen. Deze spoedzoekers  kunnen of willen weinig voor woonruimte betalen en zijn bereid om tijdelijk concessies te doen op het gebied van woongenot, zoals kwaliteit, privacy of ruimte.’

‘De boodschap aan gemeenten en corporaties was: realiseer je dat ook de vraag naar tijdelijkheid en  flexibiliteit een permanent karakter heeft (de vraag naar tijdelijkheid is blijvend) en dat het nodig is om toe te werken naar een flexsegment binnen je woningvoorraad. Een van de aanwezige corporaties is daar al mee bezig, maar het gebeurt nog mondjesmaat; er is veel meer volume nodig. Zo’n  vijf tot tien procent van de woonvoorraad zou uit het flexsegment moeten bestaan, waar niet alleen vergunninghouders, maar ook andere groepen onder vallen, zoals studenten, gescheiden ouders of jongeren op zoek naar een baan.’

Michelle van Dijk: ‘De deelnemers kwamen tijdens de workshop met mooie praktijkvoorbeelden van flexibele oplossingen voor de huisvesting van vergunninghouders, in combinatie met andere doelgroepen. Er was bijvoorbeeld een leegstandsbeheerder aanwezig die vertelde over een locatie in Bloemendaal. In eerste instantie werden er alleen maar statushouders in een pand gehuisvest. Toen de instroom van vergunninghouders flink daalde, bedacht de gemeente het plan om er ook andere spoedzoekers te huisvesten. Dat loopt zeer succesvol er is nu zelfs een wachtlijst ontstaan.’

Wissellocaties

‘We hebben het over de inzet van wissellocaties gehad. Je moet denken aan tijdelijke locaties die je kunt gebruiken voor de huisvesting van verschillende groepen, zoals spoedzoekers, tijdelijke opvang van asielzoekers of statushouders. We verkennen of dat mogelijk is, praktijkvoorbeelden zijn er nog niet.’

Maatschappelijke doelen

‘Iedereen was het erover eens dat als je spoedzoekers in brede zin benadert en niet doelgroep specifiek, dat kansen met zich meebrengt. Je creëert daarmee namelijk een permanente en constante vraag naar tijdelijke oplossingen en dat maakt investeringen makkelijker.  Het leuke ervan is dat je er verschillende maatschappelijke doelen mee dient. Je laat mensen integreren en als je ouderen en jongeren mixt, bestrijd je eenzaamheid.’