Column André Krouwel: Zelfoverschatting

Nummer 15, 2016

Het recente Lokaal Kiezersonderzoek onder leiding van collega Tom van der Meer schetst een onthutsend beeld van de lokale democratie. Maar vooral van burgers. We wisten al dat bijna de helft van de Nederlanders geen vertrouwen meer heeft in de lokale democratie en nog minder in de nationale politiek.

Maar nu blijkt ook dat burgers de nationale overheid voor van alles verantwoordelijk houden, ook als die taken naar gemeenten zijn gedecentraliseerd.

Uiteraard zijn verantwoordelijkheden vaak niet duidelijk omdat meer bestuurslagen betrokken zijn bij de beleidsontwikkeling en -uitvoering. De overheveling van competenties naar een andere bestuurslaag vergroot die verwarring nog verder. Zo denken veel burgers dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor pensioenen en de EU voor onze bijstand. Ze hebben dus echt geen idee.

Het diepe wantrouwen van burgers in de politiek is niet gebaseerd op kennis. Als je burgers vraagt naar de scheiding der machten – of een wethouder lid is van de gemeenteraad of niet – weet 80 procent het antwoord niet. Eerder onderzoek toonde al aan dat burgers schrikbarend weinig weten van de precieze institutionele inrichting van ons democratische systeem en geen kaas gegeten hebben van specifieke beleidsmaatregelen of wetten. Ongehinderd door enige kennis hebben burgers echter wel direct een – vaak negatieve – mening.

In een recent onderzoek legden we een aantal kennisvragen voor over waar politieke partijen voor staan. We vroegen burgers ook hoe zeker ze waren van hun antwoord. En wat blijkt; zelfs als ze het totaal bij het verkeerde eind hebben, zeggen ze toch dat ze het zeker weten. In wetenschappelijke termen heet dit ‘overclaiming’ van kennis. Die houding is vooral wijdverbreid aan de rechterkant van het politieke spectrum, en met name onder PVV-stemmers.

Het is ook precies deze geringe politieke en economische kennis die politici als Wilders – en in de VS Donald Trump – uitbuiten. Geert en The Donald beweren de grootst mogelijke onzin over immigranten, over de staat van de economie, over beleidsvoorstellen van hun politieke tegenstanders en over concrete beleidsresultaten.

Omdat burgers er geen snars van weten, denken velen dat deze schreeuwlelijken wel een punt hebben. Ook beweringen die aantoonbare leugens zijn, worden met zo veel overtuiging gebracht dat burgers overtuigd raken van het gelijk van deze fantasten. Wilders en Trump zijn in staat een eigen ‘werkelijkheid’ te creëren door uitbuiting van de onkunde van veel, vooral lager opgeleide, burgers. Die parallelle politieke werelden maken het onmogelijk om burgers nog te verbinden met de daadwerkelijke politieke realiteit.

André Krouwel, politicoloog VU en wetenschappelijk directeur Kieskompas, andre.krouwel@vu.nl, @AndréKrouwel