Antwoord op Kamervragen Amendement Omtzigt en advies VNG

Minister Ollongeren (BZK) heeft de vragen beantwoord van Tweede Kamerlid PIeter Omtzigt over zijn eigen amendement dat het OZB-woningtarief mogelijk maakt voor 'instellingen van sociaal belang'. De minister gaat met de VNG op zoek naar mogelijke en wenselijke oplossingen.

Dit gebeurt op basis van een inventarisatie van de VNG van de door gemeenten ervaren knelpunten.

Geen antwoord op korte termijn

De vele vragen en rechtsonzekerheid die deze wetswijziging oproept voor de gemeentelijke uitvoeringspraktijk, worden dus niet op korte termijn beantwoord. De mogelijkheid bestaat zelfs dat er een wetswijziging nodig is om een einde te maken aan de onduidelijkheid. In dat geval is er een wetswijzigingstraject van ongeveer twee jaar nodig. 

Achtergrond

Door het aangenomen amendement van Omtzigt op het Belastingplan 2019 hebben gemeenten de vrijheid gekregen om voor sportaccommodaties, dorpshuizen en andere 'instellingen van sociaal belang' het woningtarief voor de OZB te rekenen in plaats van het vaak hogere tarief voor niet-woningen. Maar de voorgestelde wetswijziging roept veel vragen op die niet eenvoudig te beantwoorden zijn. Voor de gemeentelijke uitvoeringspraktijk wordt de heffing van OZB een stuk ingewikkelder.

Advies VNG

Ons advies aan gemeenten:

  • Het toepassen van tariefdifferentiatie brengt financiële risico’s met zich mee, en kan leiden tot juridische procedures. Omdat de risico’s niet goed te overzien zijn, adviseren we te wachten met het toepassen van tariefdifferentiatie tot er meer duidelijkheid is.
  • Voor het geval het college of de raad voor sportaccommodaties, dorpshuizen en andere 'instellingen van sociaal belang' het woningtarief nu al wil invoeren, adviseren we om bij het raadsbesluit zo duidelijk mogelijk toe te lichten wat de raad onder het woningtarief wil laten vallen en wat niet. Bij een gerechtelijke procedure is dan in ieder geval duidelijk wat de bedoelingen van de gemeentelijke wetgever zijn. Dat neemt de onduidelijkheid in de landelijke wet niet weg, maar geeft de belastingrechter wellicht houvast bij zijn beoordeling.

Meer informatie