Wijziging modelverordening vanwege wijziging Participatiewet

Op 1 januari 2017 treden in werking: de Wet tot wijziging van de socialezekerheidswetten in verband met de regeling van de bestuurlijke boete en de Verzamelwet SZW 2017. De gemeentelijke verordeningen voor de verrekening van bestuurlijke boetes bij recidive komen daarmee van rechtswege te vervallen.

Het VNG-model voor deze verordening komt daarom per direct te vervallen. De toelichting bij de Model Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ is aangepast.

Wijziging Participatiewet

Artikel 60b van de Participatiewet komt te vervallen (middels de Wet tot wijziging van de socialezekerheidswetten in verband met de regeling van de bestuurlijke boete). Artikel 60b gaat over de verrekening van een recidiveboete. En met de wijziging wordt de beslagvrije voet voortaan te allen tijde gerespecteerd.

Ook artikel 8, tweede lid, onder d, Participatiewet komt te vervallen (middels de Verzamelwet SZW 2017). Dit artikel betreft de grondslag voor de verordening waarin gemeenten verplicht waren nadere regels te stellen over de bevoegdheid om de beslagvrije voet tijdelijk buiten werking te stellen bij verrekening van de recidiveboete.

Door het vervallen van deze beide artikelen, vervallen van rechtswege ook de daarop gebaseerde verordeningen. Deze verordeningen hoeven dus niet ingetrokken te worden. Gemeenten moeten wel de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR) bijwerken.

Intrekking en wijziging modelverordening

De Model Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive is verwijderd uit de Kennisbank Decentrale Regelgeving (KDER) nu deze geen toegevoegde waarde meer heeft. Daarnaast is uit de toelichting bij de Model Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ een passage geschrapt over de verrekening van de recidiveboete.

Meer informatie