logo van de gemeente amsterdam: in het rood drie kruisen met daarnaast de tekst gemeente amsterdam

 

 

 


 

In juli 2016 trad het VN-verdrag Handicap in werking in Nederland, inclusief de verplichting voor gemeenten om een Lokale Inclusie Agenda op te stellen. In 2017 startte het VNG-project ‘Iedereen doet mee!’, om gemeenten hierbij te ondersteunen. Daarvoor meldden zich een aantal gemeenten als ‘koploper’ aan. Vanaf juli 2026 tot en met eind 2027 kijken we terug met deze koplopers: waar zijn ze trots op, welke lessen hebben ze geleerd en wat zijn de ambities voor de komende 10 jaar? We spraken daarvoor met bestuurders, ambtenaren en ervaringsdeskundigen uit de betreffende gemeenten. We trappen af met onze hoofdstad: Amsterdam.

Jaartal

2026

Vraag 1. Waar ben je het meest trots op van wat er in jullie gemeente in de afgelopen 10 jaar is bereikt in de inclusie van mensen met een beperking?

Alexander Scholtes, wethouder Stedelijke Ontwikkeling, Bouwstimulering en Gezondheid:

‘Ik ben er trots op dat toegankelijkheid in Amsterdam geen los project is gebleven, maar steeds meer onderdeel is van hoe we aan de stad bouwen. De afgelopen jaren hebben we miljoenen geïnvesteerd in subsidies om woningen, wooncomplexen, buurthuizen, sportlocaties en culturele instellingen toegankelijker te maken. Denk aan subsidies voor liften in woongebouwen waar veel ouderen wonen, aanpassingen in buurthuizen en betere toegang tot sport en cultuur. Dit jaar plaatsen we ook een zorgtoilet in het Stadhuis. Dat zijn heel concrete verbeteringen en voor Amsterdammers met een beperking maken ze in het dagelijks leven een groot verschil. Tegelijk moeten we eerlijk zijn: na tien jaar zijn we er nog niet. Amsterdam is een oude, drukke en groeiende stad. Dus we moeten we blijven werken aan fysieke en digitale toegankelijkheid, maar ook aan sociale inclusie en mentale gezondheid.’

Jette Bolle, stedelijk coördinator toegankelijkheid en implementatie van het VN-verdrag Handicap:

‘Vanaf dag 1 trekken we op met ervaringsdeskundigen en ervaringsprofessionals. Sinds 2016 is het onderwerp bovendien breder gaan leven: steeds meer collega’s, afdelingen, directies en partners werken eraan mee. De opgave in Amsterdam is groot, juist omdat het over veel beleidsterreinen tegelijk gaat. Dat kost tijd en vraagt blijvende inzet. Je hebt daarbij mensen nodig die kritisch blijven en helpen volhouden. Ik ben trots op het netwerk dat is gegroeid in Amsterdam van collega’s, bewoners, ervaringsdeskundigen en belangenbehartigers.’

Eric Groot Kormelink, Cliëntenbelang Amsterdam:

‘In de afgelopen 10 jaar is er in Amsterdam meer aandacht voor mensen met een beperking. Als ervaringsprofessionals en ervaringsdeskundigen krijgen we steeds vaker de ruimte om input te geven voor beleid en ook de uitvoering daarvan. Dat komt mede door een aantal sleutelfiguren binnen de gemeente, die continu aandacht blijven vragen hiervoor. Het resultaat is dat we vaker met elkaar aan tafel zitten. Niet alleen om te horen wat er anders moet, maar ook om elkaar echt te horen en te begrijpen hoeveel impact het maakt als je meegenomen wordt als een volwaardige groep. En als beslissingen niet meer voelen als uitzondering, maar als regel die mensen gelijkstelt. Amsterdam is groot, en bewustzijn is nog groeiende, maar er is wel een trein in beweging gekomen, die langzaam op stoom komt.’

VNG Logo

Foto: Schouw van het OV door ervaringsdeskundige

Vraag 2. Welke geleerde lessen of tips voor een inclusieve en toegankelijke gemeente zou je aan andere gemeenten willen meegeven, op basis van jullie ervaringen in de afgelopen 10 jaar?

Wethouder Scholtes

‘Mijn belangrijkste les is: praat niet óver mensen, maar mét mensen. Betrek bewoners, ervaringsdeskundigen en belangenbehartigers niet pas aan het einde, maar vanaf het begin. Bij beleid, bij ontwerp, bij uitvoering en bij de evaluatie. En maak toegankelijkheid praktisch. Het VN-verdrag Handicap moet je echt actief betrekken bij nieuw beleid en bij nieuwe projecten, zoals we dat doen bij het verstrekken van hulpmiddelen, het evenementenbeleid en het verbeteren van de toegankelijkheid van buurthuizen.’ 

Stedelijk coördinator Bolle

‘Maak het een gedeelde verantwoordelijkheid binnen de gemeente, niet iets wat bij één afdeling of één kartrekker blijft hangen. Bouw een netwerk van collega’s, externe organisaties en ervaringsdeskundigen dat je snel kunt raadplegen als er nieuwe knelpunten opduiken of nieuw beleid wordt gemaakt. En heel belangrijk is om actief kennis en ervaringen uit te wisselen over wat wél werkt. Dat scheelt tijd en het steeds opnieuw uitvinden van oplossingen.’

