Het verbeteren van de zorg en ondersteuning voor mensen met een ernstige psychische aandoening (EPA) en het vergroten van de veiligheid vraagt om meer ruimte voor maatwerk, passende financiering en intensieve samenwerking. Zo stelt de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV).
De VNG herkent zich in de oplossingsrichtingen, de analyse van knelpunten en de aanbevelingen uit het OVV-rapport Kunnen doen wat nodig is.
Belemmeringen en knelpunten in de praktijk
Vernieuwende initiatieven voor mensen met een EPA lopen in de praktijk tegen belemmeringen aan: financieringsschotten, knellende transformatiegelden, personeelstekorten, oplopende wachtlijsten en groepstherapie als kostenbesparing. Deze knelpunten herkent de VNG uit de gemeentelijke praktijk. Zo constateerden we in onze inbreng voor een plenair Kamerdebat (137 kB) over verward en onbegrepen gedrag bijvoorbeeld dat structurele rijksfinanciering voor succesvolle initiatieven ontbreekt.
Rapport bevat 8 oplossingsrichtingen
Het OVV-rapport bevat 8 oplossingsrichtingen om de zorg en ondersteuning voor mensen met een ernstige psychische aandoening te verbeteren en de veiligheid te vergroten:
- Aansluiten op de leefwereld van de cliënt
- Brede samenwerking
- Ruimte en vertrouwen professionals
- Handelen vanuit een gedeelde visie
- Integrale en structurele financiering
- Het inrichten van ‘vrije ruimte’ (voor maatwerk en samenwerking)
- Het maken van fundamentele keuzes
- Blijvend leren en verbeteren in de zorg en ondersteuning
We herkennen hierin de uitgangspunten van het sociaal domein en de eerdere gezamenlijke oproep verward en onbegrepen gedrag (pdf, 245 kB). In deze oproep pleit de landelijke stuurgroep Zorg en Veiligheid ervoor dat rijk, gemeenten en uitvoeringsorganisaties koers bepalen vanuit een gedeelde visie en gericht acties ondernemen.
Rapport doet 10 aanbevelingen
In het OVV-rapport staan ook 10 samenhangende aanbevelingen. Samen beogen ze de randvoorwaarden te creëren die nodig zijn om mensen met een ernstige psychische aandoening vroegtijdig, domeinoverstijgend én afgestemd op hun wensen, behoeften en noden te helpen. De volgende aanbevelingen zijn onder meer aan gemeenten gericht:
- Aanbeveling 2: Expliciteer de reeds bestaande professionele ruimte.
- Aanbeveling 3: Stimuleer domeinoverstijgende financiering.
- Aanbeveling 5: Zorg ervoor dat in alle gemeenten de uitvoering van bemoeizorg duurzaam en structureel gewaarborgd is. Zie erop toe dat gemeenten bemoeizorg in lijn met de oplossingsrichtingen uit dit rapport vormgeven en zorg ervoor dat deze toereikend is voor de lokale context. Overweeg om een afzonderlijke rijksbijdrage aan gemeenten te herintroduceren.
- Aanbeveling 6: Stimuleer dat gemeenten procesafspraken maken met lokale partijen in zorg en ondersteuning om bij vastgelopen situaties – waarin een cliënt zorg, ondersteuning en veiligheid nodig heeft, maar dit onvoldoende tot stand komt – gezamenlijk weer beweging in de situatie te brengen. Uitgangspunt is dat partijen – over domein- en organisatiegrenzen heen - (opnieuw) bepalen wat er nodig is en welke bijdrage ieder daaraan kan leveren.
Als VNG herkennen we deze aanbevelingen. Ook gaan we graag aan de slag met de uitwerking ervan, met onze partners uit de landelijke stuurgroep Zorg & Veiligheid én met de Nederlandse Zorgautoriteit, Zorginstituut Nederland en Zorgverzekeraars Nederland. Daarbij willen we kijken naar de door de OVV geschetste mogelijkheden binnen het huidige stelsel en de door haar geschetste mogelijke stelselwijzigingen.