De WOZ-waarde in het woningwaarderingstelsel

dinsdag 15 december 2015
Ledenbriefnummer: 
Lbr. 15/101

Met ingang van 2016 gaan gemeenten en samenwerkingsverbanden (hierna: gemeenten) WOZ-beschikkingen toezenden aan huurders van woningen. Dit hangt samen met recente wijzigingen in het woningwaarderingsstelsel (WWS). Het aanhaken van een nieuwe regeling op de Wet WOZ is een erkenning voor de goede wijze waarop gemeenten deze taak vervullen, maar het bereiken van zo’n 4 miljoen huurders heeft wel de nodige gevolgen voor de WOZ-praktijk.

Deze ledenbrief gaat - na een korte inleiding over de wijzigingen in de Wet WOZ en het WWS - in op deze gevolgen. Daarbij is gebruik gemaakt van vragen, opmerkingen en suggesties die uit de praktijk naar voren zijn gekomen, met name ook tijdens een recente brainstormbijeenkomst.

Gebleken is dat de nieuwe regelgeving een aantal knelpunten met zich brengt; zoveel mogelijk geven wij duiding en een handreiking hoe daarmee in de uitvoering om te gaan. In een aantal gevallen zal de wetgever nadere duidelijkheid moeten verschaffen.

Voor grote groepen verandert er overigens niets (eigen-woningbezitters, niet-woningen). Veranderingen betreffen met name de huursector. Het WWS, ook wel het puntensysteem genoemd, is een systeem om de maximale huurprijs voor woningen in de gereguleerde huursector te bepalen. De maximale huurprijs wordt bepaald door een groot aantal factoren. Eén daarvan is de WOZ-waarde. Met ingang van 1 oktober 2015 speelt die WOZ-waarde een grotere rol. Dat heeft gevolgen voor eigenaren en gebruikers van de woningen. Maar ook voor gemeenten. Die stellen immers de WOZ-waarde ieder jaar vast.