Er zijn grote verschillen in hoe ver gemeenten zijn gevorderd met het opstellen van Regionale Mobiliteitsprogramma’s (RMPs). Dat blijkt uit een rapport van Natuur & Milieu en CROW. De belangrijkste uitkomst is het gebrek aan regie rondom de RMPs, daarnaast is er gebrek aan capaciteit en middelen.

Het gebrek aan regie en ondersteuning staat een effectieve uitvoering van afspraken uit het Klimaatakkoord op lokaal niveau in de weg. Daarom zijn de aanbevelingen in het rapport:

  • een meer zichtbare, faciliterende en ondersteunende rol van het rijk in de totstandkoming van de RMPs
  • een eenduidige rekenmethodiek voor het vaststellen van CO2-uitstoot door mobiliteit en het doorrekenen van maatregelen
  • een betere koppeling en afstemming tussen de stijgende vraag naar (groene) stroom die voortkomt uit RMPs en de RES
  • een koppeling tussen het BO-MIRT en verstedelijkingsopgaven
  • kennisuitwisseling tussen de regiocoördinatoren
  • de mogelijkheid om een koppeling te leggen tussen de RMP’s en het BO-MIRT (en/of Regiodeals) en thema’s die relevant zijn voor de regio’s, zoals gezondheid (waaronder veiligheid en leefbaarheid), knelpuntbestrijding en woningbouw, zodat de regio het RMP politiek relevant kan maken

Reactie VNG

Wij herkennen de uitkomsten van dit rapport. Er is een integrale aanpak nodig die niet alleen inzet op CO2-reductie op het domein van mobiliteit, maar ook aansluit bij de verstedelijkingsopgave, economie, veiligheid en leefbaarheid. Gemeenten doen nu al wat mogelijk is, maar door een verschil in de situatie van gemeenten is er ook een groot verschil in hoe ver gemeenten zijn. Een deel van de gemeenten gebruikt het RMP actief. Een ander deel is er nog niet mee bezig of werkt nog aan een RMP. 

Gemeenten hebben de ambitie om in te zetten op het verduurzamen van mobiliteit en het vergroten van de leefbaarheid. Hiervoor is een RMP een belangrijke tool. Tegelijkertijd zijn er enkele randvoorwaarden die op orde moeten zijn, zoals bijvoorbeeld financiering, kennis en capaciteit. Voor de verdere uitvoering zijn we daarom afhankelijk van de tegemoetkoming voor uitvoeringslasten (zie de uitkomsten van het ROB-rapport naar de uitvoeringslasten van het Klimaatakkoord). Hierover vinden ook gesprekken plaats met het rijk. 

Wij ondersteunen de aanbevelingen uit het rapport. Alleen door een gezamenlijke aanpak van alle overheidslagen en met de juiste ondersteuning kunnen de afspraken uit het Klimaatakkoord en het RMP ook echt uitgevoerd worden.

Meer informatie