Overzicht veelgestelde vragen over Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Hieronder treft u de categorieen aan met vragen en antwoorden binnen het betreffende dossier. U kunt deze openklappen en lezen door op een categorie/vraag te klikken.

Het Rijk heeft een implementatietraject ingericht waarin VNG, GGZ Nederland en andere ketenpartners deelnemen. Dit traject is vooral gericht op de keteninformatie en op de communicatie. Verschillende werkgroepen, zoals de werkgroep Verkennend Onderzoek (zie boven), werken de onderdelen die nodig zijn voor de implementatie uit.

De VNG houdt contact met de belangrijkste gemeentelijke stakeholders zoals de Regioburgemeesters, de stuurgroep zorg- en veiligheidshuizen, het genootschap van burgemeesters en het netwerk van centrumgemeenten maatschappelijke opvang. Inzet is om de communicatie zowel richting Rijk als richting gemeenten eenduidig in te richten. Binnen de VNG is Ico Kloppenburg het eerste aanspreekpunt. Communicatie kan lopen via José Havik (José.Havik@vng.nl).

Het ketenbureau van VWS, JenV en VNG organiseert diverse ontwerpbijeenkomsten zowel over de inhoud als over de keteninformatisering. Mocht u interesse hebben om deel te nemen aan een van deze ontwerpsessies dan kunt u zich aanmelden bij José.Havik@vng.nl.

Voor vragen kunt u terecht bij:

 

Het ketenbureau (ingesteld door VWS en JenV) bereidt besluiten voor die in de Bestuurlijke Ketenraad (verder BKR) worden genomen. In de BKR zitten alle ketenpartijen en is de VNG vertegenwoordigd door burgemeester Peter de Koning (Gennep) en wethouder Bert Frings (Nijmegen).

Per 1 januari 2020 wordt de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ingevoerd. Op 23 januari jl. is het besluit hierover in de Eerste Kamer genomen. De wet biedt handvatten om meer ambulant en preventief hulp te bieden aan mensen met geestelijke problemen die niet vrijwillig in zorg gaan.

De ondersteuning van de VNG is tweeledig. Enerzijds voert de VNG (nog) bestuurlijk overleg met het ministerie over de financiële en praktische implicaties van de wet. Het betreft immers volgens ons voor een deel een nieuwe taak voor gemeenten. Voor het belangenbehartigingsonderdeel is er een ambtelijke werkgroep actief die de onderhandelingsdelegatie van VNG ondersteunt. Mocht u willen deelnemen aan deze werkgroep dan kunt u zich opgeven bij José.Havik@VNG.nl

Anderzijds ondersteunt de VNG gemeenten bij de implementatie. Die ondersteuning wordt op dit moment ingericht en de producten die gemaakt moeten worden, worden geïnventariseerd. Daarvoor komt er op deze plek een implementatieplan, dat bestaat uit een inhoudelijk deel en een ICT gedeelte. VNG stelt op korte termijn een projectleider aan waar gemeenten terecht kunnen met vragen over de inrichting van het implementatietraject.

De wet heeft beleidsmatig en organisatorisch gevolgen voor gemeenten. Het gaat daarbij onder andere om:

  1. een aanpassing van de rol van de burgemeester
  2. het opvangen en doorgeleiden van meldingen
  3. gewijzigde informatiedeling met ketenpartners

 

1 - Rol van de burgemeester

Nieuw in de wet is dat de burgemeester iemand aan wie hij een maatregel oplegt in staat moet stellen om zo mogelijk te worden gehoord. Hoe gemeenten dit vorm moeten geven, is onderwerp van gesprek in de werkgroep Verkennend Onderzoek.

2 - Opvangen en doorgeleiden van meldingen

Nieuw is dat iedereen zijn zorgen over een medeburger bij de gemeenten moet kunnen melden en dat de gemeente die melding ook moet onderzoeken en tijdig afhandelen.

Wetsartikel 5.1

Artikel 5:1 van de Wvggz luidt als volgt:
Het college van burgemeester en wethouders draagt zorg voor het in behandeling nemen van meldingen betreffende personen voor wie de noodzaak tot geestelijke gezondheidszorg zou moeten worden onderzocht, het verrichten van onderzoek naar die noodzaak, het informeren van degene die een melding heeft gedaan en het zo nodig indienen van een aanvraag voor de voorbereiding van een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de officier van justitie.

3 - Gewijzigde informatiedeling

Belangrijke partijen met wie de gemeente voor deze wet samen moet werken zijn de GGZ, het OM en de politie. Een landelijk ketenbureau brengt, samen met alle ketenpartners, de informatieproducten tussen alle partijen in kaart. Een aantal gemeenten werkt hier ook aan mee.

Daarnaast is nieuw dat de zorgaanbieders op grond van de nieuwe wet moeten nagaan of voldaan is aan de essentiële voorwaarden om terug te keren in de samenleving, als iemand ontslagen wordt uit de verplichte ggz.