Thema 5. Oppakken, doen en doorgaan

Waar gaat het over?

Hoe kunnen lokale en regionale vernieuwingen in de aanpak van kindermishandeling het best worden ingericht en uitgevoerd? Hoe kunnen de opgeleverde resultaten en opgedane ervaringen goed geborgd worden? En wat is daarin belangrijk voor wat betreft de rol, positie en kwaliteiten van de projectleider?

Aanpak

Inrichten en uitvoeren

  • Een wethouder was bestuurlijk trekker van een Collectief.
  • Een projectleider of projectregisseur heeft samen met lokale en regionale partijen (in ieder geval zorg, onderwijs en justitie) – bottom-up – een verbeteragenda opgesteld en uitgevoerd. Het opstellen van de verbeteragenda is een proces waar ruim de tijd voor genomen moet worden.
  • Er is gefocust op enkele thema’s. Professionals kregen veelal zelf ruimte om inhoudelijke verbeteringen voor te stellen.
  • Het stond de Collectieven vrij om een (aparte) projectleider aan te stellen.

Borgen en continueren

Alle zes Collectieven zullen hun aanpak in 2017 en daarna voortzetten. Zij doen dit op verschillende wijze. Hieronder een greep uit de voorgenomen acties.

Amsterdam
In Amsterdam en de vijf omringende gemeenten vindt borging plaats in de 'Regioaanpak huiselijk geweld en kindermishandeling: op weg naar duurzame veiligheid, 2015 – 2020'. Inzet: verbetering van de intersectorale samenwerking bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling door het verminderen van het aantal hermeldingen bij Veilig Thuis.

Dordrecht
De opbrengsten van het Collectief worden verder opgepakt in de Sociale Ontwikkelagenda.
Acties 2017 en verder:

  • Invoering Ouder-Kind coaches. Een nieuwe functie, waarmee de verbinding vanuit het wijkteam wordt gelegd door wijkteamprofessionals die primair in de school werkzaam zijn. Zij brengen hiermee specifieke expertise mee rondom dit thema. Een soortgelijk traject wordt ontwikkeld voor de doelgroep 0-4 jarigen.
  • (Door) Ontwikkeling van een lokale aanpak op: Expertise onderwijsprofessionals, Kwetsbare zwangeren, Vechtscheidingen en Ketensamenwerking

Friesland
De ontwikkeling van een solidaire gemeenschap krijgt in het lokale veld een vervolg door:

  • In de overige gebieden binnen de gemeenten én in het ‘Actieplan huiselijk geweld en kindermishandeling’ van Leeuwarden en Weststellingwerf wordt de doorontwikkeling van de opgerichte werk-leergemeenschappen en de start van nieuwe werk-leergemeenschappen opgenomen. Doel: Betrekken van bewoners bij de solidaire gemeenschap.
  • Train-de-trainer. Trainingen door de ontwikkelaars aan nieuwe procesbegeleiders van de werk-leergemeenschappen.  
  • De ontwikkelde handleiding wordt binnen de Friese gemeenten verspreid voor uitrol van werk-leergemeenschappen in de provincie Friesland.

Tips voor gemeenten

Inrichten en uitvoeren

  • Zorg voor bestuurlijk draagvlak bij de wethouder(s) jeugd, onderwijs en zorg, en stem af met de burgemeester (bijv. in lokale driehoek, vanwege openbare orde en veiligheid).
  • Bed de opdrachtgeversrol van gemeenten naar Veilig Thuis in. Hierdoor kan beter gestuurd worden op de samenwerking tussen Veilig Thuis en de overige partners in de keten, en kunnen hierover afspraken gemaakt worden. Heb hierbij aandacht voor transformatievragen als: ‘Wat kan Veilig Thuis in de adviesfunctie betekenen voor de andere partners in de gezamenlijke aanpak?’
  • Toets de afspraken die in werkgroepen of overleggen tussen professionals worden gemaakt op draagvlak binnen de betreffende organisaties. Het is nodig om naast professionals ook managers en bestuurders te betrekken, zodat afspraken daadwerkelijk worden vastgelegd en uitgevoerd.

Borgen en continueren

  • Pas acties voor een betere lokale aanpak van kindermishandeling in binnen bestaand beleid, niet als een (losstaand) project.
  • Beleg duidelijk taken en verantwoordelijkheden om de verbeteringen in stand te houden. Bijvoorbeeld de onderwijsbesturen in Arnhem bedden de scholing aan leerkrachten in binnen hun scholingsprogramma.

Positie en kwaliteiten van de projectleider

  • Wat betreft aansturing, borging en inbedding in het gemeentelijk beleid is de beste optie om het projectleiderschap van een project à la de Collectieven bij een ervaren beleidsambtenaar te beleggen. In de Collectieven bleek dat borging van de opbrengsten voor een externe projectleider moeilijker is. Op het moment dat de projectleider vertrokken is, kan hij/zij zich niet meer hard maken voor de borging.
  • Een externe projectleider kán ook goed werken, maar hij/zij heeft een bestaand sterk netwerk nodig t.b.v. het interne draagvlak, het commitment van de bestuurders van betrokken organisaties, en de betrokkenheid van en verbinding met de gemeente.

Meer voorbeelden

Meer voorbeelden vindt u in het uitgebreide rapport dat 20 februari 2017 gepresenteerd werd.