RES en Elektriciteit: wijzigingen t.o.v. conceptversie

Een overzicht van de wijzigingen (op hoofdlijnen) in het Klimaatakkoord dat het kabinet op 28 juni jl heeft gepresenteerd, t.o.v. de conceptversie. Voor een volledig overzicht van alle maatregelen kunt u terecht op www.klimaatakkoord.nl

Het Nationaal Programma RES (NPRES), dat op 1 januari 2019 is gestart, is van start. Dit programma vormt feitelijk het scharnierpunt tussen het Klimaatakkoord en de regio, en faciliteert regio’s met kennis en capaciteit om tot een gedragen RES te komen en de uitvoeringskracht te vergroten. Het nationaal programma is een samenwerking van regio’s, Rijk, koepels, energiepartijen en maatschappelijke partners en biedt een platform voor uitwisseling van kennis en ervaring kansen en knelpunten.

  • In de tekst van het Klimaatakkoord zijn data vastgelegd waarop de concept RES (juni 2020) en RES 1.0 (maart 2021) opgeleverd moeten worden.
  • De conceptversie van de RES zal, zoals eerder in het Klimaatakkoord opgenomen, worden aangeboden aan het PBL om te bezien of de in alle RES-en geformuleerde plannen optellen tot het bereiken van de nationale doelstelling van 35 TWh van weersafhankelijk hernieuwbaar op land. Mocht dat niet het geval zijn dan hebben decentrale overheden tussen 1 juni en 1 oktober 2020 de tijd de restopgave onderling te verdelen.
  • Om voor die tijd de vergunningen te kunnen verlenen heeft de Sectortafel Elektriciteit laten opnemen dat er na indienen van de concept RES-en al zoveel mogelijk gestart wordt met verwerken van RES in omgevingsbeleid.
  • De RES-gebieden hebben dan tot 1 maart 2021 om aanvullend op de concept-RES de definitieve RES, inclusief de restopgave, vast te stellen. Medio 2021 is het merendeel van deze RES-en verwerkt in het omgevingsbeleid.
  • De datum voor vergunningverlening voor energieprojecten is niet opgeschoven, omdat de doelstelling staat op 2030. Op 1 januari 2025 behoren daarom alle te realiseren projecten te zijn vergund, zodat deze projecten nog in aanmerking kunnen komen voor de SDE++ in 2025.
  • De analysekaarten met daarin de mogelijkheden voor duurzame energie en warmte per regio worden geüpdatet. Per 1 oktober 2019 komt er een 2.0 versie met hierin verwerkt de gegevens die recentelijk zijn verzameld voor het Expertise Centrum Warmte door PBL/RVO voor de leidraad. Ook wordt het mogelijk om te rekenen met een groter type windmolen. Voor vragen is er een aparte helpdesk. Meer over deze viewer op www.npres.nl
  • De huidige salderingsregeling wordt voortgezet tot en met 2022. Vanaf 1 januari 2023 wordt deze omgevormd tot een nieuwe fiscale regeling. De fiscale stimulans wordt hierbij stapsgewijs afgebouwd omdat de verwachting is dat de kosten van zonnestroom zullen dalen en er steeds minder stimulering nodig is voor kleinschalig zon. Volgens de huidige inzichten is na 2030 geen stimulering meer nodig voor zonnepanelen bij consumenten. De stimulering zal dan ook richting 2030 afgebouwd worden. 

Financiën

Het Rijk stelt voor 2019-2021 jaarlijks € 22,5 miljoen ter beschikking voor ondersteuning van het NPRES. Daarvan wordt € 5 miljoen benut voor de programma-organisatie en de ontwikkeling van data-infrastructuur en kennis. € 15 miljoen is beschikbaar voor ondersteuning van de dertig regio’s. Verder is € 2,5 miljoen gereserveerd voor de participatiecoalitie (ODE, NMF, etc.) om concrete bijdragen te kunnen leveren aan de RES’en.