In een tijd van onzekerheid roept VNG-voorzitter Sharon Dijksma op tot een trendbreuk: minder tegenwerking, meer samenwerking en langetermijnvisie. Ze vraagt Den Haag om met gemeenten, provincies en waterschappen één gezamenlijke agenda voor Nederland te maken.

In haar speech op de Najaars ALV in Utrecht begint Dijksma met een moment van reflectie. ‘In deze onzekere tijd zijn mensen op zoek naar houvast en perspectief. Dat hebben ze de afgelopen jaren gemist. In de politiek zagen ze te vaak tegenwerking in plaats van samenwerking. Het ging te veel over het nu en niet over de komende 5 of zelfs 20 jaar. Ook ontbrak het aan echte doorbraken en oplossingen van problemen waar mensen dagelijks tegenaan lopen.’

Dat vraagt volgens haar om leiderschap met langetermijnvisie, dat niet uitsluit maar insluit en dat idealen koppelt aan pragmatiek om tot uitvoering te komen. Een extra stap zetten om het goede te doen. ‘Opnieuw zeg ik tegen Den Haag: wij zijn er klaar voor, wij doen erg graag mee en reiken de hand.’

Trendbreuk in samenwerking

Om samen een agenda voor Nederland te maken, is volgens Dijksma een ‘trendbreuk’ nodig in de samenwerking tussen overheden. Ze sprak enthousiast over de Studiegroep Interbestuurlijke Verhoudingen onder leiding van Han Polman. Ze hoopt dat de adviezen niet alleen omarmd, maar ook uitgevoerd worden. ‘Het is belangrijk dat er één gezamenlijke agenda komt van rijk, provincies, gemeenten en waterschappen, met duidelijke afspraken over randvoorwaarden, ook financieel, zodat grote opgaven niet vastlopen op onduidelijkheid of gebrek aan middelen.’ Daarnaast pleitte ze voor een helder proces voor geschillenbeslechting, zodat verschillen van inzicht voortaan samen worden opgelost en niet bij de rechter belanden.

Bouwstenen voor een regeerakkoord

Dijksma licht vervolgens de bouwstenen toe die de VNG samen met een brede alliantie van maatschappelijke partners heeft opgesteld voor een nieuw regeerakkoord. ‘We hebben hier erg hard aan gewerkt. Het is een praktische handreiking om Nederland samen met medeoverheden en maatschappelijke partijen weer in beweging te krijgen.’ De bouwstenen zijn gestoeld op uitvoeringskracht en praktijkervaring en bevatten onder meer een forse investeringsagenda voor wonen, infrastructuur en stikstof, voorwaarden om zorgkosten beheersbaar te houden en een humaan, uitvoerbaar asiel- en migratiebeleid. 

Collegiaal bestuur als voorbeeld

Dijksma kijkt vol vertrouwen uit naar de gemeenteraadsverkiezingen in maart die zij omschrijft als ‘de echt verkiezingen’. Volgens haar laten gemeenten zien dat samenwerking echt werkt en ze spreekt de hoop uit dat dat overeind blijft. ‘Laten we als eerste overheid zorgen voor stabiele colleges en een inspirerend voorbeeld zijn voor Den Haag. Zo versterken we het vertrouwen en bouwen samen aan een krachtiger, groener en menselijker Nederland.’