Landelijke voorziening WOZ: Louter voordelen

nummer 2, 10 februari 2017

Auteur: Paul van der Zwan

Ruim de helft van de gemeenten is aangesloten op de Landelijke voorziening WOZ, met gegevens over onder meer de waarde van onroerende zaken. De overige gemeenten doen zichzelf tekort, vindt bestuurlijk aanjager van de LV WOZ Geert Jansen. Hij raadt hun aan vaart te maken met de aansluiting.

Wie heeft het niet een keer gedaan: via internet de WOZ-waarde opzoeken van het huis van een buur of kennis? Gewoon, uit nieuwsgierigheid. Ook Geert Jansen bezocht om die reden het WOZ-waardeloket weleens privé. Dat loket geeft burgers toegang tot waardegegevens van onroerende zaken. Handig vooral voor als je een woning wilt kopen of verkopen. Het gebruik van het loket heeft Jansen verrast: ‘Het wordt tot wel vijfduizend keer per dag bezocht. Dergelijke aantallen had ik pas verwacht nadat de WOZ-beschikkingen waren verstuurd, en dat is in lang niet alle gemeenten al gebeurd.’

Oliemannetje

Voorwaarde voor een blik in het waardeloket is wel dat de gemeente waar het object in ligt, is aangesloten bij de Landelijke voorziening WOZ (LV WOZ). Dat zijn er steeds meer. Jansen, voormalig commissaris van de Koningin in Overijssel en oud-voorzitter van de Waarderingskamer, bezocht vorige week De Wolden, de tweehonderdste gemeente die is aangesloten. Dat zijn er veel meer dan de dertig gemeenten op 1 april vorig jaar toen Jansen, die is aangesteld door het ministerie van BZK, begon met zijn werk als ‘oliemannetje’. Hij moet de aansluiting van gemeenten en samenwerkingsverbanden op de LV WOZ versoepelen en versnellen.

Burgers hebben geen toegang tot de LV WOZ, die is bedoeld voor afnemers zoals de Belastingdienst, het Centraal Bureau voor de Statistiek en de waterschappen. De gegevens in dat overzicht over objecten zijn uitgebreider dan de gegevens in het WOZ-waardeloket. Zo bevat de LV historische gegevens over die objecten. Het waardeloket ontleent zijn gegevens aan de LV WOZ, maar geeft alleen informatie over waarde, bouwjaar en oppervlakte.

Sinds 1 oktober vorig jaar is de WOZ-waarde van woningen openbaar. Gemeenten die niet zijn aangesloten op de landelijke voorziening ontkomen niet aan de plicht tot informatie. Dat levert ze veel extra werk op. ‘Zij moeten immers zelf een soort loket organiseren of op een andere manier de vragen beantwoorden.’

Aansluiting op de LV WOZ biedt volgens Jansen louter voordelen. De administratieve last van het afzonderlijk versturen van allerlei bestanden naar de Belastingdienst, het CBS en de waterschappen verdwijnt. ‘Dat bespaart ook veel kosten.’ Er komen overigens steeds meer afnemers bij, zoals fraudebestrijdende notarissen die zich bij gemeenten melden.

De LV WOZ werkt met een generieke voorziening voor berichtenverkeer en informatieoverdracht binnen de overheid. Net als de Basisregistratie Adressen en Gebouwen en de Basisregistratie van het Kadaster. Jansen: ‘Dat vergemakkelijkt de gegevensuitwisseling en dat komt de dienstverlening van de overheid aan burgers en bedrijven weer ten goede.’

Geld voor technische aanpassingen wil weleens een probleem zijn

Niet de hoogste prioriteit

Daarnaast heeft aansluiting op de landelijke voorziening niet overal evenveel politiek-bestuurlijke aandacht. ‘Ik heb vlak na mijn aantreden twee keer geprobeerd een bestuurdersconferentie te organiseren over het onderwerp. Maar het leefde niet echt.’ Jansen snapt best dat het niet de hoogste prioriteit heeft in het dagelijks werk van lokaal bestuurders. ‘Ook al verloopt de aansluiting op de LV WOZ goed, dan heb je er politiek-bestuurlijk nog nauwelijks plezier van. Gaat het echter fout, dan heb je een probleem.’

Puur technische belemmeringen voor de aansluiting op de LV zijn er volgens Jansen niet. ‘Maar geld voor technische aanpassingen wil weleens een probleem zijn.’ Daarnaast ontbreekt het sommige gemeenten aan de juiste mensen. ‘Gemeenteambtenaren moeten tegenwicht kunnen bieden aan de softwareleveranciers, die natuurlijk gespecialiseerd zijn en veel kennis hebben. De gemeente moet wel in staat zijn om zelf de juiste beslissingen te nemen.’

De verplichte levering van historische gegevens voor de LV WOZ heeft bij veel gemeenten eveneens voor vertraging gezorgd. Jansen: ‘Soms ontbreken historische gegevens helemaal. Zo kan het zijn dat een verbouwing nog niet in het oude systeem was ingevoerd of is een toegekend bezwaar in een oude waardering niet verwerkt in het systeem. Dan worden de huidige gegevens niet gestaafd door de historische gegevens.’

Versoepeling

Jansen heeft de plicht tot toevoeging van historische gegevens al in een vroeg stadium aangekaart bij het ministerie van BZK. ‘Je moet namelijk niet het onmogelijke vragen van gemeenten. Dat neemt echter niet weg dat de druk er wel op moet blijven.’

De versoepeling is er inmiddels. ‘Met de Waarderingskamer is een afspraak gemaakt over de aanpak van historische gegevens. ‘Die moet in principe binnen twee à drie jaar in orde zijn. Die periode lijkt lang, maar vergeet niet dat wanneer je bent aangesloten op de LV WOZ, je nog wel een jaar bezig bent om de ruis uit je gegevens te halen.’

Die versoepeling heeft in veel gemeenten gewerkt als steuntje in de rug. ‘Maar we zijn er nog niet’, verzekert Jansen. Wat moet er gebeuren om gemeenten het laatste zetje te geven? ‘Persoonlijk contact is de beste methode. Onlangs was ik bij een gemeente die een wisseling had van partner bij de belastinguitvoering. Zo’n bezoek helpt om aandacht te krijgen voor dat probleem. Maar ik kan natuurlijk niet bij iedere gemeente op bezoek.’

Temeer omdat Jansen niet meer zoveel tijd rest als oliemannetje. Zijn aanstelling loopt af op 1 maart. Maar hij weet vrij aardig waar de problemen zitten. ‘Ik bespreek maandelijks met de VNG, alle grote softwareleveranciers en het Kadaster waar het moeizaam loopt. Ik heb dus wel in mijn hoofd waar ik nog op bezoek zal gaan.’ Jansen levert bij zijn vertrek als bestuurlijk aanjager een lijst met gemeenten die nog een zetje nodig hebben.

Na zijn vertrek blijft Jansen nog wel beschikbaar om een aantal stakeholdersvergaderingen voor te zitten en zo nodig zal hij ook nog wel wat gemeenten bezoeken. ‘Ik denk mijn activiteiten voor 1 juli definitief af te ronden.’

Jansen is optimistisch over de stand van zaken tegen die tijd. ‘Dan zullen vrijwel alle gemeenten aangesloten zijn.’