Jurisprudentie opzeggen duurovereenkomsten met netbeheerders

U vindt op deze pagina een overzicht van de ons bekende jurisprudentie over het opzeggen van duurovereenkomsten met netbeheerders.

Hoge Raad

  • HR 28 oktober 2011 (De Ronde Venen/Stedin):
    Een beleidswijziging kan voldoende grond voor opzegging zijn. In dit geval stelde de gemeenteraad de Leidingenverordening vast waarin was geregeld dat de kosten van een eventueel noodzakelijke verplaatsing van leidingen en kabels niet voor rekening van de gemeente zijn, maar voor de eigenaar. Slechts wanneer de kabels en leidingen minder dan 15 jaar in de grond liggen geldt een aanspraak op nadeelcompensatie. Hier brengen volgens de Hoge Raad de eisen van redelijkheid en billijkheid niet mee dat de gemeente, in verband met het feit dat de vergoeding van de kosten van een noodzakelijke verlegging onder de Verordening minder gunstig wordt voor Stedin, een zwaarwegende grond voor de opzegging dient te hebben. ECLI:NL:HR:2011:BQ9854(opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-4817)

Hof

  • Hof ‘s-Hertogenbosch 19 december 2017 (Brabant Water/Bernheze c.s.)
    Geen zwaarwegende grond vereist voor opzegging van de duurovereenkomst door de gemeente.
    ECLI:NL:GHSHE:2017:5907 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6820)

  • Hof Arnhem-Leeuwarden 12 september 2017 (Vitens/Voorst)
    Opzegging van de duurovereenkomst door de gemeente was slechts mogelijk indien er een zwaarwegende grond voor opzegging bestond. Die zwaarwegende grond achtte het hof niet aanwezig. ECLI:NL:GHARL:2017:8029 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6796)
     
  • Hof Arnhem-Leeuwarden 12 september 2017 (Liander/Voorst)
    Opzegging van de duurovereenkomsten door de gemeente was slechts mogelijk indien er een zwaarwegende grond voor opzegging bestond. Die zwaarwegende grond achtte het hof niet aanwezig. ECLI:NL:GHARL:2017:8035 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6799)

Rechtbank

  • Rechtbank Noord-Holland 11 januari 2017 (Liander/Schagen):
    Duurovereenkomst wordt vervangen door een publiekrechtelijke regeling waaronder een precarioheffing. Geen zwaarwegende grond voor opzegging noodzakelijk. Opzegtermijn van vijf maanden is redelijk. ECLI:NL:RBNHO:2017:1102 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6675)
  • Rechtbank Oost-Brabant 4 mei 2016 (Endinet/Veghel, Bernheze, Uden):
    In de bodemprocedure oordeelt de rechtbank dat de door de gemeenten in de opzeggingsbrief genoemde redenen voldoende zwaarwegend zijn om de opzegging te rechtvaardigen. ECLI:NL:RBOBR:2016:2348(opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6502)
  • Rechtbank Midden-Nederland 4 mei 2016 (Vitens/Wijk bij Duurstede):
    Opzegging duurovereenkomst door gemeente in verband met precarioheffing. Hiervoor is geen zwaarwegende grond vereist. Er is bovendien sprake van een redelijke opzegtermijn en er is geen verplichting voor de gemeente om een vergoeding aan te bieden. ECLI:NL:RBMNE:2016:2501 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6506)
  • Rechtbank Overijssel 23 maart 2016 (Gasunie/Deventer):
    De gemeente zegt de overeenkomst op en stapt over op een bestuursrechtelijk regime. Hiervoor is geen zwaarwegende grond of schadevergoeding vereist. Er is sprake van een redelijke opzegtermijn. ECLI:NL:RBOVE:2016:5326 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6692)
  • Rechtbank Gelderland 20 januari 2016 (Alliander/Arnhem):
    De wens tot het vaststellen van een eenvormige publiekrechtelijke regeling voor alle partijen die in gemeentegrond leidingen willen hebben, vormt voldoende reden voor de gemeente om de opzegging van de duurovereenkomst voor onbepaalde tijd te dragen. Omdat er in 1990 voor de overdracht van het leidingennetwerk is betaald, ziet de rechtbank reden om te onderzoeken of er een financiële vergoeding moet komen. ECLI:NL:RBGEL:2016:417 (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6465)
  • Rechtbank Zeeland-West-Brabant 13 januari 2016 (Brabant Water/Bernheze, Oss, Uden, Veghel):
    Overeenkomsten worden vervangen door een publiekrechtelijke regeling met een vergunningplicht voor elk afzonderlijk graafproject en een beperkte verlegkostenregeling. Er was geen zwaarwegende grond voor opzegging nodig. Opzegtermijn van zeven maanden is niet te kort en de gemeenten hoeven geen schadevergoeding aan te bieden. ECLI:NL:RBZWB:2016:168
  • Rechtbank Oost-Brabant 1 juli 2014 (Endinet/Veghel, Bernheze, Uden):
    De gemeenten hebben de overeenkomsten met Endinet per 1 juli 2014 opgezegd en gezegd voortaan te gaan werken met een verordening. In de overeenkomsten is ontbinding en vernietiging expliciet uitgesloten, maar opzegging niet. De overeenkomsten konden volgens de voorzieningenrechter zonder zwaarwegende reden worden opgezegd. Ook onder de verordening is Endinet geen tegenprestatie verschuldigd voor het hebben van leidingen in gemeentegrond. Alleen de regeling van de vergoeding van kosten van verplaatsing wordt gewijzigd, in die zin dat nog slechts de mogelijkheid van nadeelcompensatie bestaat als de leidingen minder dan 15 jaar in de grond liggen. (opgenomen in de VNG Jurisprudentie Databank onder nummer VNG-6105)