Burgers doen steeds meer een beroep op gemeenten vanwege dierenwelzijn. Gemeenten willen hier wel aan bijdragen, maar hun bestuurlijke mogelijkheden hiertoe zijn heel beperkt. De VNG vraagt minister Schouten om gemeenten meer bevoegdheden te geven om een eigen dierenwelzijnsbeleid te voeren.

Het ministerie van LNV is onlangs gestart met de evaluatie van de Wet Dieren. Op basis van de uitkomsten wordt de Wet Dieren aangepast. In een brief aan de minister en de betrokken Kamerleden geven we onze input, met het verzoek deze mee te nemen in de evaluatie.

Bevoegdheden

Binnen kaders van de Wet Dieren zouden gemeenten op onderdelen van het dierenwelzijnsbeleid zelf kunnen kiezen voor een afgestemde invulling van dat beleid. Voorbeelden zijn:

  • Bevoegdheden met betrekking tot het al dan niet toestaan van evenementen met dieren in de gemeente. Denk hierbij aan het al dan niet mogen verbieden van bijvoorbeeld circussen met levende dieren (wilde dieren zijn al verboden), kerststallen met levende dieren, roofvogelshows, pop-up kinderboerderijen bij braderieën en de inzet van een haan bij een traditie als Kallemooi.
  • Bevoegdheden om sneller en effectiever te kunnen optreden bij signalen van dierenleed. Enerzijds constateren wij dat handhavende instanties als LID en NVWA op dit moment te weinig capaciteit/tijd hebben om signalen van dierenleed in gemeenten op te volgen, anderzijds beschikken gemeenten met de BOA’s over de ‘dagelijkse oren en ogen op straat’. Door BOA’s een rol te geven in de handhavingsketen dierenwelzijn kan de handhavingsketen worden versterkt.
  • Bevoegdheden om, als de gemeente dit wil, de verkoop van levende dieren in tuincentra, bouwmarkten en dierenwinkels te verbieden.

Meer informatie