Jeugdzorgcijfers, macrobudget en kengetallen

Jeugdbudgetten

Het is lastig dat gemeenten concrete afspraken met aanbieders moeten maken, terwijl de jeugdbudgetten pas in mei 2014 definitief worden. Het budget per gemeente zou in de Meicirculaire fors kunnen afwijken van de decemberstand. Daarom hebben in december 2013 gemeenten en Rijk nieuwe afspraken gemaakt over het jeugdbudget in 2015. Het Rijk garandeert dat individuele gemeenten bij de Meicirculaire 2014 minimaal 95% van het budget krijgen, dat hen in december 2013 is toegezegd. Met andere woorden, de budgetten mogen niet meer dan 5% naar beneden afwijken.

Zie ook


Invoeringskosten

Gemeenten en Rijk hebben afspraken gemaakt over financiën. Gemeenten krijgen in 2014 € 32 miljoen erbij om zich voor te bereiden op hun nieuwe taken. Tot op heden was er € 7,75 miljoen beschikbaar. De VNG had hier al enige tijd op aangedrongen, omdat het zwaartepunt van de voorbereidingen van gemeenten voor de transitie jeugdzorg in 2014 ligt.

Meer informatie

Zie ook

Wat is het verschil tussen invoerings- en uitvoeringskosten?  

  • Invoeringskosten zijn kosten die gemaakt worden bij de invoering van nieuwe taken: deskundigheidsbevordering, organisatiekosten etc.
  • Uitvoeringskosten hebben betrekking op de uitvoering als de taken daadwerkelijk gedecentraliseerd zijn.

Uitvoeringskosten 

In de bestuursafspraken 2011-2015 hebben VNG en Rijk afspraken gemaakt over de manier waarop binnen de decentralisatie jeugdzorg omgegaan wordt met uitvoeringskosten. Hoe zit dat ook alweer precies? In onderstaand bericht zetten we dat even op een rij.


Jeugdmonitor CBS

De Jeugdmonitor van het CBS geeft gemeenten inzicht het aantal jeugdigen per zorgvorm. CBS heeft de monitor geactualiseerd en de cijfers zijn gebruikt voor de nieuwe stand van de jeugdbudgetten. Elke gemeente kan de lokale gegevens opzoeken in Jeugdmonitor. U vindt er informatie over het aantal jeugdzorgcliënten, de jeugdzorgvoorzieningen en het soort gebruik of indicatie.


Vektis-cijfers over AWBZ en Jeugd-GGZ

Er is actueel cijfermateriaal bekend over het huidige zorggebruik in de AWBZ en jeugd-GGZ. Het gaat om geanonimiseerde gegevens op het 4-cijferige postcodeniveau. Met deze gegevens kunt u als gemeente 1) een analyse doen van de opgave na 2015 en 2) u krijgt zicht op het aantal mensen dat nu AWBZ en Jeugd-GGZ zorg gebruikt.


Cijfers Jeugdzorgplus

De cijfers van Jeugdzorgplus die staan in de landelijke jeugdmonitor van het CBS en de budgetten die daarop zijn gebaseerd in de meicirculaire 2013 vergen verbetering. Het budget per gemeente dat in de meicirculaire 2013 is opgenomen, is een goede eerste indicatie. Het exacte bedrag dat uw gemeente in 2015 ontvangt, vindt u in de meicirculaire 2014. Om toch zelf een verbeterd bedrag te kunnen benaderen, kunt u de aantallen cliënten eind 2013 uit de landelijke Jeugdmonitor en het (dan aangepaste) gemiddelde bedrag per zorgvorm voor de jeugdzorgplus uit de toelichting van Cebeon en het SCP op de verdeling 2015 erbij nemen.


Jeugdzorgcijfers per gemeente

Hoeveel kinderen in uw gemeente maken jaarlijks gebruik van de verschillende vormen van jeugdzorg? U heeft die cijfers nodig om te weten wat de decentralisatie jeugdzorg concreet betekent. In oktober 2012 stelde VWS factsheets beschikbaar, die per gemeente een beeld schatten.

Facstheets


Macrobudget

Hoger budget voor invoeringskosten
Gemeenten en Rijk hebben afgesproken dat gemeenten in 2014 € 32 miljoen erbij krijgen om zich voor te bereiden op hun nieuwe taken. De VNG had hier al enige tijd op aangedrongen, omdat het zwaartepunt van de voorbereidingen van gemeenten voor de transitie jeugdzorg in 2014 ligt.

Budget jeugd-GGZ gemeenten 20% verhoogd
Bij het opstellen van de regionale afspraken tussen gemeenten en zorgaanbieders bleek in de afgelopen maanden dat er regelmatig een aanzienlijk verschil zat tussen het budget per gemeente voor 2015 en de huidige budgetten van zorgaanbieders. Een belangrijke oorzaak van dat verschil is het budget dat bestemd is voor de GGZ-behandeling van ouders in relatie tot de problematiek van kinderen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor deze zorg vanaf 2015. Maar het budget voor deze zorg was nog niet meegenomen in de budgetraming. Dat is nu geregeld met de ophoging van zo’n 20%.

