Gemeenten dragen bij aan structurele financiering GDI

Gemeenten gaan vanaf 1 januari 2018 met de andere gebruikers van de GDI-voorzieningen op basis van het profijtbeginsel bijdragen aan de kosten van het gebruik van de voorzieningen van de Gemeenschappelijke Digitale Infrastructuur (GDI). Dit is op 24 februari 2017 besloten door de ministerraad.

De financiële gevolgen voor gemeenten zijn op dit moment nog niet geheel te overzien, omdat de prognoses van het gebruik en de te verwachte kosten nog niet meerjarig voor alle GDI-voorzieningen in beeld zijn. Duidelijk is wel dat vanaf 2018 voor DigiD, Mijnoverheid berichtenbox voor burgers en DigiPoort een structureel tekort is geraamd van € 93,6 miljoen. Voor de overige voorzieningen is in dat jaar voldoende dekking beschikbaar.

Op basis van de door de ministerraad vastgestelde verdeelsystematiek moeten gemeenten in 2018, op basis van gebruikscijfers 2016, ongeveer € 20 miljoen bijdragen. Een definitieve berekening volgt nog.

Forse administratieve last

Met de wijze van doorbelasting waartoe nu is besloten wordt naar verwachting een forse administratieve last gecreëerd. Ook is de beleidsdoelstelling van stimuleren van gebruik ondergeschikt geraakt aan het kostenbewustzijn. De VNG heeft zich dan ook verzet tegen deze vorm van doorbelasting, die in de huidige methodiek ook onevenredig zwaar uitpakt voor de kleine gebruikers waaronder groepen van gemeenten. Meebetalen aan de e-Overheid met name aan de GDI is voor ons vanzelfsprekend, maar kan op een manier die dichter bij de doelstellingen van de GDI blijft.

Compensatieverzoek

Omdat hier sprake is van een koerswijziging in de financiële verhoudingen hebben wij een compensatieverzoek aangekondigd bij het ministerie van BZK.