De vernieuwde Handreiking Weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau geeft meer uitleg en praktische handvatten bij de 41 maatregelen. Ook zijn voorbeelden uit de praktijk toegevoegd. Gemeenten kunnen met deze update hun lokale aanpak verder vormgeven.

Download de Handreiking weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau 2.0 (pdf, 3,5MB)

6 pijlers vormen kader voor weerbaarheid

Weerbaarheid staat hoog op de bestuurlijke agenda. Gemeenten hebben te maken met verschillende risico’s en mogelijke verstoringen. Denk aan uitval van stroom, telecom of digitale systemen. Of aan een overstroming, hittestress of een hybride dreiging. Dit kan ingrijpende gevolgen hebben voor de veiligheid, de dienstverlening, de openbare orde, zorg en ondersteuning van inwoners.

De vernieuwde handreiking helpt gemeenten om deze opgave in samenhang aan te pakken. De 6 pijlers blijven daarbij het belangrijkste kader. In de update is extra aandacht voor de continuïteit van kritieke processen, de samenhang tussen fysieke en digitale weerbaarheid en de positie van kwetsbare inwoners, locaties en voorzieningen. Ook zijn afspraken met ketenpartners en de voorbereiding op verstoringen die langer dan 72 uur duren verder uitgewerkt.

1. Continuïteit van de eigen organisatie

Gemeenten moeten hun belangrijkste processen zoveel mogelijk kunnen voortzetten als voorzieningen, ICT of personeel uitvalt. De gemeente moet bijvoorbeeld uitkeringen kunnen blijven betalen en de openbare orde blijven handhaven.

2. Crisisorganisatie

Een goede crisisorganisatie zorgt ervoor dat gemeenten tijdens een verstoring snel kunnen handelen. Daarbij zijn onder meer een netwerk van gemeentelijke  noodsteunpunten en samenwerking met de veiligheidsregio belangrijk.

3. Vitale voorzieningen

Gemeenten en inwoners zijn afhankelijk van vitale voorzieningen, zoals energie, telecom, drinkwater, voedselvoorziening en afvalverwerking. Het is belangrijk om afhankelijkheden, verantwoordelijkheden en terugvalopties vooraf in beeld te brengen.

4. Sociaal weefsel

In een sterke lokale samenleving helpen inwoners elkaar tijdens langdurige verstoringen. Gemeenten kunnen dit sociaal weefsel versterken door actief samen te werken met inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers, verenigingen en zorg- en welzijnspartners. 

5. Zelf- en samenredzaamheid van inwoners en organisaties

Inwoners en organisaties kunnen zich voorbereiden op noodsituaties en elkaar helpen. De eerste 72 uur zijn daarbij belangrijk. Gemeenten kunnen lokale initiatieven en bestaande netwerken ondersteunen en met elkaar verbinden.

6. De samenleving als overkoepelend systeem

Gemeenten zorgen ervoor dat democratische processen ook bij langdurige verstoring kunnen worden voortgezet. Dit omvat onder meer de openbare besluitvorming, de controlerende rol van de gemeenteraad, de bescherming en uitoefening van grondrechten, en een toegankelijke en betrouwbare informatievoorziening. Gemeenten hebben daarnaast de publieke gezondheidszorg op orde en borgen de uitvoering van essentiële Wmo- en jeugdhulptaken ten tijde van crisis.

Praktijkvoorbeelden en hulpmiddelen op het Weerbaarheidsplein

De VNG heeft het Weerbaarheidsplein ingericht als centrale plek voor praktische ondersteuning. Hier zijn praktijkvoorbeelden, hulpmiddelen en verwijzingen gebundeld. De beschikbare instrumenten kunnen gemeenten gebruiken voor hun lokale aanpak en voor het gesprek met inwoners en maatschappelijke partners.

Het Weerbaarheidsplein wordt de komende tijd verder aangevuld met nieuwe instrumenten en voorbeelden.

Acties voor college en gemeenteraad

De VNG adviseert college en gemeenteraad om nog in 2026 gezamenlijk 4 afspraken te maken:

  • Breng met de 6 pijlers in beeld waar de gemeente staat. Neem daarin het fysieke, digitale en sociale domein, de bedrijfsvoering en de uitvoerende diensten mee en stel de uitvoerbaarheid centraal. Maak de wederzijdse afhankelijkheden met leveranciers, vitale aanbieders en regionale partners inzichtelijk.
  • Bepaal welke risico’s en gemeentelijke processen als eerste aandacht vragen, welk niveau van voorbereiding passend is en welke capaciteit en middelen daarvoor nodig zijn.
  • Leg vast wat de gemeente zelf organiseert en wat regionaal of landelijk wordt belegd. Laat u via het algemeen bestuur van de veiligheidsregio informeren over bevolkingszorg, noodsteunpunten, aansluiting op landelijke crisisplannen en de verdeling van middelen.
  • Leg vast wie bestuurlijk opdrachtgever is, hoe de gemeentesecretaris de organisatiebrede uitvoering coördineert en hoe college en gemeenteraad de voortgang volgen.

Meer informatie