Ervaringsdeskundige Groot Kormelink:

‘De belangrijkste les is: begin gewoon! Wees niet bang dat je het verkeerd doet, want dat gebeurt toch wel. Maar als je mensen met een beperking een stem geeft, en de ruimte om zich als groep te verenigen, dan volgt de beweging ook. Niet vanzelf, en zeker niet zonder obstakels, maar zodra het vertrouwen ontstaat dat er ook echt iets gebeurt, wordt de samenwerking steeds beter. Wees ook kritisch, en kijk of je breed genoeg input krijgt. Er is niet zoiets als 'de mensen met een beperking', daarvoor zijn we te uiteenlopend. Zorg daarom voor diversiteit in de gesprekken en doelstellingen.’

Vraag 3. Welke ambities heb je voor jullie gemeente voor de komende 10 jaar, op het gebied van toegankelijkheid en inclusie van mensen met een beperking?

Wethouder Scholtes:

‘Ik wil de komende tien jaar verder bouwen aan een stad die uitgaat van vertrouwen. Een stad waar Amsterdammers met een beperking vrij kunnen bewegen: in de straat, in gebouwen, bij sport en cultuur, en in het contact met de gemeente. Dat betekent dat we toegankelijkheid vanaf het begin beter meenemen, maar ook dat we het makkelijker maken om hulp te krijgen als die nodig is. In het coalitieakkoord staat het helder: we versimpelen de regels in de Wmo, zodat aanvragen sneller kunnen en de administratieve last kleiner wordt. Met altijd het uitgangspunt dat we onze inwoners zoveel mogelijk vertrouwen. Dat is voor mij de kern: minder drempels, letterlijk en figuurlijk.’

Stedelijk coördinator Bolle

‘We zien dat toegankelijkheid en inclusie steeds vaker worden meegenomen, maar nog niet overal of bij iedereen vanzelfsprekend zijn. De opgave in Amsterdam is groot en raakt bijna alles: straten, gebouwen, dienstverlening, communicatie, sport, cultuur en zorg. Onze rol is om collega’s te helpen dit vanaf het begin praktisch mee te nemen, signalen van bewoners en ervaringsdeskundigen goed door te geven en steeds te toetsen wat werkt in het dagelijks leven. De komende jaren willen we vooral zorgen dat toegankelijkheid steeds meer normaal onderdeel wordt van hoe de gemeente werkt.’ 

Ervaringsdeskundige Groot Kormelink:

‘Er is de afgelopen 10 jaar een zaadje geplant, wat nu op begint te komen. Of het een klaproos wordt of een grote boom hangt helemaal af van hoe we het voeden en verzorgen. Hiervoor is doorzettingsvermogen nodig, en zullen toegankelijkheid en inclusie onderdeel moeten blijven van alle gesprekken die er in de gemeente worden gevoerd. Wij gaan vieren wat er goed gaat, maar zeker ook kritisch zijn op wat er nog niet goed gaat, door aan iedereen de vraag te stellen; wie missen we nog in dit verhaal?’


Een greep uit concrete voorbeelden op toegankelijkheid 2017-2026 

  • Verbeteren van de toegankelijkheid van diverse speelplekken, zoals de Speelvogel in Noord, Speeltuin de Gibraltar in West, Jeugdland in Oost, een ontmoetingsplein in Zuidoost. 
  • Subsidies voor aanpassingen en projecten bij culturele instellingen, zoals Hortus Botanicus, Ons Lieve heer op Solder, Rembrandthuis, Bimhuis, IDFA, Grachtenfestival, Nationale Opera en Ballet en het Verzetsmuseum.
  • Subsidies voor aanpassingen en trainingen gastvrijheid voor buurthuizen, o.a. De Meeuw en Kadoelen (Noord) Oosterpark, locaties Eigenwijks en Ru de Paré (Nieuw West), locatie Menno Simonsz (Zuid), Jongerencentrum Nowhere (Oost), Jongerencentrum The Mall (West). 
  • Subsidies voor collectieve aanpassingen van woongebouwen waar veel ouderen wonen, voor o.a. het plaatsen van liften of collectieve trapliften en brandveilige stallingen voor scootmobielen. 
  • Plaatsen van extra bankjes, geleidelijnen, verplaatsen fietsenrekken en brievenbussen, niet fietsparkeren tegels, straatgraffiti voor vrijhouden geleidelijnen en stoepen, realisatie extra algemene gehandicaptenparkeerplaatsen, realisatie van meer toegankelijke OV-haltes en meer toegankelijke openbare toiletten. 
  • Jaarlijkse bijeenkomsten in de week van toegankelijkheid in Pakhuis de Zwijger, met wisselende thema's, zoals validisme en inclusieve Kunst en cultuur. 
  • Oprichting werkgroep Validisme Amsterdam; voorlichtingen, video's, tentoonstellingen, voorlichtingsmateriaal en campagnes.
     
vergadering van de adviesraad, deelnemers zitten aan tafels en volgen een presentatie door 2 vrouwen bijeen scherm en een banner

Foto: adviesraad LVB van de gemeente Amsterdam, met ervaringsdeskundigen