De vraag is wie wat bijdraagt

Nummer 11, 30 juni 2017

Auteur: Jantine Kriens

Deze week hoorde ik een mooi voorbeeld van service door een gemeente. Een collega liet samen met het huisvuil zijn portemonnee in de ondergrondse container vallen. De gemeente stuurde na een telefoontje meteen iemand met een grijper om de portemonnee eruit te halen en toen dat niet lukte, maakte een van de huisvuilwagens een kleine omweg om de container op te tillen en leeg te schudden totdat de portemonnee tevoorschijn kwam. Een mooi staaltje dienstverlening.

Een voorbeeld als dit laat zien dat de mensen die in gemeenten werken gemotiveerd zijn om hun inwoners van dienst te zijn. Dat geldt ook voor bestuurders die gericht sturen op de kwaliteit van het leefklimaat in hun gemeente en regio. Geen gemeente kan dat zonder anderen, van inwoners tot medeoverheden. Steeds belangrijker worden bovendien data: diepgaande kennis van lokale en regionale ontwikkelingen.

Het tempo van verandering is hoog, inwoners zijn mondiger en vraagstukken doen zich bijna nooit voor langs één beleidslijn. Het belang van cijfers en feiten mét duiding is daarmee actueler dan ooit. Politieke partijen en volksvertegenwoordigers moeten immers tot in de haarvaten weten wat er gebeurt in een veranderende en complexe samenleving. Het wordt steeds belangrijker om te beschikken over actuele en specifieke data. In de recent verschenen tweede editie van De Staat van de Gemeenten bieden medewerkers van de VNG u een deel van die informatie: het is een staalkaart van trends en ontwikkelingen in gemeenteland.

Het belang van cijfers en feiten mét duiding is actueler dan ooit

Wat opvalt, is dat alle grote opgaven van onze tijd op de een of andere manier ingrijpen in gemeenten. Zonder gemeenten kunnen de meeste landelijke en regionale vraagstukken niet worden opgelost, en omgekeerd slaan lokale vraagstukken vaak neer op regionaal, landelijk en Europees niveau. Samenwerken is dus het devies: handelen en denken vanuit de inwoners van dorpen en steden. En daarbij hoort ruimte voor democratische toewijzing van financiën aan opgaven. Daarbij horen in elk geval geen opschalings- en apparaatskortingen; dat past niet bij de verhoudingen tussen medeoverheden.

Gemeenten kunnen hun taak alleen goed uitvoeren als ze een gelijkwaardige partner zijn van de landelijke overheid en kunnen rekenen op voorspelbare financiën. De vraag is niet wie erover gaat, de vraag is wie wat bijdraagt. En dat is dan meteen de boodschap die ik de formateur van een nieuw kabinet zou willen meegeven.

Ik wens iedereen een mooie zomer en ik hoop dat er na de zomer op de trappen van Paleis Huis ten Bosch een kabinet staat dat met gemeenten verder wil werken aan de grote opgaven in het sociale domein, op het gebied van klimaatadaptatie en veiligheid.

Jantine Kriens, algemeen directeur van de VNG, jantine.kriens@vng.nl, @kriens