Ontschot decentralisatiebudget voor 3 D's
De miljarden euro’s die straks bij de decentralisaties werk, jeugd en langdurige zorg naar gemeenten gaan, worden zonder beperkingen naar het Gemeentefonds overgeheveld. Gemeenten krijgen beleidsvrijheid om het beschikbare geld voor de decentralisaties werk, jeugd en langdurige zorg te besteden

Rekenkamer: geen goede cijfers
Volgens bestuursafspraken tussen VNG en Rijk wordt het over te hevelen macrobudget vastgesteld volgens bepaalde rekenregels. De Algemene Rekenkamer heeft getoetst of deze rekenregels goed gevolgd zijn. Op enige  onzekerheden en onnauwkeurigheden na vindt de VNG dat het Rijk het macrobudget acceptabel heeft vastgesteld. Wel heerst er nog veel onzekerheid over het definitieve macobudget.

Regeerakkoord & financiën jeugdzorg
De financiële randvoorwaarden zijn sterk verslechterd. Zo is de eerdere korting van het budget met  € 300 miljoen vanaf 2017, zonder nadere onderbouwing opgehoogd met nog eens € 150 miljoen. De totale korting komt daarmee op circa 15% van het totale budget. Dit komt naast de bezuinigingen die de komende jaren voor de overheveling al worden doorgevoerd. De grotendeels oninbare eigen bijdrage van  € 70 miljoen voor jeugd is gelukkig van tafel. Het regeerakkoord maakt echter niet duidelijk of dit bedrag onderdeel uitmaakt van de extra korting van  € 150 miljoen, of dat dit bedrag er nog additioneel bovenop komt.

Meer informatie

Gemeenten hebben informatie nodig
Gemeenten hebben een grote behoefte aan informatie over de aantallen cliënten, vraagontwikkeling, de kosten van de zorg, de financiële middelen en de verdeling daarvan. Dit is een essentiële randvoorwaarde voor een succesvolle decentralisatie van de jeugdzorg.


Risico-onderzoeken

Een ambtelijke werkgroep vanuit VNG, IPO en Rijk heeft met alle partijen een eerste inventarisatie gemaakt naar de risico’s en mogelijke beheersmaatregelen in de transitiefase van de jeugdzorg. Hun rapport 'Verantwoord over de drempel' is een eerste inventarisatie, er volgen drie vervolgonderzoeken.

Het rapport bevat een inventarisatie van de risico’s die door alle betrokken partijen zijn genoemd. Dit houdt in dat deze risico’s nogal verschillen in aard en omvang en nog niet zijn onderzocht op kans, impact en realiteitszin. Daarom kwamen er drie vervolgonderzoeken om gedetailleerde informatie te krijgen.

Deze vervolgonderzoeken leverden in mei 2013 het rapport 'Arbeidsmarkteffectonderzoek transitie jeugdzorg' op. Dit rapport geeft meer inzicht  in de mogelijkheden om frictiekosten te beperken en in de beheersmaatregelen die de risico’s verkleinen.

Meer informatie


Huidige financiering jeugdstelsel

De zorg voor kinderen en opvoeders wordt in het huidige stelsel gefinancierd door diverse partijen.

  • De gemeenten via een uitkering in het Gemeentefonds voor de taken die gebundeld zijn onder de noemer Centra voor Jeugd en Gezin (jeugdgezondheidszorg, opvoed- en opgroeiondersteuning).
  • De provincies en stadsregio’s via een provinciale doeluitkering voor de taken van de Bureaus Jeugdzorg en het zorgaanbod en via een PxQ-financiering voor jeugdbescherming en jeugdreclassering.
  • Het Rijk voor de gesloten jeugdzorg (JeugdzorgPlus, tot 2013).
  • De Zorgverzekering voor geestelijke gezondheidzorg voor jeugdigen (jeugd-GGZ).
  • De AWBZ-gefinancierde zorg voor jeugdigen met een licht verstandelijk beperking (jeugd-LVB) en de persoonsgebonden budgetten voor jeugd-GGZ en jeugd-LVB.

De financiering komt straks volledig bij de individuele gemeenten te liggen. Zij worden verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdzorg als beleidsmaker, opdrachtgever, uitvoerder èn financier.

Wettelijke grondslag
Aan deze financieringstromen liggen verschillende wetten ten grondslag: de Wet Publieke Gezondheid, Wmo, Wet op de Jeugdzorg, Zorgverzekeringswet, AWBZ en Kinderbeschermingswet.