Jurisprudentie Drank- en horecawet

                   >> Naar de VNG Jurisprudentie Databank <<
 



Uitgelicht:


- Geen medewerking ongewenst grootschalige horeca

Gemeentelijk ruimtelijk beleid geeft college de mogelijkheid om geen medewerking te verlenen aan ongewenste grootschalige (horeca)activiteiten.

- Accepteren van verplichte meldingen op grond van de APV onvoldoende

Aan het jarenlang niet optreden van het college tegen het verboden gebruik kan niet het gerechtvaardigd vertrouwen worden ontleend dat het college niet meer tot handhaving zou overgaan. Het accepteren van verplichte meldingen op grond van de APV voor incidentele feesten, is daartoe onvoldoende.

  • LJN: AR5063, JG 05.0008, m. nt. mr. ing. A.L. Esveld 

- BEM! niet ontvankelijk.

Horecaondernemers hebben 1 januari 2000 de stichting Bevordering Eerlijke Mededinging horeca-activiteiten (BEM!) opgericht om oneerlijke concurrentie in de horeca te bestrijden. Horecaondernemers zetten BEM! in om oneerlijke mededinging door paracommerciële inrichtingen (verenigingen, buurthuizen etc.) tegen te gaan. BEM! is speciaal voor (het uitdelen van waarschuwingen en) het voeren van processen opgericht omdat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bepaalde (onder meer in zijn uitspraak van 19 februari 1996, nr. R03.93.2171, AB 1996/241) dat de landelijke vereniging Koninklijk Verbond van Ondernemers in het Horeca- en Aanverwante Bedrijf ‘Horeca Nederland’ te Woerden niet ontvankelijk was. De Afdeling constateert nu (22-05-2002, 200103867/1) dat het doel van BEM! op zichzelf voldoende specifiek is, maar dat de belangen die BEM! wil behartigen toch plaatselijke of hooguit regionale kwesties betreffen. Dat kunnen de horecaondernemers volgens de Afdeling zelf wel doen, ook al vrezen zij eventuele repercussies. BEM! is volgens de Afdeling daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard.