De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) adviseert om voor de komende kabinetsperiode voor de normering van het gemeentefonds uit te gaan van vaste volume-accressen die bij de Startnota van een nieuw kabinet volgen uit een brede koppeling aan alle netto rijksuitgaven inclusief investeringsuitgaven.

Een dergelijke normering geeft meer ramingsstabiliteit voor de accressen. Die worden in dat geval alleen nog per circulaire geactualiseerd voor wijzigingen van de bijstellingen van de inflatiecorrectie. Een actuele bijstelling voor inflatie is juist gewenst, omdat de uitgaven van gemeenten die er tegenover staan, ook met de inflatie muteren.

Brede koppeling

De ROB vindt dat de huidige brede koppeling beter een evenredige ontwikkeling van de middelen in het gemeentefonds borgt dan de oude smalle koppeling van weleer. De brede koppeling als normering biedt daarbij bescherming tegen ‘fiscal enginering’ door het rijk. Maar dan moeten wel de investeringsuitgaven van het nieuwe groeifonds meedoen met de brede koppeling. Die zijn nu nog buiten het netto uitgavenkader van rijk en daarmee buiten de normering van het gemeentefonds gehouden.

Accresberekening

Toekomstige bezuinigingen als gevolg van de extra corona-uitgaven moeten buiten de normering worden gehouden. Voor die corona-uitgaven hebben gemeenten ook geen accres genoten. De accresberekening moet voortaan door een derde partij worden gevalideerd. Het ROB adviseert daarnaast in de circulaires voortaan apart uitleg te geven over het deel van het accres als gevolg van de inflatiecorrectie.

Splitsing bekostiging autonome en medebewindstaken

Voor de lange termijn geeft de ROB in overweging het gemeentefonds te splitsen in een medebewinds- en autonoom deel. Voor het medebewindsdeel moet dan worden overgestapt naar een vast volume-accres dat gebaseerd is op de kostenontwikkeling van de desbetreffende taken. Die kostenontwikkeling moet dan door bijvoorbeeld het CPb worden geraamd. Ook adviseert de ROB om de financiële positie van gemeenten constant met kengetallen te monitoren om zo beter te kunnen beoordelen of de middelen in het gemeentefonds toereikend voor alle gemeentelijke taken zijn.  

Meer informatie