De VNG steunt het voorstel om de subsidietermijn in de Wet specifiek cultuurbeleid te verlengen van 4 naar 8 jaar. Tegelijk vraagt de wetswijziging om nieuwe bestuurlijke afspraken tussen het rijk, provincies en gemeenten met heldere doelen, rolverdeling en ruimte voor lokaal en provinciaal mandaat vooraf.
Dat laten we weten in onze reactie op de internetconsultatie: Zienswijze VNG op het voorstel tot wijziging van de Wet Specifiek Cultuurbeleid (pdf, 106 kB)
Actualisatie van culturele bestuurskader
Gemeenten en provincies spelen een centrale rol in de uitvoering van cultuurbeleid. De huidige interbestuurlijke afspraken uit 2012 sluiten niet aan bij de voorgestelde wetswijziging. Daarom pleiten we samen met het IPO voor het actualiseren van de afspraken tussen OCW, provincies en gemeenten. Daarbij gaat het om het vastleggen van gezamenlijke doelen, het opnieuw definiƫren van rollen en taken en het maken van procesafspraken over afstemming en samenwerking. Over deze herijking is inmiddels overleg gestart, maar we vinden het noodzakelijk dat dit traject is afgerond voordat de wet in werking treedt.
Doelstellingen expliciet in de wet
De VNG ziet de wetswijziging ook als een kans om het cultuurbeleid meer richting te geven door doelstellingen expliciet in de wet op te nemen. Gemeenten onderschrijven hierbij de doelen van de Raad voor Cultuur, zoals brede toegang tot cultuur, ruimte voor artistieke ontwikkeling en een pluriform aanbod met een sterke verbinding met de samenleving.
Lokaal en provinciaal mandaat
Tot slot benadrukken we dat een langere subsidieperiode op rijksniveau niet automatisch betekent dat gemeenten en provincies dezelfde termijn hanteren in hun cofinanciering. Die afweging blijft onderdeel van het lokale en provinciale politieke mandaat, met oog voor de aansluiting op de lokale en regionale culturele infrastructuur.