Waarom in Schagen de burgemeester bestuurlijk trekker is van de Omgevingswet (dec. 2017)

Nieuwe wettelijke instrumenten, een grootscheepse informatievoorzieningsoperatie en anders gaan werken. De invoering van de Omgevingswet is een flinke kluif voor gemeenten. Hoe doen ze dat?

De VNG volgt Mirjam Smakman, programmamanager Omgevingswet in de gemeente Schagen. Deze keer is ook burgemeester Marjan van Kampen bij het gesprek. Want, in Schagen is zij de bestuurlijk opdrachtgever voor de invoering van de Omgevingswet.

Mirjam, het was jouw idee om niet de wethouder ruimtelijke ordening, maar de burgemeester te vragen om opdrachtgever te zijn voor het programma. Waarom wilde je dat?

Omdat de Omgevingswet de hele organisatie raakt. Het programma is breed. Het gaat om vier opgaven: beleid en regelgeving, houding en gedrag, digitalisering en organisatie en processen. Ruimtelijke ordening is een onderdeel. Ook inhoudelijk gaat het over verschillende beleidsterreinen, niet alleen ruimtelijk, ook sociaal. De bedoeling is om ook de plannen voor het sociaal domein ruimtelijk te vertalen. Net als duurzaamheid, veiligheid en gezondheid.

Ik dacht: ik kom straks bij verschillende wethouders uit, daarom lag het in de rede de burgemeester te vragen.

Daarbij komt dat een geslaagde invoering van de Omgevingswet voor zo’n 80% zal afhangen van zachte factoren, zoals houding en gedrag. Ambtelijk is ook de gemeentesecretaris de opdrachtgever, en niet het afdelingshoofd Ruimte. Het is niet alleen een feestje van de afdeling Ruimte, maar voor de hele organisatie. 

Waarom hebt u er ja tegen gezegd, burgemeester?

De Omgevingswet past in de ontwikkeling van de organisatie. Schagen bestaat in de huidige vorm pas vijf jaar, na de fusie met Harenkarspel en Zijpe. Om inwoners even goed – of liever beter – van dienst te zien, investeren we in onze medewerkers. We sturen erop aan dat medewerkers veel meer in gesprek gaan met mensen. De eerste opgave was het beleid te harmoniseren, vervolgens zijn we mensen gaan trainen om het gesprek te kunnen voeren. Het betekent nogal wat als een inwoner je iets vraagt, en om dan samen te zoeken naar een oplossing. Dit pas goed binnen de Omgevingswet. En zoals Mirjam al aangeeft, is de opgave waar we voor staan breder dan alleen beleidsmatig.

De grootste verandering zit in de manier van werken (cultuuromslag). En dus een logische keuze om te kiezen voor de burgemeester als portefeuillehouder.

Wat betekent een andere manier van werken dan?

Marjan van Kampen: We hebben er bijvoorbeeld voor gekozen om inwoners die een zienswijze indienen niet meteen een formele brief te sturen, maar eerst te bellen en na te gaan of het probleem ook is op te lossen zonder bezwaarprocedure. Dat lijkt simpel, maar het is niet zo gemakkelijk. Zeker niet als je gewend was te zeggen: dit is het beleid, daar zult u het mee moeten doen. Onze medewerkers trainen elkaar ook in het voeren van het gesprek, maar het kost tijd. Langzamerhand worden we er slimmer en sterker in. Als je het vertaalt naar de Omgevingswet, hebben we in houding en gedrag al een flinke omslag gemaakt.

Hebben medewerkers regelruimte om van het beleid af te wijken?

Marjan van Kampen: Tot op zekere hoogte. De insteek van de gemeenteraad en deze coalitie is: ja, tenzij. Maar het blijft voor bestuurders lastig om pas aan het einde iets te mogen vinden.

Met de raad en het college zullen we het gesprek aan moeten gaan over wat we loslaten binnen welke kaders en wat we wel in detail willen regelen.

We zijn geneigd veel te willen regelen, te weten wat goed is voor de burger.

Mirjam Smakman voegt daaraan toe dat dit ook een reden is voor het bestuurlijk opdrachtgeverschap van de burgemeester. De rol van de gemeenteraad verandert door de Omgevingswet, meer sturen op hoofdlijnen, meer loslaten en vertrouwen. Dat heeft raakvlakken met de rol van de burgemeester als voorzitter van de gemeenteraad.

Hoe kijkt de gemeenteraad aan tegen sturen op hoofdlijnen en loslaten?

Marjan van Kampen: In theorie staat de raad er positief tegenover, in de praktijk is het soms lastig. Een voorbeeld is de harmonisatie van het beleid rond sport, accommodaties en subsidies. De wethouder was daarmee al een heel eind op weg. Toch wilde de raad een bijeenkomst houden met alle verenigingen om niet alleen inzicht te krijgen in de uitkomst, maar ook in het proces. Het heeft ons geleerd dat het bij zo’n groot vraagstuk beter is van tevoren met de raad te discussiëren over de kaders.

En de andere bevoegde gezagen in de regio?

Mirjam Smakman: Collega’s hebben de burgemeester gevraagd in gesprek te gaan met de gemeenschappelijke regelingen: de veiligheidsregio, de omgevingsdienst en de GGD.

De gemeenten in de regio staan allemaal voor de vraag wat de Omgevingswet betekent voor de relatie met de gemeenschappelijke regelingen. De diensten zien dat gemeenten bezig zijn met hun visies en dat zij straks ook anders moeten gaan werken. Daar moet over gesproken worden. Bij de omgevingsdienst verandert de praktijk al. Voorheen stuurden wij een aanvraag door en dan reageerde de omgevingsdienst en de gemeente moest het uitleggen aan de initiatiefnemer. Nu zeggen we: kom er eens bijzitten als we aan de voorkant in gesprek gaan om de mogelijkheden te verkennen. Ook het Hoogheemraadschap Noord-Hollands Noorderkwartier is al bezig met een omslag naar ja, tenzij.’

Veel nadruk op houding, gedrag en anders werken. Hoe gaat het intussen met het programma, als je er iets ‘blauwer’ naar kijkt? Is er een roadmap met mijlpalen, dat soort dingen?

Mirjam Smakman: Voor de verschillende opgaven zijn projectleiders aangesteld, zij gaan aan de slag met de projectplannen, inclusief routekaart. Weliswaar is er in Schagen al veel gebeurd in de geest van de Omgevingswet. Maar als je puur programmatisch kijkt, staan we nog aan het begin.

Na de gemeenteraadsverkiezingen gaan we echt knallen. Dat is trouwens ook een goede reden om de burgemeester te vragen als bestuurlijk opdrachtgever. Het is een langjarig programma, de burgemeester is in het gemeentebestuur de meer constante factor.