CvdR steunt inspaningen Nederlands voorzitterschap

Het Europees Comité van de Regio’s (CvdR) heeft zijn steun uitgesproken voor de inspanningen van het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie, in het bijzonder voor de inzet voor een Europese stedelijke agenda.

Het CvdR sprak zijn steun uit tijdens zijn plenaire vergadering van 10 februari jl. in Brussel waarin vooral werd ingezoomd op de stedelijke agenda en het Europese cohesiebeleid.

Urban proof

Minister Ronald Plasterk van BZK heeft in die vergadering de prioriteiten van het Nederlands voorzitterschap toegelicht. Hij richtte zich daarbij vooral op het belang van een stedelijke agenda op Europees niveau.

Minister Plasterk: ‘De Europese stedelijke agenda moet de bijdrage van steden aan Europese doelstellingen vergroten. De agenda moet leiden tot een betere afstemming tussen Europese en nationale beleidsmaatregelen die duidelijke gevolgen hebben voor Europese steden. Betere regelgeving, betere toegang tot subsidies en betere mogelijkheden tot kennisuitwisseling moeten zorgen voor een beleid dat meer urban proof is.’

Recht doen aan lokale dimensie

Wat betreft de voorzitter van het CvdR, Markku Markkula, is het plan voor een nieuwe stedelijke agenda zeer welkom: ‘Alle bestuurslagen willen al langer werken aan en investeren in duurzame steden, maar er is nog geen sprake geweest van samenhang in het EU-beleid. De Nederlandse regering probeert de Europese wetgeving dusdanig te verbeteren dat deze recht doet aan de lokale dimensie en beleidsterreinen overstijgt. Dit moet gebruikt worden als model voor de toekomst.’

Het CvdR heeft onlangs benadrukt dat de stedelijke agenda van de EU verder moet gaan dan hechtere samenwerking en het uitwisselen van praktijkvoorbeelden. Volgens de assemblee van lokale en regionale overheden is het voor steden van groot belang dat de regelgeving voortaan anders tot stand komt.

Cor Lamers (NL/EVP), hoofd van de Nederlandse delegatie in het Europees Comité van de Regio's en burgemeester van Schiedam, vult aan met: ‘Het gaat niet om meer of minder regels en wetten, maar om betere regelgeving.’

Inzetten op toegevoegde waarde

Bas Verkerk (NL/ALDE), voormalig rapporteur van het Comité over de Europese stedelijke agenda en burgemeester van Delft, richtte zijn aandacht op het Europese cohesiebeleid: ‘Het is tijd om tot een echte integrale gebiedsgerichte benadering te komen met een eenduidige set aan regels en voorschriften. Een monofonds voor het EU-cohesiebeleid is hiervoor misschien een oplossing. Met het oog op het budget na 2020 moeten we beter inzetten op de toegevoegde waarde van de Europese investeringen.’

Holistische benadering

‘Mijn fractie ziet graag een lokale en regionale strategie die een meer holistische benadering van zowel stedelijke als landelijke gebieden laat zien,’ aldus Rob Jonkman (NL/ECR), wethouder in Opsterland en lid van de VNG-commissie Europa en Internationaal.

'We moeten voorkomen dat een nieuw gefragmenteerd beleid wordt gecreëerd, we moeten gaan voor een ‘one-stop-shop-benadering van het cohesiebeleid als geheel. Ook moeten we de openbare aanbestedingen blijven monitoren. Het is belangrijk dat Europees geld efficiënt en correct wordt besteed.’

Pact van Amsterdam

De stedelijke agenda van het Nederlandse voorzitterschap gaat uitmonden in het Pact van Amsterdam, dat de EU-ministers eind mei moeten goedkeuren.

Het CvdR stelt in april zijn visie op de stedelijke agenda vast zoals die is uitgewerkt door Hella Dunger-Löper (DE/PSE). Op die manier draagt het CvdR bij aan het ‘EU-forum over de stedelijke agenda’ in Amsterdam, dat het CvdR organiseert samen met de VNG, het Interprovinciaal Overleg (IPO), de gemeente Amsterdam en de provincie Noord-Holland.

Meer informatie