VNG en gemeenten krijgen regelmatig de vraag waarom de opvang van Oekraïners wél snel gerealiseerd kan worden en de opvang van asielzoekers veel lastiger is. Hieronder een feitelijk overzicht van de verschillen tussen de 2 soorten opvang. Daarnaast speelt ook altijd een politieke-bestuurlijke afweging en het draagvlak onder inwoners een rol.

Asielzoekers

Een asielzoeker is iemand die internationale bescherming zoekt, waarbij het beroep op de vluchtelingenstatus nog niet bepaald is. In afwachting daarop wordt de asielzoeker opgevangen in een azc.

Vluchtelingen uit Oekraïne

Oekraïners mogen 90 dagen visumvrij reizen in de Europese Unie en hoeven daarom geen asiel aan te vragen om legaal in Nederland te verblijven. Dit is nu verlengd naar 180 dagen. Inmiddels is er een Europese richtlijn tijdelijke bescherming voor vluchtelingen uit Oekraïne. Dat betekent dat zij rechten hebben die veelal overeenkomen met de rechten die asielzoekers op grond van de Opvangrichtlijn ontvangen. Ook mogen Oekraïners werken in Nederland. 

Verschil in verblijfsstatus 

In asielzoekerscentra, onder regie van het COA, verblijven asielzoekers die in afwachting zijn van hun asielprocedure en huisvesting. Omdat vluchtelingen uit Oekraïne al 180 dagen visumvrij in Nederland mogen verblijven, worden ze niet in een azc opgevangen. Zij mogen zelf een onderkomen zoeken. Lukt dat niet, dan kunnen ze zich melden bij de gemeente. Vanwege de andere verblijfsstatus van gevluchte Oekraïners is de opvang voor deze doelgroep bij de gemeente belegd en speelt het COA hier geen officiële rol in. 

Verschillende eisen aan opvang

Gemeenten bepalen zelf op welke manier de opvang van Oekraïners vorm krijgt. Dit kan bestaan uit opvang voor een paar weken tot uiteindelijk 6 tot 12 maanden. Gemeenten hebben voorkeur voor kleinschalige opvang. Dit is sneller te realiseren, er is vaak meer draagvlak voor en het is eenvoudiger te beheren. Het COA stelt andere eisen aan een azc-locatie. Zo heeft een azc-locatie bij voorkeur een structurele vestiging (in ieder geval langer dan een jaar) en is grootschaliger. Voor gemeenten is het lastiger om aan die eisen te voldoen.

Een ander verschil met een azc is dat veel van de huidige gemeentelijke opvang acute noodopvang is, bestaande uit sobere ‘bed, bad en brood’ inrichting. Het COA stelt aan een azc hogere eisen, mede omdat de bewoners daar langer verblijven en moeten starten met integratie.

Meer informatie