In 2020 wordt onderzoek gedaan naar de uitvoeringslasten van het Klimaatakkoord voor gemeenten, provincies en waterschappen. Onlangs was in het Zeeuwse Kapelle de eerste bijeenkomst om de decentrale overheden te informeren. 

Op de bijeenkomst hebben de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de VNG 3 onderwerpen toegelicht: de kaders van het onderzoek, de rol van de ROB en de taken die leiden tot extra uitvoeringslasten. Zo is verteld dat alleen de uitvoeringslasten om het proces te organiseren worden onderzocht en niet de lasten voor verduurzamingsmaatregelen zelf. 

Vanaf april gaat een onderzoeksbureau in gesprek met overheden om scherp te krijgen wat deze uitvoeringslasten precies zijn. Uiteindelijk brengt de ROB eind 2020 een advies uit over zowel de lasten als de bekostigingswijze.

Maatwerk per regio

In de bijeenkomst is onder meer aandacht gevraagd voor maatwerk per regio. Zo hebben Zeeuwse gemeenten veel te maken met water als fysieke barrière, wat gevolgen heeft voor de investeringslasten van warmtenetten en het verzwaren van het elektriciteitsnet. Als deze lasten lokaal zouden worden gedragen, leidt dit tot relatief hoge lasten door het beperkte aantal inwoners, de vele kernen en het grote ommeland. Zulke factoren moeten worden meegenomen in het verdere onderzoek.

Volgende bijeenkomsten

Er stonden nog 2 regionale bijeenkomsten gepland. Vanwege de maatregelen van het kabinet betreffende het coronavirus zijn deze helaas tot nader order uitgesteld.