Wethouder Winnie Prins van Leefbaar Zeewolde: 'Deep Democracy geeft zwijgers een stem'

VNG Magazine nummer 17, 9 november 2018

Auteur: Marten Muskee | Beeld: Jiri Büller

Burgerparticipatie geldt als haarlemmerolie om de lokale democratie nieuw leven in te blazen. Assertieve inwoners nemen positie in, maar de stem van de minderheid of de zwijgende meerderheid speelt nog geen rol in de besluitvorming. Om tot een echt unaniem gedragen besluit te komen, maakt wethouder Winnie Prins van Leefbaar Zeewolde gebruik van Deep Democracy: mond dicht en ‘superluisteren’.


Deep Democracy wordt omschreven als besluiten nemen waarbij de wijsheid van de minderheid wordt meegenomen. De methodiek zorgt ervoor dat iedereen zich gehoord voelt, met name diegenen die geen meerderheidsstandpunt hebben en zich gemangeld voelen. Volgens Winnie Prins worden botsende meningen op respectvolle wijze binnen de groep onderzocht. ‘Deep Democracy gaat over besluitvorming met aandacht en waardering voor andere opvattingen.’

Prins houdt op de komende VNG Bestuurdersdag (30 november in Utrecht) een sessie over Deep Democracy. Naast wethouder – een functie die ze met een korte onderbreking in 2009 al sinds 2004 uitoefent in Zeewolde – is ze lid van de VNG-commissie Bestuur en Veiligheid en coach bij de Wethoudersvereniging.

Is burgerparticipatie ondanks alle aandacht nog steeds niet ingeregeld in het lokaal democratisch proces?
‘Nee, alle pogingen om inwoners te laten participeren hebben nog steeds niet datgene gebracht wat ze echt raakt. Dat zien we aan de lage opkomst bij verkiezingen. Het vertrouwen in de politiek kalft steeds meer af. Alles wat we tot nu toe inzetten, levert blijkbaar niet op wat we graag willen. Bestuurders horen zich eens oprecht af te vragen of echte participatie is wat ze daadwerkelijk willen. Dat betekent in mijn optiek namelijk dat de burger ook echt mag beslissen. Dat is heel lastig en daar worstelen we allemaal mee.’

Bestuurders zijn huiverig om het gesprek met inwoners aan te gaan

U gelooft dus in directe democratie?
‘Ik geloof in een hybride democratie, dat is de meest passende omschrijving. Er zijn gemeentelijke taken waarvan inwoners willen dat ze gewoon geregeld worden. Maar zodra het om zaken gaat die burgers echt raken, willen ze meepraten en gehoord worden. Bestuurders zijn een beetje huiverig om het gesprek met inwoners aan te gaan. Ze zijn bang dat daar iets uitkomt wat de gemeente niet kan leveren. Met zo’n instelling moet je het gesprek helemaal niet aangaan. Heb vertrouwen in de wijsheid van inwoners, die zullen oprecht zeggen wat ze nodig hebben. Dan gaat het niet om luxezaken, maar om dingen die de gemeente eenvoudig kan regelen of die er waarschijnlijk al zijn. Geef in zo’n gesprek ook duidelijk aan dat je iets doet met de inbreng van inwoners, anders raken mensen gefrustreerd.’

Wat houdt Deep Democracy in?
‘Bestuurders die echt willen luisteren naar inwoners hebben andere vaardigheden nodig. Voorop staat de vraag of je bereid bent te doen wat mensen vragen en hoe je het gesprek aangaat. Ga je zenden, heb je een dialoog of ga je in debat? Deep Democracy biedt de beste kansen om te luisteren en te leren. Deze methodiek komt van oorsprong uit Zuid-Afrika en ik heb daar een opleiding in gevolgd. Ik gebruik de methode intern bij een raadswerkgroep bestuurlijke vernieuwing en geef workshops bij onder meer de Wethoudersvereniging en bij de wethoudersbijeenkomst over vernieuwing van de lokale democratie in Houten vorig jaar. Bij Deep Democracy gaat het om superluisteren.’

