Overheden zoeken samenwerking op belangrijke maatschappelijke opgaven

Den Haag, 14 september 2017

De drie voorzitters van het Interprovinciaal Overleg, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Unie van Waterschappen hebben vandaag gesproken met de fracties aan de formatietafel. Naast klimaat waren onder andere wonen, mobiliteit en het sociaal domein onderwerp van gesprek. Op al deze onderwerpen is verkend of en hoe kan worden samengewerkt en onder welke voorwaarden.

Er is onder andere gesproken over het gezamenlijke aanbod aan het nieuwe kabinet ‘Naar een duurzaam Nederland’. Hiermee willen de decentrale overheden de overgang naar een energieneutraal, circulair en klimaatbestendig Nederland versnellen. Voorzitter van het Interprovinciaal Overleg Ank Bijleveld-Schouten: “Het is voor de onderhandelaars duidelijk dat een dergelijke opgave alleen kan worden bereikt door samen met provincies, gemeenten en waterschappen op te trekken en dat daar ook een financiële inspanning van het Rijk bij hoort. Ons aanbod is goed ontvangen. Het gesprek verliep open en in goede sfeer."

De investeringsagenda ‘Naar een duurzaam Nederland’ van provincies, gemeenten en waterschappen bevat een fors pakket aan maatregelen en investeringen op het gebied van energie, klimaatadaptatie en circulaire economie. Voorzitter van de Unie van Waterschappen Hans Oosters: “Samen met provincies en gemeenten gaan we hard aan de slag. We vragen het nieuwe kabinet om mee te investeren, knelpunten in wet- en regelgeving weg te nemen en een Nationaal Programma Energietransitie te starten. Klimaatverandering duldt geen uitstel. Als waterschappen zien we de effecten, zoals wateroverlast en droogte, fors toenemen. Niets doen is geen optie.”

Financiën

De decentrale overheden werken samen met het Rijk als één overheid en daarbij horen stabiele, voorspelbare en toereikende financiën. Jan van Zanen, voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten: “Tijdens de crisis zijn gemeenten flink gekort terwijl juist de laatste jaren de taken fors zijn toegenomen. Voor de komende jaren is een breed en stabiel begrotingskader noodzakelijk. Dit zijn  randvoorwaarden voor de verantwoordelijkheden die de gemeenten op zich nemen. En een stevige pijler onder de aanpak van de grote maatschappelijke uitdagingen die het komende kabinet aan wil gaan.’

Het is de eerste keer dat de decentrale overheden een gezamenlijk aanbod doen aan het nieuw te vormen kabinet.