De VNG vraagt de Kamer om de specifieke steunpakketten voor cultuur te verlengen en te borgen dat die steun (ook) terecht komt bij de zzp’ers en makers. Op 22 november behandelt de Kamer het onderdeel cultuur van de OCW-begroting. De VNG brengt daarom de noodzaak van financiële steun onder de aandacht.

Flexwerkers, zzp’ers, kunstenaars en artiesten (inclusief technici en crew) kampen nog steeds met grote onzekerheden bij het produceren van nieuwe voorstellingen en tentoonstellingen. Opdrachten zijn geannuleerd of opgeschort en makers komen vaak niet in aanmerking voor steunmaatregelen. Lege spaarpotten maken investeringen lastig en bemoeilijken zo een nieuwe start. Veel culturele instellingen schrijven mede dankzij de coronasteun ‘zwarte cijfers’ maar de revenuen daarvan komen onvoldoende terecht bij de makers. Daarnaast blijven bezoekers nog weg. Dat geldt ook in de amateurkunstsector, een sector die ook nog eens veel leden heeft verloren.

Schade en herstel

Er is meer tijd nodig om het nieuwe verdienvermogen van de sector te versterken. Hiervoor is continuering van de financiële noodsteun voor de sector noodzakelijk. Naar onze mening rechtvaardigen de huidige ontwikkelingen continuering van de financiële noodsteun én steun voor herstel voor de periode na 1 oktober, tot het moment dat het herstel- en transitiepakket in werking treedt. Er heerst immers nog veel onzekerheid; we zijn de crisis nog lang niet te boven. We zullen de na-ijleffecten en schade in de cultuursector nog tegen komen in 2022 en daarna.

  • Wij vragen om de specifieke steunpakketten voor cultuur te verlengen en te borgen dat die steun (ook) terecht komt bij de zzp’ers en makers.
  • Trek samen met gemeenten op om een herstelplan voor de cultuursector op te stellen en het gesprek over de toekomst van de sector te starten.