Onderzoek naar vrijwilligers in de bibliotheek

Vrijwel alle bibliotheken zetten vrijwilligers in aanvullend op de inzet van professionals. Onderzoek van het A&O-fonds BibliotheekWerk laat zien dat ze actief zijn als taalmaatje, in voorlezen en het geven van digitale cursussen, in het logistieke proces en als gastvrouw.

Het rapport geeft aanbevelingen hoe het vrijwilligersbeleid te versterken. Vanaf 19 april komen bibliotheken in aanmerking voor een gratis Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor hun vrijwilligers.

Gemiddeld 110 vrijwilligers

De meeste bibliotheken werken met vrijwilligers die rechtstreeks aan de bibliotheekorganisaties verbonden zijn. Gemiddeld zijn er per bibliotheek 110 van dit type vrijwilliger aanwezig. Bibliotheken zetten vrijwilligers in om de dienstverlening uit te breiden en nieuwe projecten als het Taalhuis op te pakken. Daarnaast wordt de maatschappelijke functie genoemd. Werving van vrijwilligers is meestal niet zo’n probleem. Vrijwilligers die digitale trainingen willen geven zijn wel lastiger te vinden.

Inbedden

De cao Bibliotheekwerk bepaalt dat een aantal taken door professionals moet worden uitgevoerd. Uit het onderzoek komt naar voren dat de taakafbakening of het samenspel tussen de beroepskracht en de vrijwilliger aandacht nodig heeft. Een manier om dit aan te pakken is de vrijwilligers volledig in te bedden in de organisatiestructuur en te betrekken bij overleggen en uitjes. Opleiding is nodig om vrijwilligers te binden en om de kwaliteit van het werk te borgen. Het rapport adviseert een visie op de inzet te ontwikkelen en in dat kader aan opleiding en begeleiding van vrijwilligers aandacht te besteden.

Gratis VOG

Ook vrijwilligers bij bibliotheken hebben een VOG nodig. De kosten daarvan vormen een hindernis voor de uitbreiding van het aantal vrijwilligers. De Vereniging Openbare Bibliotheken heeft met het ministerie van Justitie afgesproken dat bibliotheken die voldoen aan de voorwaarden, voortaan gratis een VOG kunnen krijgen.

Meer informatie