Waarom een coöperatieve samenleving?

Bewonersinitiatieven en vrijwilligerswerk zijn van alle tijden. Er zijn 200.000 verschillende verenigingen en stichtingen actief. De aard van vrijwilligerswerk verandert in de loop van de tijd.

Van proces naar ambities en talenten

Wisselende wereldbeelden: de toekomst ligt niet voor ons maar in ons.

Participatie in golven

Hoogleraar Tine De Moor onderscheidt drie golven van burgerinitiatieven.  Tijdens de eerste golf verenigden vaklieden zich tot gilden. Ook ontstonden de Nederlandse Waterschappen. Dit was het eerste democratische lichaam van burgers die met elkaar de strijd tegen het water aan gingen.

De tweede golf kwam als reactie op de industrialisatie. Arbeiders verenigden zich.  Vakbonden, coöperatieve ziektekostenverzekeringen en woningcorporaties ontstonden. Kenmerkend voor de tweede golf waren een prijs- en kwaliteitseffect. De lonen werden hoger en de kwaliteit van onderwijs en gezondheidszorg nam toe. Een brede toegankelijkheid was ook kenmerkend voor ‘de nieuwe coöperaties’.

Bij de huidige, derde golf aan burgerinitiatieven is de levensduur van de collectieven en de duur van het lidmaatschap korter. Kenmerkend is dat jong en oud mee doen en dat de collectieven apolitiek en cross ideologisch zijn. Participatie is gebaseerd op ambities en talenten. Bewoners met verschillende achtergronden werken samen aan een gemeenschappelijk doel. Ze denken dat het beter kan.