Vereenvoudiging beslagvrije voet op de lange baan

In een brief aan de Tweede Kamer meldt staatssecretaris Van Ark dat invoering van de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet binnen de komende twee jaren op problemen stuit. Dit komt door ICT-problemen bij de Belastingdienst en UWV. Aanvankelijk zou de vereenvoudiging op 1 januari 2018 ingaan.

VNG vindt de vertraging zorgelijk, maar is met de staatssecretaris van mening dat een zorgvuldige vormgeving van het proces tot vereenvoudiging van belang is voor een succesvolle implementatie.

Eerste levensbehoeften

De Wet vereenvoudiging beslagvrije voet ondervangt knelpunten in de huidige regeling. De wet wijzigt de:

  • berekeningswijze van de beslagvrije voet
  • de gegevens die daarvoor met verschillende instanties dienen te worden uitgewisseld
  • het uiteindelijke proces tot vaststelling van de beslagvrije voet. 

De beslagvrije voet moet voorkomen dat een te groot deel van het inkomen op gaat aan het aflossen van hun schulden. Er blijft dan te weinig over voor de eerste levensbehoeften. Vereenvoudiging is nodig omdat de huidige regels rond de beslagvrije voet te vaak niet worden gevolgd en hierdoor de bestaanszekerheid van schuldenaren niet langer is gegarandeerd. 

Voor gemeenten van belang

Voor gemeenten is het van belang dat de beslagvrije voet correct wordt vastgesteld en gehanteerd. Vaak wordt de beslagvrije voet te laag vastgesteld, waardoor burgers in problemen kunnen komen. Een eenduidige en eenvoudige vaststelling van de beslagvrije voet, waarbij alle partijen dezelfde rekenregels hanteren is een stap in de goede richting. Daarbij is van belang dat de berekening ook inzichtelijk wordt gemaakt naar de burger. 

Meer informatie