Raadgever Rol gemeenteraad bij afwijkingen van het Omgevingsplan

De gemeenteraad stelt een omgevingsplan vast voor de gemeente met de lokale beleidskaders voor de fysieke leefomgeving. Het college van B&W is en blijft bevoegd gezag voor het afgeven van omgevingsvergunningen en toetst aanvragen voor initiatieven en ruimtelijke ontwikkelingen aan het omgevingsplan. Voor aanvragen omgevingsvergunning die in strijd zijn met het omgevingsplan is, straks na de inwerkingtreding van de Omgevingswet, geen instemming van de gemeenteraad nodig. De gemeenteraad adviseert dan het college van B&W (artikel 16, lid 15 Omgevingswet). In combinatie met de veel kortere voorbereidingsprocedure om omgevingsvergunningen te verlenen lijkt de positie van de gemeenteraad zwakker te worden ten opzichte van de huidige wetgeving.

Deze raadgever is bedoeld als handreiking om het gesprek binnen de gemeente te voeren over de praktische invulling van uw rol.

Rolverdeling gemeenteraad-college van B&W

In essentie blijft de rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college van B&W na de inwerkingtreding van de Omgevingswet onveranderd. Met het bestaand raadsinstrumentarium houdt de gemeenteraad gedurende het beleids- en besluitvormingsproces vinger aan de pols en stuurt in de gewenste ontwikkelrichting. Die instrumenten zijn: het indienen van amendementen, moties, schriftelijke/mondelinge vragen, interpellatie, recht van onderzoek en initiatief en de actieve informatieplicht van het college van B&W.

Met de omgevingsvisie en het omgevingsplan stuurt de gemeenteraad het te volgen beleid, zoals gebruikelijk is binnen een gemeente. Over initiatieven en (bouw)plannen die passen binnen het omgevingsplan kan besluitvorming eenvoudig en snel plaatsvinden. Onder de huidige wetgeving kan het college van B&W uitsluitend een omgevingsvergunning voor een initiatief of (bouw)plan dat in strijd is met het bestemmingsplan verlenen met instemming van de gemeenteraad. Dat gaat met de zogenoemde ‘verklaring van geen bedenkingen’.

De besluitvorming rond de plannen die in strijd zijn met het omgevingsplan worden in de Omgevingswet neergelegd bij het college van B&W. Het college van B&W is het bevoegd gezag voor het afgeven van vergunningen binnen de kaders van het omgevingsplan en heeft, als een ander orgaan het bevoegd gezag is, een advies- en instemmingsbevoegdheid. Dat geldt ook voor plannen die afwijken van het omgevingsplan. De raad heeft hierin een adviesrol. Die adviesrol van de gemeenteraad wordt geregeld via de Invoeringswet en het Invoeringsbesluit.

Juridisch kader en lokale bestuurscultuur

De Omgevingswet beoogt versterking van lokaal maatwerk. Een open dialoog en goede afspraken intern tussen gemeenteraad, college van B&W, en extern met de gemeenschap zijn van groot belang. Het juridisch kader vormt de basis. Elke gemeente kent een eigen politieke dynamiek, die minstens evenveel van invloed is op de wijze van implementatie van de Omgevingswet en de werkwijze die daarmee samenhangt.

De volgende tips kunnen helpen om het gesprek met elkaar te voeren.

Inventarisatie huidige werkwijze

  • Wat is de huidige procedure voor afwijkingen van het bestemmingsplan: Wie doet wat? Hoe is agendering georganiseerd? Welke termijnen gelden voor besluitvorming? Hoe wordt hierover gecommuniceerd? Op welke manier zijn inwoners hierbij betrokken en hoe kunnen ze hun mening kenbaar maken?
  • Hoeveel aanvragen voor een omgevingsvergunning worden ingediend om af te wijken van het bestemmingsplan? Hoe vaak stemt de gemeenteraad daarmee in? (Hou rekening met eventuele delegatiebesluiten).
  • Kijk kritisch naar het vergaderstelsel en de vergaderfrequentie van de gemeenteraad. Biedt dat voldoende flexibiliteit voor insprekers om hun mening te geven over initiatieven die in voorbereiding zijn?

Op weg naar de nieuwe situatie

  • Wees je ervan bewust dat het college van B&W een advies van de gemeenteraad niet over hoeft te nemen, maar dat een advies met groot draagvlak in de gemeenteraad politiek lastig is te negeren. Het college van B&W legt achteraf verantwoording af over het genomen besluit.
  • Zorg dat de informatievoorziening over overwegingen, standpunten en afwegingen van de gemeenteraad en het college van B&W transparant en toegankelijk zijn.
  • Onderzoek hoe de gemeenteraad al vanaf het moment dat een vergunningaanvraag wordt ingediend, kan worden geïnformeerd en in positie kan worden gebracht (eventueel met digitale middelen).
  • Overweeg de instelling van een permanente ‘hoorcommissie’ door de gemeenteraad om initiatiefnemers en betrokkenen de mogelijkheid te bieden hun initiatief, dan wel zienswijze toe te lichten.

Leren door te doen

  • Monitor vanuit de gemeenteraad de implementatie van de Omgevingswet en voornamelijk de aanpassingen van het omgevingsplan. Wordt het omgevingsplan te vaak aangepast, sluit dat nog aan bij de vastgestelde omgevingsvisie?
  • Zorg dat de te volgen procedures niet slechts een interne aangelegenheid worden, maar betrek inwoners hierbij.