Superluisteren als nieuwe democratische vaardigheid voor bestuurders?
‘Voor iedereen, je kunt het in iedere groep en overal toepassen. Ga vooral niet het debat aan, wees stil en luister. Denk na over wat je hoort en zeg daarna pas wat je ervan vindt. Deep Democracy is een dynamisch proces dat boven water haalt wat niet gezegd wordt. Dat kunnen gevoelens, meningen en visies zijn, maar ook belemmeringen en obstakels waar inwoners tegenaan lopen. Vaak durven ze die niet te noemen omdat er mensen aan tafel zitten die altijd het hoogste woord voeren. Wat je doet, is iedereen iets proberen te laten zeggen, ook de stille mensen die denken dat hun mening er toch niet toe doet. In een kleine groep doe je dat echt per individu terwijl grotere groepen een zogeheten “gesprek op voeten” aangaan. Iemand uit de groep geeft zijn mening en wie dat ook vindt mag erachter komen staan. Dan vormen zich kleine coalities die per onderwerp of uitspraak verschillend kunnen zijn. Uiteindelijk ziet de gespreksleider dat er een bepaalde meerderheid is op een uitspraak en probeert tot besluitvorming over te gaan. Aan de deelnemers die er anders over denken, wordt de vraag voorgelegd wat ze nodig hebben om mee te doen met dit standpunt. Eigenlijk is het de meest simpele methodiek. Je kunt er per thema met inwoners mee werken, maar ook in de gemeenteraad. Het is een heel ander gesprek dat de raad dan heeft in vergelijking met het gebruikelijke debat. Je leert op een andere manier luisteren naar wat belangrijk is voor iemand. Daarbij gaat het niet over een coalitie en oppositie, maar om meningen en invalshoeken die je deelt en waar je naar luistert.’

Bij Deep Democracy gaat het om superluisteren

Klinkt als raadsakkoord of inwonersakkoord.
‘Daar zijn mooie voorbeelden van te vinden in het land. Het is eenzelfde soort methodiek, maar via een ander instrument dat andere uitslagen oplevert. Diverse gemeenten hebben na de laatste gemeenteraadsverkiezingen een raadsakkoord gesloten. Ik vraag me daarbij wel af of er met iedereen gesproken is. Heb je als raad wel goed genoeg naar je inwoners geluisterd? Dat is vaak nog een brug te ver. Geef jezelf een andere rol als je met inwoners in gesprek wilt. Laat inwoners praten en neem zelf in stilte op de tribune plaats. Probeer als politicus niet je eigen overtuiging aan een ander over te brengen. Onderdruk die neiging, daar zit het verschil.’

Hoe doen minderheden en de zwijgende meerderheid mee in de besluitvorming?
‘Begin met oefenen in kleine groepen zodat inwoners het vertrouwen krijgen dat er daadwerkelijk iets gebeurt. In Zeewolde willen we een pand slopen, de buurt denkt mee over de toekomst van die locatie. Dat is een prima groep om mee te beginnen. Wij hopen dat mensen pratenderwijs meer vertrouwen krijgen, naar bijeenkomsten komen en echt mee gaan doen aan de democratie op de punten die ze raken. De aardgasvrije wijken vormen een prachtig thema om met alle inwoners in gesprek te gaan. Daarmee komen de belemmeringen op tafel die wel degelijk spelen, maar in andere inspraakprocessen niet ter sprake komen. De gelatenheid van bewoners die denken dat hun stem er niet toe doet, krijg je met deze methode heel goed boven tafel. Alle motieven worden inzichtelijk. Iemand kan dan oprecht zeggen dat hij de boodschap tot verduurzaming begrijpt, maar de zaak niet kan financieren. Het kan dan best zijn dat daarvoor vervolgens een oplossing wordt gevonden. Je gaat veel meer in mogelijkheden denken. Zorg voor draagvlak onderling, niet voor discussie. En voor wie gewoon niet van het gas af wil: dan zou het besluit kunnen zijn dat de wijk zo veel mogelijk aardgasvrij wordt, wetende dat er bewoners zijn die niet meedoen. Heb de bereidheid om die ruimte te laten.’

