Reactie Jan van Zanen op kabinetsbrief Jeugdzorg en GGZ

‘Dankzij de inzet van vele vertegenwoordigers van gemeenten en de VNG is het kabinet tot het inzicht gekomen om de komende jaren zoveel mogelijk tegemoet te komen aan de wens om onze inwoners niet de dupe te laten worden van de tekorten in de jeugdzorg.'

Zo reageert VNG-voorzitter Jan van Zanen op de brief van het kabinet aan de Tweede Kamer en de VNG over de jeugdzorg en de GGZ. De brief is een antwoord op de woensdag 8 mei verschenen open brief en oproep van gemeenten over de tekorten in de jeugdzorg en GGZ.

Op agenda ALV

De VNG bespreekt het antwoord van het kabinet met de leden tijdens de Algemene Ledenvergadering, volgende week woensdag (5 juni) in Barneveld. Zie:

Onderzoek naar structurele compensatie

Van Zanen: 'Gemeenten krijgen in 2019 € 420 miljoen, in 2020 € 300 miljoen en in 2021 € 300 miljoen. Dit geeft gemeenten, zeker in het eerste jaar, wat lucht. Het kabinet zegt hier echter geen structureel karakter aan te kunnen geven. Dat is zeer teleurstellend. Wel is het kabinet bereid in te stemmen met een, onder gezamenlijk opdrachtgeverschap, nader onderzoek (over de periode 2015-2019) om te bepalen welke structurele compensatie nodig is, met daaraan gekoppeld een arbitrage.'

Meerjarendekking jeugd in gemeentebegroting

'Daarnaast zal het kabinet de provinciale toezichthouders een richtlijn geven zodat gemeenten een meerjarendekking in de begroting kunnen opnemen voor de uitgaven jeugd. De druk om op andere voorzieningen te bezuinigen wordt hiermee verlicht.'

Geld voor GGZ

Het kabinet stelt in de Voorjaarsnota geld beschikbaar voor de GGZ: de reeks loopt op van  € 50 miljoen in 2019 tot € 95 miljoen in 2022 en wordt daarna structureel. De doelstelling voor ambulantisering wordt verlaagd van 20% naar 10% en passend gemaakt bij het overeengekomen gemeentelijke budget. Van Zanen:

'Niet alleen wordt zo de druk op de wijken door instroom van kwetsbare mensen verminderd, ook worden gemeenten zo in staat gesteld de ondersteuning te bieden voor cliënten die met begeleiding gaan wonen. Er zullen nadere afspraken worden gemaakt met betrekking tot de randvoorwaarden en uitvoering van het hoofdlijnenakkoord.'