‘Neem de lokale problematiek als uitgangspunt’

VNG Magazine nummer 19, 7 december 2018

Auteur: Marten Muskee

Drie vragen aan ... Marcel Boogers, bijzonder hoogleraar innovatie en regionaal bestuur Universiteit Twente
 



Marcel Boogers deed in opdracht van de Tweede Kamer onderzoek naar decentralisatie, schaalvergroting en lokale democratie. Specifiek naar de gevolgen hiervan voor de rollen en posities van lokaal bestuurders en voor bestuurskracht en democratie.

1. Decentralisaties en schaalvergrotingen maken het werk van raadsleden en wethouders complexer. Hun ondersteuning kan beter provinciaal of regionaal worden geregeld. Waarom?
‘Het werk is ingewikkelder geworden, ook minister Ollongren erkent dat. Zij wil raadsleden en wethouders meer ondersteunen via hun beroepsverenigingen. Denk daarbij na of je die ondersteuning regionaal of provinciaal kunt organiseren. Voordeel daarvan is dat met name raadsleden elkaar op die manier in regionaal verband beter leren kennen. Zo krijgen ze beter begrip voor elkaars lokale wensen, belangen en omstandigheden en ontstaat een gezamenlijk regionaal beeld van wat er moet gebeuren. Regionale ontmoetingen voor raadsleden versterken zo de regionale democratie. De provinciale afdelingen van de VNG kunnen daar een belangrijke rol in spelen.’

2. Decentralisaties leiden volgens het onderzoek nog maar nauwelijks tot meer lokaal maatwerk. U pleit voor een ander perspectief in decentralisatiewetgeving. Welk perspectief?
‘In de decentralisatiewetgeving wordt nog te weinig gekeken naar de belangen van gemeenten. Vaak gaat het om een door de rijksoverheid uitgevoerde taak die problemen oplevert en die vervolgens wordt overgeheveld naar gemeenten. Men vergeet daarbij eerst te kijken naar wat gemeenten nodig hebben om hun taken beter uit te voeren. Hoe kunnen we gemeenten met een geëigend juridisch instrumentarium beter ondersteunen? Op deze manier neem je de lokale problematiek als uitgangspunt om te kijken hoe het Rijk daarbij kan ondersteunen. Een mooi voorbeeld is de Rotterdamwet. De wetgever gaf de gemeente de ruimte om de concentratie van sociale problemen in de wijken tegen te gaan. Stel de vraagstukken van gemeenten meer centraal en niet alleen de bezuinigingsdoelstellingen van het Rijk. De gedachte is dat gemeenten hun problemen beter kunnen aanpakken door ze extra taken te geven. Dat is ook wel zo, maar er wordt te weinig nagedacht over de juridische, bestuurlijke en financiële randvoorwaarden die daarvoor nodig zijn. Na de decentralisaties zitten de gemeenten met de brokken. Die lossen dat prima op, maar het gevolg is dat gemeenten groter zijn geworden en dat ongeveer 40 procent van de gemeentelijke budgetten in regionaal verband wordt uitgegeven. Het zwaartepunt van het lokaal bestuur is naar de regio verschoven.’

3. Het zou goed zijn als er spelregels komen voor het te voeren debat over de schaal en taken van gemeenten. Wat moeten die behelzen?
‘Het debat over de schaal en de taken van het lokaal bestuur worden gedomineerd door lokaal bestuurders die een eigen belang hebben bij de uitkomst van het debat. Zet de belangen van inwoners, bedrijven, instellingen en corporaties wat meer centraal in het debat. Die hebben duidelijke opvattingen over hoe Nederland bestuurlijk in elkaar steekt. Natuurlijk weet ik ook wel dat die partijen daar soms iets te gemakkelijk over denken, maar toch, luister naar hun belangen en neem ze mee in het debat. De aanpak van maatschappelijke problemen hoort centraal te staan, niet de wensen van raadsleden en bestuurders.’