Dat vergt wel het nodige lef.
‘Dat is echte democratie. Zeewolde pakt de invulling van de Omgevingsvisie ook op deze manier aan. Ik wil dat zo veel mogelijk inwoners hieraan mee gaan doen en vertellen wat ze belangrijk vinden om hier prettig te wonen. Zo zorg je voor draagvlak voor andere methoden van participatie. Mijn missie is die lamgeslagen groep inwoners weer mee te trekken, zodat we bij de verkiezingen in 2022 een hoger opkomstpercentage hebben. Inwoners horen groter vertrouwen in de politiek te krijgen. Dat kan door ze mee te laten doen in de besluitvorming. Ik heb alle krediet gekregen om op deze manier met de Omgevingsvisie aan de slag te gaan. De Deep Democracy-sessie met de raadswerkgroep heeft daar erg bij geholpen. De fractievoorzitters hebben aan hun wethouders teruggekoppeld dat ze zeer enthousiast zijn.’

Ga vooral niet het debat aan, wees stil en luister

Ik neem aan dat er in Zeewolde al het nodige gebeurt. Worden alle doelgroepen nog niet bereikt?
‘We hebben zienswijzen, reactienota’s en een burgerpanel waar we mee werken. Of neem de wijkschouw waarbij bestuur en ambtenaren met een vooraf vastgesteld budget de wijk intrekken om in overleg mogelijke verbeteringen te realiseren. De cultuur en demografische samenstelling van gemeenten bepalen welke instrumenten je zou kunnen inzetten. Er zijn op dat deel van het democratisch proces allerlei mogelijkheden, maar die volstaan niet. Het is allemaal bedacht vanuit onze overheid, het zijn geen voorstellen vanuit de samenleving over hoe ze graag willen participeren. Gemeenten en inwoners moeten trouwens wel de mogelijkheid hebben om mee te groeien. Denk in ieder geval na over wat de zwijgende meerderheid raakt en ga aan de hand daarvan het gesprek aan met iedereen. Je kunt inwoners uitnodigen door een briefje te sturen, of gewoon even langs de deur gaan en vragen of ze meedoen. Dan gaat het over persoonlijk contact, dat werkt goed. Bij echte participatie beperken we ons natuurlijk wel altijd zelf door regels en wetten die we hebben. Het zou fijn zijn als het ministerie wet- en regelgeving op het terrein van lokale democratie aanpast, zodat het beter uit de verf komt dan nu.’

BZK-minister Kajsa Ollongren zegt dat toe in het programma Democratie in actie.
‘Ik ben heel enthousiast over dat programma, maar wat ik mis is de betrokkenheid van wethouders daarbij. Het gaat nu heel erg over raadsleden en inwoners, maar ook de bestuurders moeten mee in het verhaal. Daar moet de minister meer in investeren en dat hebben we haar als wethouders per brief gevraagd. Ik ben blij met een minister die hier stevig op inzet en die het gesprek met iedereen aangaat. Het kabinet pakt dit echt op en dat vertaalt zich in acties, programma’s en beleidsondersteuning. Dat is spannend. Het programma is echter nog niet helemaal af. Neem de right to challenge, dat instrument is op zich niet verkeerd, maar de overheid heeft het wel weer bedacht. Waarom laat de overheid de burgers niet zelf zeggen wat ze willen? Burgers zijn prima opgeleid en heel goed in staat aan te geven hoe ze het zelf zouden willen. Ga eens in gesprek met inwoners, vraag wat ze belangrijk vinden en hoe ze tegenover participatie staan.’

De raad moet bij participatie inschikken en er bijvoorbeeld op toezien dat wethouders de meerwaarde van burgerinitiatieven verzilveren.
‘Dat klopt en dit is een lastige kwestie lijkt mij, want hoe benoemt de raad dat? De raad is het hoogste orgaan en neemt uiteindelijk de besluiten, dat gaat wringen met burgerparticipatie. Vandaar ook dat het programma Democratie in actie veel meer inzet op raadsleden. Bestuurders zijn dag en nacht met de materie bezig, raadsleden doen het in hun vrije tijd en moeten de ontwikkelingen maar zien bij te benen. Vandaar ook dat we in een kleine groep met de fractievoorzitters hebben geoefend met Deep Democracy. Ze gaven daarbij overigens ook aan niet langer in discussie met de wethouder te willen gaan in een een-op- eenvragenspel. Ze willen liever een goed gesprek waarbij partijen naar elkaar luisteren. Dat is toch een geweldige ontwikkeling?’